Principe-akkoord Mexico, Zapatisten

MEXICO-STAD, 22 JAN. De Indiaanse gemeenschappen in de Zuidmexicaanse staat Chiapas krijgen mogelijk een beperkte mate van autonomie, waaronder het recht op eigen rechtspraak en een eigen politieke stelsel. Dat is het resultaat van de jongste ronde van onderhandelingen in het dorpje San Andrés Larráinzar tussen delegaties van de Mexicaanse regering en rebellen van het Zapatistische Leger voor de Nationale Bevrijding (EZLN) in Chiapas. De partijen zijn in een principe-akkoord overeengekomen om grondwetswijzigingen door te voeren om de nieuwe relatie tussen de Indianen en de staat vast te leggen.

Er is evenwel geen sprake van dat de Mexicaanse Indianen een graad van autonomie krijgen die vergelijkbaar is met die van reservaten in Noord-Amerika. In het principe-akkoord wordt ook gesproken over de noodzaak van sociale en politieke veranderingen ten behoeve van verbeteringen op het gebied van onderwijs, huisvesting en economie.

De leider van de regeringsdelegatie, Marco Antonio Bernal, toonde zich na afloop van de acht dagen durende gesprekken zeer optimistisch over de mogelijkheid om binnen korte tijd tot een definitief akkoord te komen met het EZLN. Hij noemde de zojuist afgesloten onderhandelingen “een van de meest bevredigende bijeenkomsten die we hebben gehad, omdat we eindelijk gezamenlijk documenten hebben geproduceerd met een minimum aan meningsverschillen”.

De rebellen waren bij monde van hun 'Commandant Tacho' wat terughoudender, hoewel ook zij erkenden dat er vooruitgang is geboekt. “We zeggen duidelijk”, aldus de rebellenleider, “dat woorden en beloften niets betekenen, ook als ze serieus en zeker zijn, als de repressie doorgaat”. De Zapatisten willen het nu bereikte principe-akkoord voorleggen aan hun achterban. Op 13 februari zullen de twee delegaties elkaar weer ontmoeten.

De uitkomst van de jongste ronde van onderhandelingen is de meeste positieve in de nu ruim twee jaar oude opstand van Indiaanse boeren in Chiapas. Op 1 januari 1994 vielen guerrillastrijders van het tot op dat moment onbekende EZLN vier steden in Chiapas aan. Bij de daarop volgende gevechten zijn vermoedelijk zo'n 150 mensen om het leven gekomen. Na tien dagen werd een staakt-het-vuren bereikt dat nog steeds van kracht is. Ondanks herhaalde momenten van grote spanning zijn het Mexicaanse leger en het EZLN sindsdien niet meer slaags geraakt. Het leger heeft de guerrillastrijders, wier aantal niet vaststaat, omsingeld in een onherbergzaam gedeelte van de jungle in Chiapas.