Goldstone begint spoedig onderzoek naar massagraven

SARAJEVO, 23 JAN. In de “zeer, zeer naaste toekomst” begint het internationale oorlogsmisdadentribunaal in Bosnië met het onderzoek naar massagraven. Dat heeft de openbare aanklager, Richard Goldstone, gisteren in Sarajevo gezegd. De Servische president Milosevic en de vredesmacht IFOR hebben hun medewerking toegezegd.

Goldstone sprak gisteren in de Bosnische hoofdstad met de Bosnische regering en met admiraal Leighton Smith van IFOR. In een na afloop uitgegeven verklaring beloofde Smith de onderzoekers te velde “op het passende moment de passende bescherming” te bieden. Dat komt neer op een wijziging van het standpunt van de NAVO-vredesmacht, die enkele dagen geleden liet weten dat de bescherming van de onderzoekers van massagraven niet onder het mandaat van IFOR valt.

De Amerikaanse regering heeft gisteren bij monde van diverse hoge functionarissen laten weten vastbesloten te zijn het thema van de massagraven in Bosnië niet te verwaarlozen. De Amerikaanse onderminister van buitenlandse zaken Shattuck, die heeft gezegd het afgelopen weekeinde in en rond Srebrenica talrijke bewijzen van massaslachtingen op de inwoners van Srebrenica te hebben aangetroffen, verzekerde zich gisteren in Belgrado van de steun van de Servische president Milosevic. Na een gesprek met Milosevic zei Shattuck dat deze hem “volledige medewerking” had beloofd. Datzelfde heeft volgens Shattuck ook de 'minister' van binnenlandse zaken van de 'Servische Republiek' in Bosnië gedaan.

Een andere Amerikaanse onderminister van buitenlandse zaken, Bosnië-bemiddelaar Richard Holbrooke, zei gisteren in Jeruzalem dat de massamoord op moslims in Srebrenica “de ergste oorlogsmisdaad in Europa sinds 1945” is geweest en dat de Amerikanen het onderzoek zullen voortzetten. De Amerikaanse minister van defensie, William Perry, zegde in Washington het tribunaal van Goldstone alle informatie van de Amerikaanse inlichtingendiensten over schendingen van de rechten van de mens toe.

Volgens gangbare schattingen worden zevenduizend inwoners van Srebrenica, die na de val van de enclave in juli vorig jaar in handen vielen van de Bosnische Serviërs, nog steeds vermist. Aangenomen wordt dat een groot aantal van de vermisten is vermoord.

De patrouilles van IFOR in het noorden van Bosnië zijn in verhoogde staat van paraatheid gebracht na berichten als zou een Amerikaanse staatsburger, die in verbinding staat met muhajedeen - buitenlandse islamitische vrijwilligers - een aanslag op Amerikaanse IFOR-militairen. De man, Kevin Holt, houdt zich ergens in het noorden van Bosnië schuil. (Reuter, AP, AFP)