19 Gilda

Niet elke 'film noir' beantwoordt aan de uiterlijke clichés van glimmend asfalt, slappe hoeden en grootstedelijk cynisme. Gilda (1946) bijvoorbeeld speelt zich af in een fantasieversie van Buenos Aires en Montevideo; de hand van ontwerper Van Nest Polglase, die ook de studiodecors voor Astaire & Rogers van elegante tierelantijnen voorzag, valt er duidelijk in de ontdekken.

Toch is Gilda, volgens encyclopedist Katz 'an evergreen of American screen erotica', wel degelijk 'noir'. Er is immers een 'femme fatale', een voice-over van haar mannelijke slachtoffer (Glenn Ford) en een herkenbare invloed van het Duitse filmexpressionisme, dat zowel de Hongaarse regisseur Charles Vidor (1900-1959) als zijn in Krakow geboren cameraman Rudolph Maté verleidde tot een subtiel spel met licht en schaduw. Rita Hayworth als Gilda blijft vaak onderbelicht, een dreigend personage veroorzaakt regelmatig slagschaduwen.

Al tijdens de eerste kennismaking met Hayworth wordt de vraag naar haar morele gehalte gesteld: 'Are you decent, Gilda?', luidt de dubbelzinnige formulering van haar echtgenoot, als hij zijn nieuwe assistent Ford de echtelijke slaapkamer binnenleidt. “Sure, I'm decent”, luidt het antwoord, maar de manier waarop ze van onderaf het kader induikt en haar lange krullen naar achteren gooit zegt iets anders.

Net als bij de meeste 'films noirs' stelt het soms onbegrijpelijke scenario van Gilda niet veel voor. Hoewel de scènes in het casino, waar Ford zijn brood verdient, heel aardig zijn, gaat niemand daarvoor Gilda bekijken. Pas een kwartier voor het einde breekt het grote moment aan, als Hayworth - met de stem van een echte zangeres, overigens - in haar zwarte strapless-jurk 'Put the blame on Mame' zingt. De ironische tekst suggereert dat vrouwen ten onrechte de schuld krijgen van alle rampen in mannenlevens. Hoe zou dat nu toch komen? De lange zwarte handschoenen, die op gelijke hoogte met het decolleté eindigen, gaan langzaam uit en als de muziek is gestopt, nodigt Gilda ('ik ben altijd slecht geweest in ritssluitingen') het publiek uit haar te helpen bij de rest van de strip-tease. Het komt er niet van, de handlangers van haar man grijpen tijdig in.

Hayworth, wier beeltenis de atoombom op Bikini sierde en die in 1987 aan de ziekte van Alzheimer stierf, heeft zich eens beklaagd dat elk van haar vijf echtgenoten met Gilda naar bed ging en met Rita wakker werd. In Nederland werden twee van die mannen vereeuwigd in het afgunstige rijmpje: “Als Rita Heet Wordt en Ali niet Khan, dan mag Orson Welles”. In tegenstelling tot Marilyn Monroe of Greta Garbo viel Hayworth samen met haar eigen imago; niet voor niets is de tekenfilmfiguur Jessica Rabbit de meest adequate moderne opvolgster.

    • Hans Beerekamp