KOSTAS SIMITIS; Moedig en tikje glad

ATHENE, 20 JAN. 'Nieuw visioen' en 'gecontroleerde utopie' zijn een paar van de termen die de nieuwe Griekse premier Kostas Simitis graag gebruikt. In zijn eerste toespraakje als premier had hij het over het 'opnieuw op gang brengen van de centrum-linkse krachten'. Maar door velen wordt hij gezien als technocraat, centrum-rechts georiënteerd. Die kwalificaties dankt hij aan het versoberingsbeleid dat hij tussen 1985 en 1987 voorstond èn aan zijn steun voor de huidige politiek van soberheid die de Griekse overheidsfinanciën in overeenstemming moeten brengen met de strenge normen van de Economische en Monetaire Unie. De keuze voor Simitis leidde dan ook prompt tot een opleving van de aandelenhandel de effectenbeurs in Athene.

Simitis werd 59 jaar geleden in Pyreüs geboren en volgde het spoor van zijn vader en grootvader: handelsrecht, waarin hij nu hoogleraar is aan de Atheense universiteit, na vooral in West-Duitsland en Londen te hebben gestudeerd. In de politiek labiele jaren 1965 tot 1967 had hij de leiding over een denk-tank, genoemd naar de socialistische politicus Papathanasiou, een groepering die na de staatsgreep van 1967 overging in de verzetsbeweging Democratische Verdediging. Hij nam deel aan het leggen van bommen die geen slachtoffers eisten, en zocht later in het buitenland contact met een andere verzetsbeweging, de PAK, onder Andreas Papandreou. Na het herstel van de demoncratie in 1974 richtte deze samen met Simitis en vele anderen de PASOK op, de Panhelleense Socialistische Beweging. Als sociaal-democraat, toen nog een vewensing in de PASOK, kwam hij in conflict met zijn leider, wiens afschuw van de EG hij evenmin deelde. Nadat hij in 1979 een affiche had laten circuleren: 'Nee tegen de monopolies van Europa, Ja tegen de volkeren van Europa', werd hij door zijn partij bij de verkiezingen van 1981 niet verkiesbaar gesteld voor het parlement.

Niettemin werd hij minister van landbouw in het eerste kabinet-Papandreou ('81-'85). Na de tweede verkiezingsoverwinning in 1985 werd hij aangesteld het economisch beleid te saneren dat te lijden had gehad van de vrijgevigheid van zijn voorganger - en tot gisteren medekandidaat - Arsenis. Toen nieuwe verkiezingen naderden werd hij echter in 1987 door Papandreou op hoogst onsierlijke wijze verwisseld voor de wederom vrijgevige Tsovólas.

Na de rentree van de PASOK in 1993 kreeg Simitis, die in Pyreüs steeds met veel voorkeurstemmen wordt gekozen, de portefeuille van handel en industrie. Vorig jaar trad hij af nadat Papandreou openlijk kritiek had geuit op zijn gebrek aan beleid inzake de privatisering van scheepswerven.

Die kritiek werd door vele anderen gedeeld. Simitis geldt als briljant en moedig, maar wat besluiteloos en een tikje glad. Hij is klein en kwiek, heeft een iets te permanente glimlach en men zal hem, anders dan de meeste andere Griekse politici, nooit op een woede-uitval betrappen. Ruim een jaar geleden - hij was toen nog minister - vormde hij met Pangalos, Afgerinos en mevrouw Vaso Papandreou (geen familie van Andreas) de 'Groep van Vier' die uitgroeide tot een bolwerk van dissidentie en de PASOK, samen met Griekenland, wilde 'synchroniseren' binnen een democratisch Europa.

    • F.G. van Hasselt