Clinton hengelt in de Republikeinse vijver

WASHINGTON, 24 JAN. Over de hoofden van de leden van het Congres en de andere hoogwaardigheidsbekleders die gisteravond bijeen waren in de vergaderzaal van het Huis van Afgevaardigden, richtte president Clinton zich tot het Amerikaanse volk, en in het bijzonder tot de Amerikanen die in november naar de stembus gaan. De boodschap die de State of the Union, zijn jaarlijkse toespraak over de 'toestand van de natie', moest overbrengen was: ik ben een man van het midden, ik denk in veel opzichten niet anders dan de Republikeinen, maar ik heb daarbij een sociaal geweten. Het is de strategie die Clinton dit jaar zal volgen om herkozen te worden als president.

De plechtige bijeenkomst waarop Amerikaanse presidenten hun State of the Union uitspreken geeft de toespraak bij voorbaat al allure en maakt haar bij uitstek geschikt als instrument in een verkiezingscampagne. De leden van de Senaat en het Huis van Afgevaardigden hebben zich verzameld in de vergaderzaal van het Huis. Ook de leden van het Hooggerechtshof, het corps diplomatique en andere eminente gasten luisteren de plechtigheid op. Met applaus wordt het staatshoofd binnengehaald, en applaus (soms alleen van de eigen partijgenoten) onderbreekt ook regelmatig de toespraak. Tegenwerpingen, laat staan boe-geroep, zijn uit den boze.

Het hele jaar door mag de president verwikkeld zijn in klein politiek geruzie, op deze avond oogt hij presidentieel. En alle grote televisiestations zenden de gebeurtenis - die zich niet toevallig om negen uur 's avonds, op prime time voltrekt - rechtstreeks uit.

Clinton greep de gelegenheid aan om zich te presenteren als politicus van het centrum. In 1992 is hij gekozen met slechts 43 procent van de stemmen - Bush kreeg 38 procent, Ross Perot negentien procent - en hij beseft dat hij zijn basis moet vergroten om dit jaar kans te maken in een tweestrijd met een Republikeinse tegenstander (of Perot weer meedoet is nog onzeker).

De afgelopen weken hebben Clinton en zijn medewerkers hard aan de toespraak gewerkt, zo heeft zijn staf laten weten. Opinie-onderzoekers, sociologen, historici en andere denkers werden uitgenodigd op het Witte Huis om met de president van gedachten te wisselen over de toestand en de stemming van het land. Hoewel het economisch bepaald niet slecht gaat, heerst er onder de bevolking toch een sterk gevoel van onzekerheid. Volgens peilingen is 64 procent van de Amerikanen ontevreden over hoe het met hun land gaat. Voor een president die drie jaar aan de macht is geweest en herkozen wil worden, is dat niet bemoedigend.

Daarom zette Clinton gisteren de toon van zijn campagne met een krachtige lofzang op de huidige economische situatie. Onze economie is gezonder dan in drie decennia het geval is geweest, betoogde hij. Voor Clintons campagneteam fungeert de herverkiezingscampagne van president Reagan in 1984 als voorbeeld, bekende een van Clintons medewerkers onlangs. Gisteren was dat goed te merken. In 1984 was het thema van Reagans State of the Union een optimistisch America is back. Clinton had gisteren als thema: Amerika verkeert in het tijdperk van de mogelijkheden. En het was alsof hij het Amerikaanse volk moed wilde inspreken. De inflatie en de werkloosheid zijn op het laagste niveau sinds jaren, de export stijgt, de Verenigde Staten verkopen weer meer auto's dan Japan en de levensomstandigheden van de gemiddelde Amerikaan gaan er op vooruit. Het klonk als een echo van Reagans campagnethema Morning again in America.

Ook bij de uiteenzetting van zijn plannen klonk Clinton af en toe Republikeins geïnspireerd. Inkrimping van de macht en de omvang van de federale overheid is één van de voornaamste doelstellingen van de Republikeinen. Nu leek de president met die gedachte op de loop te gaan, toen hij twee keer met nadruk zei dat het tijdperk van een groot overheidsapparaat voorbij is. Maar hij voegde eraan toe: “Maar we kunnen niet terug gaan naar de tijd waarin onze burgers aan zichzelf werden overgelaten.” En zo paaide hij kiezers van het Republikeinse kamp, zonder de Democratische idealen helemaal te verwaarlozen.

Met meer onderwerpen viste Clinton in de vijver van de Republikeinen. Hij kondigde een campagne aan tegen tienerzwangerschappen. Hij sprak vermanend over de verantwoordelijkheid van ouders voor hun kinderen, en spoorde in het bijzonder gescheiden vaders aan zich toch vooral te bemoeien met de opvoeding. Hij veroordeelde het geweld op de televisie. Hij stelde hard optreden tegen drugshandelaren in arme wijken in het vooruitzicht en veroordeelde illegale immigratie.

Dat dit alles niet zozeer bedoeld was als een handreiking aan de aanwezige Republikeinen, bleek wel uit de felle uithalen naar hen die de toespraak ook bevatte. Het Republikeinse Congres was verantwoordelijk voor de sluiting van de overheidsdiensten, de afgelopen maanden, en moest het nooit, nooit meer zo ver laten komen. En dat er geen overeenstemming was over de begroting lag ook alleen aan hen, aldus de president.

Om zijn Democratische achterban niet van zich te vervreemden pleitte Clinton onder meer voor een verhoging van het minimumloon (nu 4,25 dollar per uur) en voor grotere inspanningen voor het milieu.

De Republikeinse senator en presidentskandidaat Dole, die na afloop van de rede voor de televisiecamera's een reactie mocht uitspreken, is veel meer dan Clinton al verwikkeld in de verkiezingsstrijd. Verkeert Clinton in de riante positie dat er geen uitdager in zijn eigen partij is opgestaan, Dole zal vanaf begin volgende maand in de voorverkiezingen nog moeten bewijzen dat hij voor de Republikeinen inderdaad de gewenste presidentskandidaat is, zoals de peilingen nu suggereren. Clintons stelling dat hij het eigenlijk op veel punten met de Republikeinen eens is, wierp Dole dan ook verre van zich.

Dole wordt er door zijn rivalen toch al van beschuldigd te gemakkelijk compromissen met de president te sluiten, nu was hij vast besloten juist afstand van Clinton te nemen en te wijzen op de wezenlijk ander visie van de Republikeinen op de overheid en Amerika. Het meningsverschil over de begroting gaat volgens Dole ook niet over cijfers, maar over “het karakter van de natie”.

En daar voegde hij een onheilspellende verwijzing naar de impasse in de begrotingsbesprekingen aan toe. Voor iedere publieke functionaris, aldus Dole, komt er een moment dat er geen compromissen meer gesloten kunnen worden. “Als Republikeinen zijn we daar nu aangekomen.” Beide partijen hebben daarmee hun uitgangspositie voor de verkiezingscampagne ingenomen.

    • Juurd Eijsvoogel