NKF ziet weer goede groeikansen als zelfstandig bedrijf

DELFT, 17 JAN. Op het eerste gezicht lijkt het beleid van kabelfabrikant NKF Holding op een slingerkoers. Vanaf de oprichting in 1913 tot 1970 zelfstandig, daarna onderdeel van Philips, dat in de jaren zeventig de grootste kabelfabrikant van Europa en zelfs van de wereld was. Een zogenoemde leveraged buy out leidde in 1986 weer tot zelfstandigheid, waarna in 1990 de aansluiting bij de Finse elektronicafabrikant Nokia volgde, een partner die binnenkort als meerderheidsaandeelhouder wegvalt.

Niet alleen zal Nokia zijn belang in NKF Holding verminderen van 55 tot 49 procent, het Finse bedrijf doet tegelijkertijd vrijwel al zijn eigen kabelactiviteiten over aan NKF. Dat wordt daardoor een zelfstandige partij met een omzet van 1,2 miljard gulden en 2800 personeelsleden. Daarmee neemt het bedrijf op de Europese markt voor energie- en telecom-kabels de vijfde plaats in. Uiteindelijk, zo is de verwachting, zal Nokia ook het resterende belang in NKF van de hand doen om zich geheel aan zijn succesvolle telecom-business - het bedrijf is Europees marktleider in mobiele telefoons - te wijden.

Is het voor de buitenwacht niet verwarrend? Weet de NKF-top eigenlijk wel wat voor strategie men moet volgen: zelfstandig verder of onderdeel zijn van een groter concern?

Drs. R.L. de Bakker, een van de Nederlandse leden van de raad van bestuur, geeft toe dat het wat zwalkend overkomt. “Maar”, zegt hij, “deze stap past in de strategie van beide bedrijven. Eind jaren tachtig zagen wij een aantal ontwikkelingen op ons afkomen waarvan we ons afvroegen of we die zelfstandig de baas konden. De komst van de ene Europese markt beloofde aanzienlijk meer concurrentie en onze financiële positie was destijds niet erg ruim. Nokia sloot het beste aan bij wat wij wilden. Wij hebben ons personeelsbestand de afgelopen jaren verkleind en onze efficiency sterk verbeterd. Daarnaast hebben we in 1993 twee belangrijke acquisities gepleegd in Duitsland: Kaiser Kabel in Berlijn en PKI (de Duitse kabelpoot van Philips) in Neurenberg en Keulen. We hebben de stap kunnen maken van een bedrijf dat zijn omzet voor 70 procent in Nederland behaalde naar een internationaal opererende groep die in Nederland, Duitsland en Finland eenderde van zijn omzet boekt.”

Nu ziet NKF, aldus De Bakker, hele goede groeimogelijkheden voor een zelfstandige onderneming. “We hebben nu èn de vereiste omvang èn de internationale spreiding plus een betere financiële positie. We kunnen onze huidige strategie voortzetten, los van Nokia.”

De transactie met Nokia moet binnen enkele weken worden afgerond. Half februari komt NKF met de jaarcijfers over 1995. Die zullen voor de aandeelhouders een prettige verrassing inhouden, want de overname van Nokia-activiteiten zal gebeuren met terugwerkende kracht vanaf 1 januari afgelopen jaar. Daardoor zullen ze een belangrijke bijdrage leveren aan de winst van NKF Holding over het afgelopen jaar, die daardoor waarschijnlijk circa 20 procent hoger uitvalt dan de 20,3 miljoen over 1994. Ook zal duidelijk worden hoe het Delftse concern de transactie heeft gefinancierd. Gedeeltelijk gebeurt die financiering uit de operationele kasstroom en deels met bankkrediet. Details daarover willen De Bakker en zijn collega ir. A.M.F.J. van de Laar nu nog niet geven.

Jaren achtereen heeft NKF geklaagd over de forse prijsdruk op de Europese markt voor energie- en telecom-kabels. Die markt werd de afgelopen jaren geplaagd door overcapaciteit. Het grootste stuk overcapaciteit zal binnenkort verdwijnen door het sluiten van bedrijven of is al weg, maar voor de prijsdruk geldt dat nog niet helemaal, zegt NKF-bestuurder Van de Laar. “ De markt is niet slecht, onze fabrieken zitten netjes vol en onze kostenstructuur is zo dat we meekunnen. Onze produktiviteit is sinds de jaren tachtig verdubbeld. We behoren nu qua produktiviteit tot de top van de wereld.”

