Solliciteren tot je erbij neervalt

In het keizerlijke China gebeurde de selectie van kandidaten voor overheidsfuncties middels examens. Op zich is daar niets verkeerds aan, want ieder had in pricipe een gelijke kans zich voor deze lucratieve functies te kwalificeren. Het examen fungeerde als een soort rank-order tournament, een competitie bedoeld om relatieve verschillen tussen potentiële kandidaten tot uitdrukking te brengen.

Soortgelijke toetsen, naast diploma's of werkervaring, voor het verkrijgen van een lucratieve baan bestaan nu nog, bijvoorbeeld om in aanmerking te komen voor een dienstverband bij de EU of de VN. In de economische literatuur is het selectie-systeem zoals dat in China gehanteerd werd een klassiek voorbeeld geworden van rent-seeking. Kenmerkend voor rent-seeking gedrag is dat hierdoor niets (nuttigs) geproduceerd wordt, maar dat slechts reeds bestaande financiële voordelen aan personen worden toegewezen. Het enige wat door rent-seeking geproduceerd wordt is deze toewijzing van lucratieve posities aan personen, maar met het neveneffect dat degenen die er niet in slagen de baan te bemachtigen veel tijd en moeite hebben verspild.

Daarom wordt rent-seeking veelal gelijkgesteld met, vanuit economisch oogpunt, onwenselijke, onproduktieve activiteiten. Zo moesten de toekomstige ambtenaren voor het examen onnodig veel uit hun hoofd leren wat geen enkele bijdrage leverde aan een betere uitoefening van de overheidsfunctie. Rent-seeking gedrag komt voor wanneer er een financieel voordeel te behalen valt (zoals een lucratief salaris verbonden aan een baan) en waarbij deze voordelen op voorhand nog niet aan deze of gene persoon zijn toebedeeld. Het koningschap is een voorbeeld waar ondanks een groot financieel voordeel geen rent-seeking gedrag optreedt omdat de winnaar (prins Willem-Alexander) bij voorbaat vaststaat.

Het is bekend dat veel werklozen bij sollicitaties wegens de overstelpende hoeveelheid reacties te horen krijgen dat zij helaas niet uitgenodigd worden voor een gesprek, ondanks het feit dat zij veelal aan de vereisten voldoen. Tevens is het bekend dat het hebben van een baan momenteel een schaars en benijdenswaardig goed is, wat rent-seeking gedrag op grote schaal bevordert. Als op een vacature voor een twintigurige baan met een looptijd van één jaar 200 sollicitaties binnenkomen, in aanmerking genomen dat het schrijven en typen van een sollicitatiebrief ongeveer één werkdag kost, dan betekent dit dat de sollicitanten tezamen reeds meer tijd hebben gestoken in hun pogingen deze baan te bemachtigen dan de hoeveelheid (produktieve) arbeidstijd die met de baan zelf is gemoeid.

Om deze tendens te keren zijn verschillende mogelijkheden denkbaar. Ten eerste zouden bedrijven en instellingen de vereisten zo scherp mogelijk moeten formuleren. Dit blijkt in de praktijk, misschien mede vanwege de sollicitatie-plicht voor werklozen, slecht gedeeltelijk te werken. Een andere mogelijkheid is dat een irrelevante eis in de vacature wordt opgenomen, bijvoorbeeld dat de sollicitant een ervaren golfspeler moet zijn. Het aantal sollicitanten zal dan weliswaar drastisch teruglopen, maar het nadeel is dat degenen die dit kenmerk niet hebben geen eerlijke kans krijgen.

Een derde mogelijkheid, die ik hier wil voorstellen, bestaat erin dat er een standaardformulier komt waarin gegevens worden opgenomen zoals leeftijd, opleiding, werkervaring, enz. Dit voorstel komt de allocatie op de arbeidsmarkt, de juiste man/vrouw op de juiste plaats, zelfs ten goede. Immers, de sollicitant hoeft bij alle vacatures waarop hij/zij wil reageren slechts dit standaardformulier op de post te doen, waarna de vacature-houder uit het grote aantal ingezonden formulieren een tien- of twintigtal selecteert.

Ten eerste is de drempel om te solliciteren verlaagd, waardoor de werkgever een grotere keus heeft. Ten tweede zijn degenen die uitgenodigd worden te schrijven extra gemotiveerd een goede brief te schrijven, terwijl het nu vaak voorkomt dat sollicitanten na een aantal afwijzingen niet meer serieus de moeite nemen.

Dit voorstel bespaart zowel de werkgever als de sollicitanten veel tijd en moeite. Met de economie zal het hierdoor misschien niet veel beter of slechter gaan, maar in ieder geval is iets gedaan voor al die honderdduizenden die maand in, maand uit met elkaar strijden om de schaarse, beschikbare vacatures.

    • L.F.M. Groot