Oost-Groningen wil aantrekkelijk worden

Oost-Groningen heeft grote plannen voor een nieuw woon-werk-recreatie-gebied. De Blauwe Stad zou al in 2005 klaar moeten zijn.

WINSCHOTEN, 23 JAN. 'De gouden genieters' komen naar Oost-Groningen. De nieuwe Blauwe Stad zal voor een historische ommekeer zorgen in het Oldambt: van verval naar vernieuwing. Volgens R. Vos, directeur van de Stichting Blauwe Stad, staat het licht voor dit ambitieuze plan, dat een half miljard gulden gaat kosten, nog steeds op groen.

Samen met de Groningse gedeputeerde G. Beukema (ruimtelijke ordening) lichtte Vos gisteren in Winschoten raadsleden uit vijf Oostgroningse gemeenten en Statenleden in over de voortgang van De Blauwe Stad, een boven Winschoten aan te leggen meer van 800 hectare, omringd door natuurterreinen, bossen en een stedelijke ring met 1.500 tot 2.000 nieuwe woningen. De Blauwe Stad moet voor wonen en recreëren een aantrekkelijk gebied worden. Politici en bestuurders verwachten de leefbaarheid, de werkgelegenheid en het imago van Oost-Groningen ermee te bevorderen.

Hoewel dat twee jaar geleden wel de bedoeling was, is volgens Vos en Beukema nog geen definitieve knoop doorgehakt. De financiering vormt nog een groot obstakel. “Om de Blauwe Stad te laten slagen moet je meteen het grootste gedeelte ervan realiseren. Het werkt niet om eerst een woning te willen verkopen en te zeggen dat het meer later wel komt”, aldus ex-gedeputeerde Vos. De aanloopkosten zijn daardoor hoog. De 500 miljoen moet voor een deel vantevoren gevonden worden. De plannenmakers hebben daarvoor meer tijd nodig; 1996 wordt volgens hen het jaar van de waarheid.

De Blauwe Stad komt te liggen in de gemeenten Bellingwedde, Reiderland, Winschoten, Scheemda en Menterwolde. Het Oldambt, zoals dit gebied wordt genoemd, is een van de sociaal-economisch zwakste gebieden van het land. Het telt op een beroepsbevolking van 26.000 personen ongeveer 6.000 werklozen. Vooral jongeren en hoger-opgeleiden trekken er weg en voorzieningen, zoals winkels, scholen en openbaar vervoer, verdwijnen. Bij ongewijzigd beleid zal volgens schattingen de werkgelegenheid in de periode 1990-2010 met 1 procent toenemen, tegen een landelijk toename van 4 procent.

De Blauwe Stad zal volgens onderzoek enkele honderden permanente arbeidsplaatsen opleveren. Volgens het Nederlands Economisch Instituut kan de Blauwe Stad ook nieuwe bedrijvigheid naar het Oldambt trekken en daarmee een trend omkeren. In ongeveer 2005 zou de nieuwe stad al moeten leven.

Volgens Vos heeft onderzoek aangetoond dat mensen uit de Randstad belangstelling hebben voor wonen in de Blauwe Stad. Het gaat volgens hem vooral om rijke mensen die met pensioen zijn - de 'gouden genieters' - of die parttime werken. “We gaan naar een situatie dat mensen bijvoorbeeld acht dagen werken en zes dagen vrij zijn. Ze hebben dan een veredelde slaapplaats in een stad en een woning in een landelijk gebied. Afstanden spelen daarbij steeds minder een rol.”

Bij de plannenvorming zijn inmiddels vijf projectontwikkelaars betrokken. Voor de financiering wordt geld gezocht bij het rijk, in Brussel, bij de provincie, de gemeenten en in de private sector. Het is onder meer de bedoeling een lage rente te realiseren door 'groene beleggingsfondsen' aan te spreken en om geld te krijgen uit de Europese regeling voor braaklegging van landbouwgronden.

Raadsleden en Statenleden hebben zich eerder al massaal achter het plan geschaard. Beukema en Vos kregen gisteren dan ook weinig kritische geluiden te horen. De vraag is of dit zo blijft als van de gemeenten een aanzienlijke bijdrage wordt gevraagd.

Van de zijde van boeren komt wel kritiek, want zij zullen land moeten afstaan. A. Maarsingh, CDA-statenlid in Groningen en voorzitter van de sectie akkerbouw van de Land- en Tuinbouw Organisatie (LTO), ziet weliswaar het belang van de Blauwe Stad voor de regio, maar hij vindt dat het te lang duurt voordat er een definitief besluit wordt genomen. “Zo'n plan moet niet te lang boven de markt hangen. De betrokken boeren kunnen niet meer investeren en hun land is onverkoopbaar. Als het luchtfietserij is, moet het binnen een paar maanden duidelijk zijn.”

Melkveehouder P. Rijlaarsdam uit Finsterwolde spreekt van “een onnozel plan, dat nog duurder zal uitpakken dan berekend, omdat de grondprijzen de laatste jaren meer dan zijn verdubbeld. De opbrengsten zullen volgens hem ook tegenvallen. “Wat geven die paar oudjes nu uit? Van de recreatie verwacht ik ook niet veel. Om te zeilen is Friesland veel mooier”.

Volgens hem kan de grond in Oost-Groningen beter worden gebruikt voor melkveehouders die in Zuid-Nederland in de verdrukking komen. Rijlaarsdam moest zelf ooit in Brabant plaatsmaken voor woningbouw. In Oost-Groningen gaat het hem goed. Een mestprobleem heeft hij niet, want de mest kan hij op het eigen land kwijt. De helft van zijn grond ligt in het plan-gebied voor de Blauwe Stad, maar voor geen goud zegt hij zich te laten uitkopen. “Ik ben al een keer eerder van mijn eigen land verdreven. Dat laat ik me niet nog een keer gebeuren. Geld interesseert me niks. Boeren is een 'way-of-life'. Ik ga tegen ze vechten tot aan de Raad van State, en desnoods verder.”

    • Herman Staal