De huisvuilzak is echt passé

IJSSELSTEIN, 26 JAN. Sommige feestjes in Oostzaan kennen een wonderlijk slotritueel. Gasten van buiten het dorp krijgen bij het afscheid een zak huisvuil toegestopt om dat mee naar huis te nemen. Voor Oostzaners is het een van de manieren om te besparen op hun afvalkosten.

Sinds 1993 betalen de inwoners van Oostzaan een afvaltarief per kilo. De inhoud van elke afvalcontainer, met chip, wordt gewogen en geregistreerd. Het systeem werkt goed, zegt milieu-wethouder J. van Splunter. “De vuilniswagen reed eerst vijf en nu nog maar twee dagen per week.”

De aanpak van Oostzaan stond gisteren ter discussie op een symposium in IJsselstein over gedifferentieerde afvaltarieven, Diftar, dat was belegd door de Stichtse Milieu Federatie. Op verzoek van het ministerie van VROM zijn in Oostzaan en het Drentse Zuidlaren inzamelingssystemen ontwikkeld waarbij het afval wordt gewogen. Inmiddels is Diftar een geliefd gespreksthema bij gemeentebestuurders, ambtenaren en milieubeschermers.

Er is ontduiking, erkent wethouder Van Splunter. Naar schatting 'verdwijnt' in Oostzaan nu vijf procent van het totale huishoudelijk afval. Doordat een zakje aan vrienden wordt meegegeven of doordat de werkgever met het huisvuil wordt opgezadeld. Het komt niet in de natuur terecht, verzekert Van Splunter.

De filosofie achter Diftar is dat de burger gestimuleerd wordt om zijn afval te scheiden en te beperken, onder het motto: de vervuiler betaalt. Er zijn eenvoudige systemen, zoals de verplichte dure zak. In Nijkerk gebeurt dat al zo'n twintig jaar en als eerste grote gemeente wil Nijmegen dit jaar een 'gemeentezak' invoeren.

Zuinige vervuilers proppen zo'n zak stevig vol en daar zit meteen het bezwaar: er zijn weinig vuilnisophalers die heelhuids hun pensioen halen. Sinds het rapport 'Arbeidsbelasting van beladers' dat de Nederlandse Vereniging van Reinigingsdirecteuren vorig jaar publiceerde, lijkt het erop dat de zak zijn langste tijd heeft gehad.

De comeback van de vuilnisbak, nu met chip, lukt alleen met een grondige voorbereiding, aldus E. Walgaard, medewerker milieu van het Limburgse Margraten. Samen met Eijsden werkt deze gemeente aan een systeem voor gewogen inzameling. Spookadressen, niet bestaande postcodes, gewijzigde straatnummers en verkeerde chips zorgden in Margraten voor allerlei problemen. “Niet alleen moest geregistreerd worden welk dekselnummer bij welk adres hoorde, maar we wilden ook weten dat container X daadwerkelijk op adres X in gebruik was en niet bijvoorbeeld bij de buren”, aldus Walgaard.

Gewogen inzameling gebeurt nu alleen in landelijke gemeenten, waar bewoners gemakkelijk een 140 liter container of een 25 liter emmer kunnen plaatsen. De vraag is hoe het systeem werkt in de grote steden met veel hoogbouw. In Waalwijk begint dit jaar in een hoogbouwwijk een experiment met gewogen inzameling.

Op het symposium heerste ook enige scepsis over de noodzaak van afvalweging. Het systeem werkt immers alleen als er voorzieningen in de buurt zijn, waar de burger zijn gescheiden afval kwijt kan. Met voorlichting is dan wellicht al voldoende effect te bereiken. Een financiële prikkel via een gedifferentieerd tarief voegt dan nog maar weinig toe, te meer omdat het voordeel voor de burger hoogstens enkele tientjes zal bedragen.

Het psychologische effect moet niet worden onderschat, meende een deelnemer. “Ook al zou het systeem duurder zijn, dan weet ik tenminste dat ik voor mijn eigen rotzooi betaal en niet voor dat van de buren.”

Uitwassen als afvaltoerisme kunnen worden voorkomen als gewogen inzameling op grotere schaal wordt ingevoerd. Er is echter veel weerstand, zegt wethouder Van Splunter. “Voor veel gemeenten is het toch een sprong in het diepe. En de afvaloverlegorganen hebben geen enkel belang bij minder huisvuil, want die afvalovens moeten toch vol.”

    • Bert Determeijer