Het gaat om vele miljarden guldens; Pensioenfondsen: meer investeren in buitenland

AMSTERDAM, 26 JAN. De Nederlandse pensioenfondsen zullen de komende jaren vele miljarden guldens extra in buitenlandse aandelen steken. Daarbij zullen de middelgrote pensioenfondsen en de fondsen voor de semi-publieke sector, zoals PGGM en het Spoorwegpensioenfonds, de trend volgen die is ingezet door de pensioenfondsen van grote concerns als Shell en Philips die zo'n 30 procent of meer van hun vermogen in aandelen beleggen.

Dat verwacht Frederick Grauer, bestuursvoorzitter van BZW Barclays Global Investors, de een na grootste externe beheerder van Nederlandse pensioengelden (ABN Amro is de grootste). Barclays beheert naar zijn zeggen voor 8 miljard dollar (ongeveer 13 miljard gulden) aan vermogen van Nederlandse pensioenfondsen, waaronder het ambtenarenpensioenfonds ABP en het KPN Pensioenfonds. Barclays Global Investors had eind vorig jaar 256 miljard dollar (ruwweg 375 miljard gulden) onder beheer voor pensioenfondsen en andere professionele beleggers. De vanuit San Francisco werkende fundmanager heeft meer klanten (1.000) dan werknemers (800).

De investeringsfirma is sinds de overname vorig jaar van de Amerikaanse vermogensbeheerder Wells Fargo Nikko de grootste aanbieder van zogeheten index beleggingen, dat zijn effectenportefeuilles die zo zijn samengesteld dat zij naadloos de ontwikkeling van de beursindex volgen. Het volgen van de beursindex is ideaal voor partijen die zich niet druk willen maken over de vraag in welke bedrijven zij moeten beleggen, maar alleen over welke regio's en beleggingsalternatieven (aandelen, obligaties, vastgoed of deposito's) zij moeten selecteren.

Barclays Global Investors claimt met indexbeleggingen de grootste te zijn in de vijf belangrijkste pensioenmarkten: Amerika, Japan, Engeland, Nederland en Canada. Dankzij het Nederlandse pensioensysteem, waarbij werknemers verplicht zijn te sparen voor hun pensioenvoorziening, beschikken het Nederlandse bedrijfsleven en de overheid over zo'n 500 miljard gulden opgebouwd pensioenvermogen dat rendabel belegd moet worden.

Grauer was gisteren in Nederland om de post-fusie combinatie van Barclays en Wells Fargo Nikko bij zijn cliënten te introduceren. Een kenmerkend voordeel van beleggen volgens de beursindex is dat het veel goedkoper is dan het (laten) beheren van beleggingsportefeuilles waarin actief aandelen worden opgespoord die beter renderen dan de totale effectenbeurs. Grauer:“Wij zijn zuinig en dat spreekt Nederlanders blijkbaar wel aan.”

Volgens Grauer is het aan- en verkopen van effecten om de beste aandelen te selecteren de grootste kostenpost voor een fundmanager: gemiddeld ongeveer 1 procent van zijn belegd vermogen. Barclays Global Investor heeft dat volgens hem terug gedrongen naar 0,4 procent voor Europese en Japanse effectenportefeuilles, terwijl de Amerikaanse portefeuille (gebaseerd op de S&P 500 beursindex), zelfs op 0,1 procent aan- en verkoopkosten zit. Door zijn gigantische omvang kan Barclays zelf als effectenmarkt voor zijn klanten optreden, zo legt hij uit, en daarbij tussenpersonen uitschakelen. Barclays Global Investor verdient zelf zijn geld aan de vergoeding die gebaseerd is op het toevertrouwde vermogen, volgens Grauer minder dan 0,1 procent op index beleggingen.

De komende vijf jaar mikt hij op een verdubbeling van het beheerd vermogen in Nederland en van het aantal klanten (nu 18). De verschuiving naar meer beleggingen in buitenlandse aandelen zal zich als een olievlek verspreiden in de Nederlandse pensioenwereld. “Onze ervaring van de laatste vijf jaar met Nederlandse beleggers is dat zij op wereldschaal in aandelen zijn gaan beleggen”, zegt Grauer. “Zij zijn een van de meest sophisticated beleggers.”

Deze trend onder de grote partijen zullen de wat kleinere pensioenfondsen en de beheerders van pensioengelden van de semi-overheidbedrijven en de zorgsector overnemen. Ook gigant ABP, die zo'n 220 miljard gulden vermogen beheert, is sinds enkele weken niet meer gebonden aan wettelijke beperkingen in zijn beleggingsbeleid en mag voor veel grotere bedragen in het buitenland investeren. Welke regio's in het buitenland populair zijn bij Nederlandse pensioenfondsmanagers, weet Grauer exact. “Ik voel mij niet vrij om over de strategie van mijn klanten te praten.”

Bij de expansiedrang in Nederland verwacht Grauer veel van een nieuwe trend naar veel individueler pensioenbeheer. Deze trend is in Amerika al populair en en in Engeland sterk in opkomst. “De werkgever en de werknemer blijven allebei pensioenpremie betalen. Het verschil is straks dat de werkgever een aantal vermogensbeheerders selecteert die hun diensten mogen aanbieden en dat de werknemer mag kiezen, op basis van zijn eigen wensen en behoeftes, met wie hij in zee wil gaan.”

Het voordeel voor de werkgever is dat hij niet langer het pensioen garandeert (defined benefit), maar slechts zijn premiebijdrage (defined contribution). Daarom is het voor werkgevers -steeds meer belust op kostenreducties- goedkoper en dus attractiever. De aantrekkingskracht voor de werknemer zit 'm volgens Grauer in het feit dat hij zijn opgebouwde pensioen kan meenemen als hij na een paar jaar een andere baan kiest en dat hij meer keuzevrijheid heeft bij zijn beleggingen. De nieuwe vraag is:“How best to invest your money?

    • Menno Tamminga