Overheid meest gebaat bij redding Fokker, na surséance

AMSTERDAM, 18 JAN. De koortsachtige spanning die in 1993 onder de grote Nederlandse banken heerste over de reddingspoging voor vrachtwagenproducent Daf, is nu bij de financiële doodsstrijd van Fokker vrijwel afwezig. “Dit gaat de belangen van de particuliere sector te boven, dit is een zaak die op hoog politiek niveau wordt beslist”, zo zegt een Nederlandse topbankier.

“Twee maanden geleden was ik nog redelijk optimistisch dat Daimler-Benz en de overheid er uit konden komen”, zegt een bankier die bij Fokker kind aan huis is. “Nu ben ik somber gestemd.”

Bij Daf stonden voor de Nederlandse banken grote financiële belangen op het spel. Zij hadden kredieten verstrekt van vele miljarden en de grootste geldschieters, zoals de ABN Amro en ING, waren tevens aandeelhouders. Bij Fokker liggen de kaarten heel anders. De kredietverlening aan de vliegtuigbouwer is de afgelopen jaren overgenomen door Duitse en Zwitserse banken en door het moederbedrijf Daimler-Benz zelf, zeggen doorgaans goed geïnformeerde bankiers. De bedragen die Nederlandse banken aan Fokker hebben uitgeleend zijn “zeer bescheiden”, vertelt de eerder genoemde bankier. “Elk miljoen gulden verlies op een krediet bij faillissement is natuurlijk een miljoen te veel”, zegt hij, maar hij heeft wat dat betreft geen grote zorgen.

Van oudsher had de ABN de meest innige banden met Fokker. Een van de voorgangers van de ABN, de Nederlandsche Handel-Maatschappij, behoorde tot de geldschieters bij de oprichting van Fokker. De bank leverde traditioneel de president-commissaris, totdat ABN-bestuurder mr. drs. H.Langman in 1988 als voorzitter van de commissarissen opstapte nadat bij een nieuwe steunronde door de overheid vragen waren gerezen over de verenigbaarheid van functies van huisbankier en president-commissaris.

Daimler-Benz, Fokkers uiteindelijke moedermaatschappij, staat sinds juni vorig jaar formeel garant voor de continuïteit van de financiering van Fokker, die door aanhoudende verliezen geen eigen vermogen meer heeft en volledig afhankelijk is van het financiële infuus van Daimler-Benz. Oorspronkelijk zou die garantie per 31 december 1995 verstrijken. Het uitblijven van resultaat in de onderhandelingen tussen de twee grootste Fokker-aandeelhouders, Daimler-Benz en de Nederlandse staat, heeft geleid tot een verlenging voor onbepaalde tijd. Deze blanco cheque moet de commissarissen van Daimler toenemende zorgen baren, zo wordt in financiële kringen vermoed. Daimler stevent af op een miljardenverlies over 1995.

De commissarissen van Daimler hebben het Fokker-dossier op het agenda gezet van een buitengewone vergadering van aanstaande maandag. Daimler-Benz heeft volgens conservatieve schattingen in financiële kringen al meer dan 3 miljard gulden in Fokker gestoken in de vorm van aandelen, leningen en verliesfinanciering. De power play van de commissarissen voedt de nervositeit. “Het lijkt erop dat de regie ontbreekt”, zegt een bankier. “Maljers (de ex-Unilever-topman die namens de overheid de onderhandelingen voert; red.) breekt er blijkbaar ook niet doorheen”, aldus deze banktopman die Maljers goed kent. De reddingsactie voor Daf mislukte drie jaar geleden toen een intern verdeeld bankenconsortium ruzie kreeg met de Belgische overheid. De redding bleef uit en Daf vroeg zelf uitstel van betaling aan. Drie weken later wisten de overheden, de banken, grote beleggers en toeleveranciers een nieuw, gereorganiseerd Daf Trucks op te zetten, dat met de helft van het personeel een nieuwe start maakte. Vorig jaar maakte Daf 160 miljoen gulden winst.

Als de onderhandelingen om Fokker mislukken, krijgen de Duitsers automatisch de zwarte piet: zij trekken de financieringsgarantie in. Dan is uitstel van betaling onvermijdelijk. Of een Daf-scenario vervolgens voor Fokker realistisch is, wordt betwijfeld. De financiële reorganisatie van Daf was een sprong in het diepe, die wonderwel goed is afgelopen door een drastische kostensanering en een ommekeer op de vrachtwagenmarkt. In de vliegtuigmarkt komen echter steeds meer nieuwe aanbieders op de proppen, terwijl de sterke Nederlandse en Duitse valuta de exportkansen bederven.

Fokker heeft de afgelopen maanden zelf wel de mogelijkheid geschapen voor een Daf-scenario door uitverkoop te houden van dochterbedrijven die niet tot het kernbedrijf behoren. Anderhalve maand geleden slaagde Fokker er na lang onderhandelen in om de vloot onverkochte leasevliegtuigen, een molensteen ter waarde van bijna een miljard gulden, te verkopen aan een dochter van Daimler-Benz. In 1994 verkocht Fokker een pakket patenten aan de Rabobank.

De afslanking betekent dat een bewindvoerder bij uitstel van betaling zich volledig kan richten op een oplossing voor het kernbedrijf van Fokker. De overheid heeft een sterke prikkel om mee te werken: het is de enige manier om nog iets te redden van bijna een miljard ontwikkelingskredieten aan Fokker en de werkgelegenheid van 6500 mensen plus een cluster toeleveranciers.

Een van de opties die de ronde deden, is opdeling in drie bedrijven: de onderhoudsdiensten van Fokker, die de service aan bestaande vliegtuigen voortzetten, bundelen met de technische dienst van de KLM, de assemblage op Schiphol houden en de engineering bundelen met andere Europese groepen, zoals British Aerospace.

Het horror-scenario voor de overheid is dat Daimler-Benz zijn handen van Fokker aftrekt en met enig tamtam de meerderheid van de aandelen voor een gulden aan de overheid aanbiedt. Dan staat de overheid voor het blok: doorgaan of stoppen.