Man voorlopig vrij in zaak 'balpenmoord'

DEN HAAG, 17 JAN. De 25-jarige Leidse student die was veroordeeld voor de zogeheten balpenmoord is gisteren door het gerechtshof in Den Haag voorlopig in vrijheid gesteld. In afwachting van de behandeling in hoger beroep is zijn hechtenis geschorst. Het hof gelastte gisteren schorsing nadat de verdediging van de Leidenaar met nieuw, ontlastend materiaal was gekomen.

De rechtbank in Den Haag veroordeelde de Leidenaar in december vorig jaar tot twaalf jaar gevangenis. De rechtbank achtte bewezen dat hij zijn moeder op 25 mei 1991 om het leven had gebracht door met een kruisboog een balpen in haar oog te schieten. Er was vijftien jaar geëist.

De Leidenaar was na de dood van zijn moeder in psychotherapie gegaan. Zijn psychotherapeute heeft tegen de politie verklaard dat haar cliënt haar tijdens therapie vertelde dat hij zijn moeder had gedood. Hij zou haar met een handkruisboog een balpen in het oog hebben geschoten. Door de rechtbank werd de Leidenaar schuldig bevonden aan moord op zijn moeder, vooral op basis van de verklaring van de therapeute, die anoniem voor de rechtbank werd gehoord. De verdachte heeft steeds ontkend dat hij zijn moeder heeft vermoord en ging tegen de veroordeling in beroep.

De raadslieden van de verdachte hebben onderzoek laten uitvoeren door de oogspecialist J. van der Pol, werkzaam bij het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam. Uit zijn onderzoek blijkt dat de balpen die in het hoofd van het slachtoffer werd aangetroffen daarin niet door middel van een kruisboog kan zijn geschoten. Veel waarschijnlijker acht de onderzoeker het dat de vrouw door een ongelukkige val om het leven is gekomen. Het gerechtelijk laboratorium zal in opdracht van het openbaar ministerie en in samenwerking met TNO ook onderzoek naar de mogelijke doodsoorzaak verrichten.

De vader van de verdachte noemde de beslissing van het hof “een overweldigend moment, een triomf van de rede en het recht”. Eind februari wordt de behandeling van het hoger beroep voortgezet.