Jubileum-editie'Rotterdam' heeft iets van stadsjungle

25ste International Filmfestival Rotterdam. Tot en met 4 februari.

De jubileumeditie van het grootste en belangrijkste filmfestival in Nederland, tevens de laatste aflevering onder leiding van directeur Emile Fallaux, biedt meer films dan in tien dagen te bekijken zijn. In 1977 kwamen de passepartouthouders in opstand tegen festivaldirecteur Huub Bals omdat hij te veel (120) films geprogrammeerd had. Nu zijn het er nog honderd meer en weet ook de incidentele bezoeker dat het festival op een stadsjungle lijkt, waar je makkelijk de weg kwijt kunt raken.

Omdat de kwaliteit van de jaaroogst een beetje tegenviel, en Fallaux slechts bescheiden retrospectieven wilde wijden aan films uit de Mekonglanden (Birma, Vietnam, Laos, Cambodja en Thailand) en aan de Japanner Kumashiro Tatsumi, leunt het festival dit jaar zwaar op twee grote nevenprogramma's. Aan de ene kant een complete herhaling van het eerste festivalprogramma uit 1972, dat ook de komende weken in het Nederlands Filmmuseum in Amsterdam te zien zal zijn, en aan de andere kant de blik op de toekomst van het bewegende beeld in het aan de nieuwe media gewijde programma 'Exploding Cinema'. De hinkstapsprong van de tijdmachine, die de toeschouwer dagenlang kan terugbrengen tussen minirok, bakkebaard en doelgroepencinema, naar het speculeren over virtuele toekomstmuziek lijkt een zinnige aanpak, ook van de toekomst van dit festival.

Het meest zal er toch weer gesproken worden over de Grote Films, veelal geplukt van de andere festivals, al was het maar door de introductie vorig jaar van een prijs voor de publieksfavoriet. Kandidaten lijken Blue in the Face, het vervolg op Smoke, van Wayne Wang en Paul Auster, Shanghai Triad van Zhang Yimou en Kids van Larry Clark. De cinefiele favorieten heten Casino (Martin Scorsese), De blik van Odysseus (Theo Angelopoulos) en Good Men, Good Women (Hou Hsiao-hsien).

De meeste aandacht zou eigenlijk uit moeten gaan naar de competitie om de vorig jaar ingestelde Tiger Awards, bestemd voor internationaal onbekende films van beginnende regisseurs. Er zitten wangedrochten bij, zoals de Australische probleemfilm Angel Baby van Michael Rymer, een soort van 'movie of the week' over de liefde tussen twee schizofrenen. Over de beste tijgerpapieren beschikken Lonely Hearts Club van de Taiwanees Chih-yen Yee, Small Faces van de Schot Gillies MacKinnon en Sons van de Chinees Zhang Yuan.

Maar liefst vijf lange Nederlandse speelfilms gaan de komende dagen in wereldpremière: Memoria de lo desconocido van Nathalie Alonso Casale, Marie-Antoinette is niet dood van Irma Achten, Advocaat van de hanen van Gerrit van Elst, Schijnsel van Frans van de Staak en, een maand na Filmpje!, Paul Ruvens volgende, getiteld Sur place.

Een novum is dit jaar de expansie naar Maastricht in het laatste weekeinde, maar ook de uitzending nog tijdens het festival van vijf volledige festivalspeelfilms door het betaaltelevisiekanaal FilmNet, een vorm van sponsoring die ook de producenten en distributeurs iets oplevert. Er zal ook, zo bleek al tijdens aan het festival voorafgaande persvoorstellingen, weer veel gemopperd worden op het vele geweld in sommige films. Ook in dat opzicht is het Rotterdamse festival goed te vergelijken met een grote stad, zoals Fallaux het het liefst ziet. Zijn laatste festival is niet zijn beste, maar wel zo ongeveer het soort brede eclectische evenement, vol straatrumoer en variëteit, dat hem voor ogen heeft gestaan toen hij eraan begon. Er zijn meer schitterende films te zien dan waar ook elders in de lage landen in tien dagen tijd. Van wat ik al gezien heb zijn de meest interessante films Mike Figgis' romantisch-destructieve Leaving Las Vegas, Andrei Ujica's magische ruimtevaartdocumentaire Out of the Present en Casino.