Superchunk speelt punk van de vriendelijke soort

Tournee Superchunk, voorprogramma Seam: 19/1 Arena, Amsterdam; 20/1 Patronaat, Haarlem; 21/1 Effenaar, Eindhoven; 18/2 Vera, Groningen.Here's Where The Strings Come In, City Slang EFA 04966-2Foolish, City Slang EFA 04938-2.

Wie een beeld heeft van de Amerikaanse Generatie X als luie, verwende jongeren die stijf staan van de drugs, heeft nog nooit een optreden van Superchunk gezien. Dit viertal uit Chapel Hill, North Carolina, dat morgenavond in Amsterdam aan een Europese tournee begint, speelt zijn muziek met een bijna belachelijke hoeveelheid energie en enthousiasme. En dat zonder peppillen. 'I think I'm hyper enough as it is' zingt zanger/gitarist Mac McCaughan in het liedje Hyper Enough, een tekst die slaat op een moment dat hij een kop koffie kreeg aangeboden - van opwekkende drugs zou hij waarschijnlijk helemaal op tilt slaan.

De aanstekelijke energie waarmee de muziek van Superchunk overloopt, is nu niet minder dan toen ze begonnen, zo'n zes jaar geleden. Muzikaal gezien laten de vijf albums (en twee compilaties) die sindsdien verschenen zijn, echter een duidelijke ontwikkeling horen.

McCaughan, nu achtentwintig, begon als tiener met het spelen van harde punkmuziek. “Wat mij er in aantrok was waarschijnlijk dat je niet zo goed hoefde te kunnen spelen, het klinkt al gauw goed. Op je veertiende wil je harde muziek horen, en punk was het hardste dat ik kon vinden, naast hardrockgroepen als AC/DC.”

Met Superchunk koos hij ervoor punk te spelen van het vriendelijke soort, met als lichtend voorbeeld de Engelse Buzzcocks, die in de jaren zeventig mooie popliedjes hard en snel speelden. De uitstraling van Superchunk is zelfs zo knuffelig en lief, dat wat ze doen wel omschreven wordt als 'Muppet rock'.

De afgelopen jaren is het geluid van Superchunk gevarieerder geworden: naast nummers met een hoog tempo waarin een poging lijkt te worden gedaan om de drums, bas en gitaar zo snel mogelijk kapot te krijgen, speelt de groep ook langzamer, rustiger liedjes. McCaughan: “In het begin speelde ik vooral om iets te doen te hebben, om mij niet te vervelen - dan is het al leuk genoeg om gewoon zo veel mogelijk lawaai te maken. Hoe meer liedjes je schrijft, hoe meer het lukt om je persoonlijk te uiten, om verfijndere songs te schrijven met teksten waar je tevreden over bent. Mijn werkwijze is ook veranderd: bij het schrijven van liedjes gebruik ik nu vaker mijn akoestische gitaar.”

Wat de muziek van Superchunk bijzonder maakt, is de combinatie van onstuimige energie met een gevoel van onbestemde onvrede, ergens tussen melancholie en lichte wanhoop, dat in het Engels vaak angst genoemd wordt. Vooral op de vorige cd, Foolish (1994), kreeg deze ernstiger kant de overhand. De oorzaak daarvan leek duidelijk. McCaughan en bassiste Laura Ballance gingen na een langdurige relatie uit elkaar, al bleven ze wel in dezelfde band spelen. “Je hoort altijd aan een plaat af in wat voor stemming de band was toen ze hem maakten”, zegt McCaughan. “In die tijd was het moeilijk om bij haar in de buurt te zijn, om samen te werken. Dat zal zijn invloed op de muziek gehad hebben. Maar veel mensen dachten dat alle teksten daarover gingen, terwijl dat helemaal niet zo was. Die plaat gaat over heel veel dingen. Het is voor mij al moeilijk om een liedje te schrijven dat over eén onderwerp gaat, vaak begint het met iets specifieks en gaat het dan een heel andere kant op.”

Toch lijkt het geen toeval dat een van de nummers van die cd, het indrukwekkende The First Part, een pessimistisch liedje over relaties is. “Het idee daarachter was: als je begint met een nieuwe relatie ben je helemaal verliefd, en alles is geweldig. Maar ergens achterin je hoofd denk je bij jezelf: wanneer gaat het mis? Op een bepaald punt gaat het altijd mis, hoe snel zal het deze keer gebeuren?”

Op de vorig jaar verschenen cd Here's Where The Strings Come In is de toon weer wat opgewekter. De onderwerpen van de liedjes zijn luchtiger. Een voorbeeld is Animated Airplanes Over Germany. “We vlogen van Engeland naar Duitsland, en ze hadden in het vliegtuig zo'n kaart waarop je de route kon volgen. Je zag kleine getekende vliegtuigjes over de kaart van Europa bewegen. Daar komt die titel vandaan.”

Een paar jaar geleden werd voor Superchunk, vooral door de Engelse muziekpers, net zo'n doorbraak naar het grote publiek voorspeld als Nirvana in 1991 beleefde. Die voorspelling kwam niet uit: andere groepen uit de Amerikaanse alternatieve rock kwamen wel hoog in de hitlijsten, Superchunk niet. “Het is maar hoeveel je ervoor over hebt”, zegt McCaughan, “wij willen niet bij een grote platenmaatschappij tekenen bijvoorbeeld, en dat beperkt de mogelijkheden al aardig. Natuurlijk willen wij zoveel mogelijk platen verkopen, maar op onze voorwaarden. Sommige bands doen alles om populair te worden, maar vaak duurt hun succes dan niet zo lang. Als wij een tournee doen hebben we een vaste aanhang. Die mensen komen naar ons kijken omdat ze de platen goed vinden, niet omdat ze ons dertig keer per dag op de radio horen en ze constant verteld wordt dat wij dè hippe band van het moment zijn. Ik ben tevreden met het tempo waarin onze carrière gaat. We hoeven er in elk geval geen gewone banen naast te hebben, daar ben ik al heel blij mee.”