Nieuw Grieks kabinet zonder 'hovelingen' van Papandreou

ATHENE, 22 JAN. De nieuwe socialistische premier van Griekenland, Kostas Simitis, opvolger van de zwaar zieke Andreas Papandreou, heeft gisteravond de samenstelling bekendgemaakt van zijn kabinet dat vanmorgen is beëdigd. Het is met 41 ministers, adjunct-ministers en onderministers het kleinste kabinet sinds 1980 - het vorige telde nog 52 personen.

Akis Tsochatzopoulos en Jerasimos Arsenis, die vorige week in de race om het premierschap binnen de parlementsfractie afvielen, behouden hun portefeuilles - respectievelijk van binnenlandse zaken en defensie - maar ze worden geen vice-premier zoals velen hadden verwacht. Ook brengen ze ieder een klein aantal aanhangers mee in het nieuwe kabinet, dat echter voor het merendeel uit volgelingen van Simitis bestaat. Alle 'hovelingen' - zo heten de vertrouwelingen van Papandreou en zijn echtgenote Dimitra - zijn uit de regering verwijderd.

De ministers die verantwoordelijk waren voor het - niet onsuccesvolle - economisch beleid blijven aan, evenals op onderwijs de zoon van Papandreou, Jorgos. Minister van buitenlandse zaken wordt Thodoros Pangalos, die op dat departement al eerder Europese Zaken behartigde. Hij is briljant maar onvoorspelbaar en het tegendeel van een diplomaat. Nieuwe botsingen binnen de Europese Unie, die niet kunnen uitblijven, kunnen worden opgevangen door de ervaren plaatsvervanger Jorgos Romaios, die opnieuw wordt belast met Europese Zaken.

Er komen slechts twee vrouwen in dit kabinet, maar een hunner is de formidabele Vaso Papandreou, die EU-commissaris voor sociale zaken is geweest. Zij behoorde met Simitis tot de dissidenten tijdens het premierschap van Andreas (geen familie), en is de populairste politicus van Griekenland. Zij krijgt de nieuwe portefeuille van Ontwikkeling, waarvoor maar liefst drie departementen zijn samengevoegd: industrie en technologie, handel en toerisme.

Menigeen had verwacht dat ook de portefeuilles van binnenlandse zaken en openbare orde zouden worden gecombineerd. Griekenland is het enige land ter wereld met een apart ministerie van Orde, waaronder politie, brandweer en veldwacht ressorteren. Een lange reeks van incapabele figuren heeft tevergeefs gestreden tegen de diverse terroristische groeperingen waaronder die van de 17de November, die onlangs 20 jaar bestond. Daarnaast is er het nijpende probleem van de politie die zich weer steeds frequenter schuldig maakt aan mishandelingen, soms met dodelijke afloop. Zulke gevallen worden steevast onderzocht en raken daarna in de veregetelheid. De nieuwe minister van Orde, Kostas Jitonas, heeft al eerder op dit departement gewerkt, maar ook bij deze kabinetsformatie lijkt het erop alsof men een functie voor de politicus gezocht heeft en niet de meest geschikte politicus voor de functie.

    • F.G. van Hasselt