Paddestoelen

Fotografe Jacquie Wessels fotografeerde in het openbaar etende mensen, Hanneke Breuker interviewde verschillende mensen over een bijzondere eetervaring. Tekst en foto hebben geen direct verband met elkaar, maar ze zeggen wel alletwee iets over wat iedereen dagelijks doet: eten.

Naam: Hans Edouard Werlemann. Geboorteplaats: Rotterdam. Woonplaats: Rotterdam. Nationaliteit: Nederlands. Geslacht: mannelijk. Leeftijd: 47 jaar. Kleur haar: middenbruin. Kleur ogen: bruin. Lengte: 1.88 m. Gewicht: 92 kg.

Zo'n zeventien jaar geleden woonde ik in Den Haag. Het leuke van Den Haag is dat de lagen van verschillende bevolkingsgroepen daar heel duidelijk zichtbaar zijn. Eén daarvan is de homoscene. Misschien wel gewoon omdat ik een jongen ben kwam ik daar toevallig in terecht. Niet als geïnteresseerde in de homofilie maar wel in de kunst. Ik leerde daar Henk kennen. Hij had een bedrijf waar ze keramiek bakten. Ze waren gespecialiseerd in unica, ze bakten werk van onder anderen Karel Appel.

Henk had een vriend, Pieter. Pieter is inmiddels overleden, aan aids, vier jaar geleden. Pieter kwam bij ons thuis. Hij graaide dan in de jurken van Tineke, trok die aan en ging samen met Tineke homobars bezoeken. Ik moest thuis blijven. Tineke kwam vrij groen uit Amersfoort; trouwens ik ook, ze kwam daar terecht in een wereld die natuurlijk ongelofelijk intensief was.

Pieter was meesterkok. Hij organiseerde etentjes voor bijvoorbeeld Amerikaans ambassadepersoneel in Sauer. Hij was ook chef-kok bij Sauer.

Tineke en ik werden een keer uitgenodigd voor een etentje bij Pieter. Ik heb het vermoeden van het gebruik van paddestoelen; dus het gebruik van een bepaald soort drugs in dat eten. We waren met z'n achten; seks stond natuurlijk toch boven aan het verhaal, aan het eind van de avond, dat zou toch wel moeten gebeuren. Pieter kwam met een grote zilveren schaal met een grote zilveren stolp uit zijn verzameling eroverheen en daar vloog een achttal vogels onderuit. De andere acht lagen gebraden op de schaal. De levende vogels, het waren misschien lijsters of iets dergelijks, vlogen door de kamer heen. Iedereen was stomverbaasd. Half gepikeerd dat we in de maling genomen werden met iets dat niet door de beugel kon, aan de andere kant vastgezogen door het avontuur om dit te eten. Het had iets ongelofelijk decadents. Je raakt ook afhankelijk van wat de anderen doen. “Eten we ze op, of niet, die vogels.” Maar ze lagen daar zo ongelofelijk smakelijk opgediend. Ik heb nog nooit iets met zoveel verwarring opgegeten.

Het was bij ons vroeger niet ongebruikelijk om over eten te praten, mijn moeder recenseerde kookboeken. Gezond eten was een item. Maar dat het ook een kunst kon zijn waarbij je met auto en al over de kop kon slaan, dat heb ik pas bij Pieter geleerd.

    • Hanneke Breuker