Grilligheid maakt plaats voor monisme

DEN HAAG, 18 JAN. D66-minister Sorgdrager (justitie) was aanvankelijk zichtbaar gespannen. Het spoeddebat gisteren over de vraag of de minister de Tweede Kamer in oktober vorig jaar wel juist en volledig had geïnformeerd over de werkelijke ontslaggrond voor de Amsterdamse procureur-generaal Van Randwijck, was eigenlijk een nabrander van dat oktober-debat. Bovendien hadden de regeringspartijen PvdA, VVD en D66 in tegenstelling tot de kwestie van de gouden handdruk voor Van Randwijck zich ditmaal tevoren rond de minister opgesteld. Maar juist omdat Sorgdrager drie maanden geleden bijna het slachtoffer werd van het grillige verloop van het debat, leek ieder woord haar dubbel moeilijk te vallen.

Aanleiding voor het spoeddebat was een bericht vorig week in de Volkskrant waaruit zou blijken dat Sorgdrager tegenover de Kamer had verdoezeld dat Van Randwijck vooruitlopend op de reorganisatie van het openbaar ministerie was ontslagen en niet wegens zijn falend gezag in het ressort Amsterdam. Vandaar de hoogte afvloeiingsregeling. Kamerleden zaten vorige week dan ook met twee “ernstige vragen”: had de minister feitelijk onjuiste informatie gegeven? En was zij tegen de afspraken van juni vorig jaar met de Kamer op eigen houtje alvast maar aan de slag gegaan met die reorganisatie?

D66, de eigen partij van de minister, meldde vorige week donderdag al dat er van misleiding geen sprake was. De fractie had kennelijk geleerd van het 'gouden handdruk-debat'. In oktober ondertekende D66 een kritische motie van de PvdA aan het adres van Sorgdrager. Dat leidde toen bijna tot het aftreden van de minister. Ditmaal koos D66 van meet af aan een monistische opstelling. En na een brief van Sorgdrager aan de Kamer, zwakten vrijdag ook de beide andere regeringspartijen hun aanvankelijke scepsis ten aanzien van de minister af.

Op voorhand was gisteren dus al duidelijk dat de risico's voor Sorgdrager te overzien waren. CDA-justitiespecialist Van der Heijden zorgde er echter voor dat Sorgdrager even in de gevarenzone terecht kwam. Van der Heijden bleek te beschikken over de vertrouwelijke briefwisseling tussen de advocaat van Van Randwijck en het ministerie, waaruit zou blijken dat de minister wel degelijk uit was op reorganisatie-ontslag. Sorgdrager raakte van haar apropos, bladerde verwoed in haar dossier, en vroeg om een leespauze.

De met veel bravoure ingezette aanval van Van der Heijden werkte als boemerang toen de woordvoerders van de regeringspartijen van hem eisten dat hij de documentatie zou overleggen. De CDA'er weigerde. De minister had de stukken ook, dus moest zij die maar geven, zo betoogde hij. Zelf zou hij niet de vrijheid hebben gekregen van zijn bronnen om die brieven openbaar te maken. Die weigering kwam Van der Heijden te staan op verwijten en kritiek van andere fracties.

De coalitie kreeg gisteren forse steun uit onverwachte hoek. SP-fractievoorzitter Marijnissen haalde fors uit tegen de CDA-fractie die volgens hem “oppositie voert om het oppositievoeren”. Net als bij het spoeddebat met minister Dijkstal eind vorig jaar over de vrijheid van onderwijs aangevraagd door CDA-fractievoorzitter Heerma, werd het CDA gisteren plotseling doelwit van de rest van de Kamer. Hetzelfde gebeurde twee weken geleden, toen CDA vice-fractievoorzitter De Hoop Scheffer de Kamer van het reces terugriep om D66-minister Van Mierlo (buitenlandse zaken) over diens bezoek aan het Oriënt House in Jeruzalem aan de tand te voelen. GroenLinks-buitenlandwoordvoerder Sipkes zei toen dat De Hoop Scheffer alleen maar “een hoop fuzz” veroorzaakte. Van oppositie-partijen die elkaar onderling met hetzelfde enthousiasme bestrijden als het kabinet, hebben de paarse partijen weinig te vrezen, zo bleek gisteren.

Tegen het eind van het debat kon Sorgdrager de handelingen van de geachte afgevaardigden ontspannen glimlachend bezien. Deze keer was zij met de schrik vrijgekomen. Het commentaar van D66-fractievoorzitter Wolffensperger luidde achteraf dat de minister sterker uit het debat te voorschijn was gekomen. Het CDA heeft Sorgdragers geloofwaardigheid inderdaad niet kunnen aantasten. Maar het wederom opduiken van vertrouwelijk informatie uit de justitie-koker gericht tegen de bewindsvrouwe, roept aan de vooravond van de grootscheepse reorganisatie van het OM vragen op over de loyaliteit van haar eigen apparaat.