Docters laakt magistratuur en politiediensten

AMSTERDAM, 19 JAN. Procureur-generaal A. Docters van Leeuwen heeft vanochtend kritiek geleverd op de kwaliteit van de Nederlandse politie en de rechterlijke macht.

Ook heeft hij zich gestoord aan de wijze waarop korpschefs in hun nieuwjaarstoespraken probeerden “het blazoen van de politie schoon te poetsen” naar aanleiding van de verhoren van de enquêtecommissie-Van Traa. In een toespraak op een congres in Amsterdam over de reorganisatie van de politie noemde Docters van Leeuwen vanochtend de redenering van sommige korpschefs dat slechts één procent van de politie is betrokken bij de kwalijke zaken die tijdens de enquête aan het licht kwamen “onzinnig”.

“Het gaat niet om het aantal betrokken politie- en justitiemensen, maar om de aard en de ernst van de zaak.” Fouten zijn niet uit te sluiten waar de overheid door de georganiseerde misdaad tot het uiterste op de proef wordt gesteld, aldus Docters van Leeuwen, maar in een rechtsstaat blijft het essentieel dat beleid onderworpen is aan de controle van de democratische organen en de rechter. “Wij kunnen handelen dat wezenlijk immoreel en onderdrukkend is niet met gelijke middelen bestrijden.”

Docters van Leeuwen meent voorts dat de kwaliteit van de politie op alle niveaus tekortschiet. Op het gebied van personeelsbeleid, informatievoorziening en administratieve organisatie hebben de politie en de rechterlijke macht “een straatlengte achterstand opgelopen” ten opzichte van wat in de maatschappij gangbaar is.

Ook tegenover de burgers laat de politie het afweten. Bureaus zijn te vaak gesloten en bieden onvoldoende service, de politie verleent vaak te laat en te weinig assistentie. Het oplossingspercentage bij misdaden blijft te laag en de politie weet onvoldoende over de daders. “We weten wel wat er is gebeurd, waar en wie het is overkomen, maar veelal niet wie het waarom heeft gedaan.”

Soms slagen de politie en het openbaar ministerie er wel in de burger in zijn rechtvaardigheidsgevoel te bevestigen, meent de procureur-generaal. Hij noemde daarbij het Rotterdamse project-Victor tegen drugsoverlast en de 'megazaken' tegen hasjhandelaar Charles Z. en het Van der Valk-concern. Dat blijven helaas uitzonderingen. Docters van Leeuwen trok een vergelijking met de vroegere Sovjet-economie: “Men was gerenommeerd in het maken van prototypes, maar slaagde er nooit in daarvan produktie te maken.”

De reorganisatie van de politie laat nog veel te wensen over. Een ongewenst bijeffect is volgens Docters van Leeuwen het gedaalde niveau van leidinggevenden bij grote rechercheonderzoeken. “Voormalige onderzoekers houden zich nu vermoedelijk bezig met allerlei managmenttaken.” Het OM, dat wel “de beste en duurste mensen inzet” bij grote onderzoeken, mist daardoor vaak gelijkwaardige gesprekspartners.