De knoekoe-politiek

DE NEDERLANDSE ANTILLEN verkeren in een dramatische financieel-economische situatie. Dit beeld wordt geschetst in het rapport Schuld of Toekomst, dat begin deze week in Willemstad is gepresenteerd. Opgesteld door een commissie onder leiding van minister van staat Van Lennep, komt het rapport tot dringende aanbevelingen de overheidsfinanciën op de Antillen, en in mindere mate Aruba, te saneren. De Antillen hebben zich niet aangepast aan de economische veranderingen die zich de afgelopen jaren hebben voorgedaan, ze hebben zorgeloos geld uitgegeven en onvoldoende belastingen geheven of te veel belastingfaciliteiten verstrekt. De overheid kan haar betalingsverplichtingen niet nakomen, de administratie van de overheidsfinanciën schiet ernstig tekort. Bovendien slinken de valutareserves van de Antilliaanse centrale bank.

Dit jaar verstrekt Nederland 279 miljoen gulden ontwikkelingshulp aan de Antillen en Aruba. Dat desondanks het begrotingstekort naar de tien procent loopt, geeft aan hoe laks het toezicht op de bestedingen is en hoe soepel het Antilliaanse begrotingsbeleid. De aanbevelingen in het rapport van de commissie-Van Lennep zijn bedoeld om te voorkomen dat de situatie nog verder verslechtert. Het begrotingstekort moet in drie jaar zijn weggewerkt, de omvang van de overheidsschuld moet worden gestabiliseerd, de deviezenreserves moeten worden gespekt.

MAAR ZAL Nederland zo'n saneringsbeleid doordrukken? In het jongste nummer van het blad Binnenlands bestuur lanceert de Groningse hoogleraar strafrecht Elsinga het begrip 'knoekoe-politiek'. Het houdt in dat de Nederlandse ambtenaren en politici die de Antillen bezoeken, kundig worden ingekapseld. In de Nederlandse wintermaanden is de hausse aan dienstreizen uit Den Haag het grootst. Genietend van de Caraïbische zon, met een hapje en een drankje worden de Nederlanders gefêteerd. Ze wijzen op de noodzaak van deugdelijk bestuur en ze doen aanbevelingen de problemen stevig aan te pakken. De Antillianen zeggen vriendelijk ja en amen en gaan vervolgens hun eigen gang.

Misschien gaat het deze keer anders. Al was het maar omdat de commissie-Van Lennep nu echt en voor iedereen zichtbaar het noodsein heeft gehesen. Bovendien heeft eind vorig jaar de Antilliaanse regering contact gezocht met het Internationale Monetaire Fonds (IMF) om de economie te saneren. Het IMF is onpartijdig, niet geobsedeerd door historische gevoeligheden en veel strenger dan het Kabinet voor Nederlands-Antilliaanse en Arubaanse zaken (KABNA). Aangezien de Antillen formeel geen lid zijn van het IMF, zal De Nederlandsche Bank de benodigde deviezen lenen, maar overigens zal het in alle opzichten gaan om een standaard-aanpassingsprogramma van het Fonds.

DE ONDERHANDELINGEN tussen de staf van het IMF en de Antilliaanse regering verlopen moeizaam en over vier weken gaat een nieuwe IMF-delegatie naar de Antillen. De voorstellen die de Antillen tot nu toe hebben gepresenteerd, gaan de verantwoordelijke beleidsafdeling van het IMF niet ver genoeg. Het programma moet harder. Het is niet alleen pijnlijk voor de Antilliaanse autoriteiten, maar evenzeer voor de verantwoordelijken voor het Antillen-beleid dat de commissie-van Lennep en de staf van het IMF de resultaten van jarenlange knoekoe-politiek zo resoluut van tafel vegen.