'Bezorgpaard' terug in Haagse straatbeeld

DEN HAAG, 24 JAN. Sinds gisteren bezorgt het transportbedrijf Van Gend & Loos in de Haagse binnenstad zijn vracht per paard en wagen. Niet uit nostalgische overwegingen maar uit economische noodzaak is het bedrijf met deze proef begonnen. Volgens regiomanager M. Eckhart is het rijtuig dankzij de hoge wielen uitstekend geschikt om de verkeersmaatregelen in het Haagse voetgangersgebied te omzeilen. “Onze bevoorradingsauto's mogen na elf uur 's ochtends de winkelstraten niet meer in. Dat betekent dat je in de ochtend weinig tijd hebt om je bestellingen te leveren. Zeker met de verruiming van de openingstijden van winkels. Met deze wagen mogen we ook na elf uur in de binnenstad komen”, verklaart Eckhart.

Van Gend & Loos nam in 1958 afscheid van het laatste 'bezorgpaard', Frits genaamd. Sindsdien geschiedt alle transport met auto's. Maar door steeds strengere verkeersmaatregelen moest Van Gend & Loos de laatste jaren klanten in de Haagse binnenstad vanaf parkeerterreinen rond het stadscentrum bedienen met steekwagentjes. “Zeer tijdrovend en het kost meer personeel”, vindt Eckhart.

De proef met het paard is de logische consequentie van de veranderingen in de winkeltijdenwet en de verkeersmaatregelen in veel binnensteden, zo meent H. Koeleman van de vakorganisatie Transport en Logistiek Nederland. “Winkeliers zullen ook bijvoorbeeld om half tien hun deuren openen. Maar dat betekent in Den Haag dat je nog maar anderhalf uur hebt om de winkels te bevoorraden. Dat lukt niet”, zegt Koeleman. Er zijn behalve het paard ook wel andere oplossingen: distributiecentra aan de rand van de stad, waarvandaan in korte tijd winkels kunnen worden bediend, of 's nachts rijden. Maar CAO's en de noodzaak tot snelle bezorging van bederfelijke waar bemoeilijken de uitvoering van deze alternatieven. De Haagse proef met het paard vindt Koeleman interessant. “Maar op grote schaal rijtuigen inzetten wordt moeilijk, omdat daar ingrijpende voorzieningen voor nodig zijn: stalruimte, laad-en-los-aanpassingen.”

Het Haagse publiek lijkt enthousiast over het vervoer per paard en wagen. “Heerlijk nostalgisch, die paarden. En chic”, vindt L. van Stolk, die zelf haar lieshoge pony 'uitlaat' langs de Hofvijver. Het nieuwe trekpaard van Van Gend & Loos, Jack genaamd, is een Engels 'Shire'-paard, in Groot-Brittannië gekocht onder auspiciën van stalhouder H. Haasnoot uit Rijnsburg, die het dier verzorgt. Haasnoot, die zelf vaak koetsiert bij trouwerijen of begrafenissen, heeft Jack zelf afgericht voor stadsverkeer en functioneert voorlopig ook als wagenmenner voor Van Gend & Loos.

De met richtingaanwijzers en zijspiegels uitgeruste transportkoets lijkt niet op de platte wagens die vroeger dienst deden. De huidige wagen is een grote, vierkante metalen doos die hoog op twee wielen staat. “Je mag het centrum niet in met meer dan twee wielen, dus hebben we dit bedacht”, zegt bezorger E. Geerlings vanaf de bok.

Behendig manouvreert Haasnoot de kar langs verkeersborden, uithangborden en luifels. De kar is uitstekend aangepast aan de Haagse straten. Hij staat zo hoog op zijn wielen dat hij zonder schade over de vele paaltjes in de Haagse straten heen kan rijden. De wielen zijn breed, om te voorkomen dat ze klem komen te zitten tussen de tramrails. En omdat de besteldienst geen overlast mag veroorzaken is de wagen voorzien van een tank met water, waarmee urine wordt weggespoeld. Tussen het paard en de bok hangt een zak, waarin de mest wordt opgevangen. Pakketvrachten van achthonderd kilo kan Jack wel aan.

De proef in Den Haag duurt een jaar. Als de wagen bevalt, overweegt Van Gend & Loos ook in de straten van Delft en Gouda een paard in te zetten.