Honderd jaar AFC

De enige AFC-er die mij de jaren door is bijgebleven was Charles Lungen, hoewel ik voordien dat mooiste jongensboek van mijn tijd (“De AFC-ers” van J.B. Schuil) al had verslonden - maar daar kwam Lungen uiteraard niet in voor, want hij was echt. Het heeft tot het verschijnen van AFC's 'honderdjarenboek' moeten duren eer ik Lungen op papier tegenkwam. Verhalend over de jaren dertig lees je onder meer dit: “Charles Lungen, Charles Lungen. Steeds kwam die naam weer terug. Beslissingswedstrijden. Tegen DEC. Lungen 1-0, Lungen 2-0. Met 2-1 gewonnen. AFC won ook van Hollandia, ook door Lungen.” Ene Willy Brusse schreef over een belangrijk duel tegen Zeeburgia het volgende. “Gietregen, modder, miserabel weer, slecht veld. Veel publiek. Na vijf minuten 1-0 voor. Even later 1-1. Hoffmanndruppels. Strafschop gemist. Koud zweet en regen op mijn voorhoofd. Schuiver van Lungen in de hoek, 2-1. Hoop. Minuut na rust door Lungen 3-1. Rustiger. Een verwoed Zeeburgia. Slingers. Gillend publiek. Plotseling 3-2. Beverig op horloge gekeken. Nog acht minuten. Een zacht rollertje. Haaxman vergat te keepen: 3-3. Alles verloren. Zeeburgia veel sterker. Ik voelde mij wegglijden in een diepe afgrond. Dan plotseling Lungen, die eeuwige Lungen, alleen keepernemend, naar links zwenkend. Een boogballetje precies daar gericht waar de redding van AFC lag. Bom, in het net. Een droomgoal. Ik viel van het tribuneplankje, gilde, brulde, sloeg, was totaal dwaas. Einde. Dank je wel, jongens. Merci, Charles.”

Veel later was Dick Disselkoen een schutter die AFC ook enkele malen voor een afgang behoed heeft, maar Lungen was uitzonderlijker. Het zat 'm ook in dat heen-en-weer reizen van Engeland naar Nederland voor tweemaal driekwartier voetbal. Het zat 'm echter vooral in 's mans allure, zijn kwaliteiten. Daardoor ontstond ooit een soort lobby om Charles Lungen in het Nederlands elftal te krijgen. Dat lukte. Op 4 april 1937 speelde Charles rechtsbinnen in Antwerpen tegen de Belgen. Het werd een 7-1 nederlaag en het werd niet duidelijk of de vraag of Lungen en Bakhuys als aanvallend duo konden uitgroeien tot een doorslaand succes. Helaas was de keuze-commissie niet bereid om Lungen een nieuwe kans te geven. Bovendien ging Bakhuys weldra naar de FC Metz als full-prof. Lungen bleef amateur en AFC-er.

Het is een mooi boek geworden, AFC waardig. Onder eindredacteurschap van Hans de Bie, jarenlang redacteur bij het NOS-journaal, rijgt zich de roemruchte historie van deze Amsterdamse club aaneen. Het zat grandioos in het verleden, maar hoe zal de toekomst er uitzien? Volgens ex-voorzitter Jan van Dijk hangt die sterk samen met het al of niet spelen in de hoofdklasse. “Ik ben bang dat wanneer je een keer degradeert, dat je dan in een vrije val geraakt. Voor je het weet speel je in de tweede of derde klasse. En dat heeft gevolgen voor bijna alles binnen de club. Het behoud van dat hoofdklasserschap heeft dus grote prioriteit, maar niet de allerhoogste. Nog belangrijker is onze lokatie in de toekomst. Na 2002 zullen we ons complex Goed Genoeg waarschijnlijk moeten verlaten. En dan? Waar gaan we spelen? De mobiliteit van mensen neemt toe. Kinderen worden al vaak met de auto gebracht. Maar mijn grootste angst is dat we straks ergens in Sloterdijk terechtkomen. Onze roots liggen hier. Buitenveldert, Oud- en Nieuw-Zuid, Amstelveen, daar komt negentig procent van onze leden vandaan. Maar politiek gezien is dat tegenwoordig geen argument. Oudste club van Amsterdam? Roots? Dat telt allemaal onvoldoende. Milieu, groenvoorziening, dat zijn de thema's die thans bepalend zijn. Mogelijk wordt het achter het Loopveld, bij de Kalfjeslaan.”

AFC is velen Goed Genoeg. En moge dat zo blijven!

    • Herman Kuiphof