In de Delftse NKF-fabriek, waar uitsluitend elektriciteitskabels worden gemaakt, is betrekkelijk weinig personeel te bekennen. Kilometers kabel rollen van de band - sommige à raison van honderden guldens per meter - zonder dat er een mensenhand aan te pas komt. Machines en robots hebben bijna alle taken overgenomen. Van de Laar: “Vroeger struikelde je hier over de mensen. Onze afdeling eenvoudige stroomkabels draait geheel in lean production. Daar bepaalt een groep personeelsleden het hele proces, van de planning tot de distributie.”

De revolutie in de telecommunicatie - digitalisering van de samenleving, elektronische snelweg, mobiele telefonie - lijkt de leveranciers van kabels gouden bergen te beloven. NKF-directeuren De Bakker en Van de Laar relativeren die stelling. Wel gaan de ontwikkelingen op dat terrein zo snel dat zij nieuwe allianties in de toekomst niet uitsluiten. Van de Laar: “De wereld verandert snel. Niemand heeft eind jaren tachtig de gedragsverandering van telecom-operators kunnen voorspellen. Het dataverkeer verdubbelt in twee tot drie jaar. Die stijging wordt grotendeels opgevangen door de ontwikkeling van de elektronica. Voor ons als kabelfabrikanten resteert een jaarlijkse groei van 4 tot 5 procent.”

Kabels maken is niet echt een tot de verbeelding sprekende industriële activiteit. “Wij beschouwen onszelf zeker niet als behorend tot de high-techsector. De kabelindustrie is nogal volgend, de elektronica bepaalt de technologie. Wij haken daarbij aan”, zegt Van de Laar. “Bij de glasvezelkabels komt wel high tech kijken. Bedenk alleen maar dat er door één vezel nu, theoretisch gesproken, al 100.000 gesprekken tegelijkertijd kunnen worden geleid. Glasvezelkabels hebben een veel hogere toegevoegde waarde. Met gespecialiseerde glasvezelkabels en met hoogspanningssystemen sjouwen we dan ook de hele wereld af.”

NKF ziet de komende jaren de beste groeikansen in de telecom-kabels, vooral die van glasvezel (in Nederland gemaakt in NKF's fabriek in Delfzijl). Daaraan draagt de vernieuwing ('verglazing') van de kabelinfrastructuur op de drie thuismarkten (Nederland, Duitsland en Finland) een behoorlijke steen bij. Ook voor hoogspanningskabel heeft NKF goede verwachtingen. NKF levert alleen de geïsoleerde leidingen voor onder de grond. Uit ruimtegebrek in verstedelijkte gebieden worden in toenemende mate bovengrondse hoogspanningskabels vervangen door ondergrondse. NKF is onder meer met zo'n project bezig in Indonesië.

Via de kabel-activiteiten van Nokia krijgt NKF nu ook direct voet aan de grond in Rusland en China. Maar voor die landen geldt, net als voor Oost-Europa, dat er ondanks het groeipotentieel voor infrastructuur niet op korte termijn een grote winstbijdrage van wordt verwacht. “Door het geldgebrek daar heb je een lange adem nodig”, meent de Bakker.

De trend in de kabelbrache, althans bij NKF, is zoveel mogelijk service te verlenen en steeds vaker sleutelklare projecten aan te bieden. De Bakker: “Kabels voor PTT Telecom leveren wij just in time af in de sleuven. Maar elders doen we nog veel meer dingen voor onze klanten. Daar doen we mee aan het ontwerp van kabelnetten, de uitvoering samen met aannemers, training van personeel en de inkoop van materialen. Het aardige is dat we langzamerhand de kans krijgen die rol ook in Nederland te gaan vervullen.”

Qua omvang is NKF in Europa bij lange na niet de grootste speler op de kabelmarkt. Het Franse Alcatel steekt met een omzet van circa 10 miljard gulden met kop en schouders boven de rest uit. Daarna volgen het Britse BICC en Pirelli, het Zweeds-Zwitserse ABB en Siemens en dan pas NKF.

Die relatief beperkte schaal tast het zelfvertrouwen van NKF geenszins aan. De Bakker: “Wij zijn succesvoller dan een aantal van onze concurrenten. Wij kunnen snel actie ondernemen. Alcatel en Siemens bij voorbeeld maken op hun Duitse kabelbelangen verlies, wij niet.”

Omvang alleen is in de visie van de NKF-top niet zaligmakend. “Kijk naar de telecom-sector. Grote concerns - zie de opsplitsing van AT&T - hebben het vaak moeilijker dan de specialisten.”