Indonesië beveiligt ambassade beter

SCHIPHOL, 25 JAN. Indonesië heeft Nederland de verzekering gegeven dat het Nederlandse ambassadeterrein in Jakarta beter beschermd zal worden. Dat zei minister Ali Alatas (buitenlandse zaken) gisteravond op Schiphol, waar hij zijn driedaagse bezoek aan Nederland afsloot.

Begin december kwamen Indonesische tegendemonstranten het ambassadeterrein op en raakten slaags met protesterende Oosttimorezen. Er vielen gewonden, onder wie de Nederlandse ambassadeur, die een hoofdwond opliep. Alatas weet het incident aan “een communicatiefout” tussen politie en de militaire leiding van Jakarta. Volgens Alatas waren de militairen te laat gewaarschuwd en konden ze daarom niet ingrijpen. Hij ontkende dat de Indonesische regering de beschikking had over knokploegen.

Alatas sprak de wens uit dat de onderhandelingen over Oost-Timor tot een goed einde zullen worden gebracht en verweet Portugal dat het Oost-Timor in het verleden in de steek had gelaten en eerdere voorstellen van de secretaris-generaal van de Verenigde Naties om tot een oplossing te komen had verworpen.

De Indonesische minister van buitenlandse zaken zei te verwachten dat de gijzeling in Irian Jaya, die al twee weken duurt, tot een goed einde zal worden gebracht. Minister Van Mierlo (buitenlandse zaken) prees de Indonesische regering voor haar inzet en geduld in deze gijzelingszaak, waarbij ook twee Nederlanders zijn weggevoerd. “Indonesië opereert uiterst behoedzaam in deze zaak en dat is ook nodig”, aldus Van Mierlo, die Alatas uitgeleide deed na een bezoek dat volgens beide ministers zakelijk en hartelijk is verlopen.

Alatas toonde compassie met het lot van de vliegtuigfabriek Fokker, maar antwoordde op een vraag dat het buiten het vermogen van de Indonesische regering ligt om deze Nederlandse industrie te steunen. Hij gaf aan dat Indonesië zelf veel krediet moet verstrekken aan de eigen vliegtuigindustrie, waar ook een straalverkeersvliegtuig voor honderd passagiers wordt ontwikkeld.

Minister Van Mierlo toonde zich verheugd dat de Nederlandse regering nu op een structurele manier de betrekkingen met Indonesië bespreekt. Volgend jaar gaat hij daarvoor zelf naar Indonesië. Op het terrein van de mensenrechten meende Van Mierlo dat er vorderingen worden gemaakt. Nederland moet als oud-koloniale mogendheid blijven stilstaan bij de naleving ervan, maar zich tegelijkertijd bewust zijn wat het effect van zijn woorden is, aldus Van Mierlo.

Naast bilateraal overleg wil Nederland deze kwestie blijven bespreken in het verband van de Europese Unie en in de Verenigde Naties, omdat gezamenlijke interventies meer hout snijden. Van Mierlo zei er van overtuigd te zijn dat de Indonesische regering zich er van bewust is dat de wereldgemeenschap nauwlettend toekijkt op de mensenrechtensituatie in het land en op de noodzaak die te verbeteren.