Grandeur

Wat is beter, groot of klein? Dat hangt er van af waar het voor is natuurlijk. In het algemeen dacht ik dat in Nederland, dit beschaafde dorp, een vooroordeel ten gunste van het kleine bestond. Maar vorige week was daar in elk geval weinig van te merken. Nederland was in de ban van de grandeur zoals die afstraalde van de dood en de begrafenis van de Franse oud-president. De megalomane poseur Mitterrand oogstte aan het eind van zijn leven bijval uit alle hoeken.

Twee heren die ik bewonder schreven in het belendende ochtendblad vol ontzag over de overledene, en nog wel op terreinen waarvan ik had gedacht dat ze er redelijker over zouden denken. (Maar ja, redelijkheid staat machteloos voor het Grote Gebaar.) Kees Fens, de monastieke man die boeken leeft en ademt, had het over Mitterrands TGB, de Très Grande Bibliothèque. De kolos met zijn vier lege glazen torens aan de Seine is volgens Fens laatdunkend een prestige-object genoemd. Maar wat is er tegen prestige, vroeg hij zich af. Met nederigheid bouw je doorzonwoningen.

Ik zou het niet wagen hier de doorzonwoning te verdedigen, maar aan die bibliotheek, die in een krankzinnig tempo moest worden gebouwd omdat de president hem anders niet meer in zijn tweede septennat had kunnen openen, kleefden toch wel wat bezwaren. Dat het ganse Franse bibliotheekwezen en het gros van de academici er tegen waren, berustte op meer dan benepenheid. Misschien wisten zij wel een betere bestemming voor de tien procent van het totale Franse budget voor cultuur die het project kostte. Geen doorzonwoningen vermoedelijk, maar allicht iets waar de hongerende bibliotheken en universiteiten van Frankrijk profijt van zouden hebben gehad.

Ontzag ook van Maaike Helder: over het feit dat naast de kist van de bigamist Mitterrand twéé vrouwen stonden, niet ver van elkaar. Frankrijk is een beschaafd land dat dat kan, schreef Helder - nota bene zelf tot voor kort een vrouw. Ik geef toe dat ik ook wel eens heb geschreven dat de koele hooghartigheid waarmee Mitterrand publiekelijk toegaf een 'natuurlijke dochter' te hebben iets chics had - maar die twee gezinnen naast die kist (en het eerbiedige geprevel van de commentatoren), die dreven de onderworpenheid wel erg ver. Waarom schreef trouwens niemand dat de naam van Mitterrands bastaarddochter, Mazarine, hoort bij de kardinaal en vertrouweling van Lodewijk XIV die in 1643 de eerste openbare bibliotheek van Frankrijk stichtte?

Ach, grandeur. Weemoedig verlangen naar grootsheid is de prijs die moet worden betaald voor de redelijke, beschaafde maatschappij waarin wij leven. Grootsheid hebben wij niet. Wij hebben huisvader Kok die verklaart dat minister Sorgdrager een 'goed verhaal' heeft. En dat hij zelf ook niet precies weet waarom hij zo'n hoge onderscheiding van koning Hussein van Jordanië heeft gekregen.

In het land van huisvader Kok wordt geurmd (ge-urmd?) over het kruisje op de torenspits in het paspoort, dat overigens volgens mij een haantje had moeten zijn. En gemekkerd over het jachtgenot van de kroonprins, die op dit ene gebied nu eens wilde doen als alle kroonprinsen ter wereld. Maar inderdaad, jagen is walgelijk, dus moet ook hij het laten - en daar gaat dan weer een stukje grandeur het land uit. In het buitenland doen ze nog steeds meewarig over onze fietsende koningin, terwijl dat al veertig jaar geleden is (en wij nu pas hebben vernomen dat Juliana de 'fiets pakte' om Greet Hofmans op te zoeken die niet meer welkom was in het paleis).

In het land van de fietsende koningin en de huisvaderlijke premier is grandeur terecht geen criterium waaraan politici worden afgemeten. Grandeur is eng, want zij gaat altijd ten koste van iets of iemand. In een Engelse krant stond een aforisme van de dichter René Char, dat een lievelingscitaat van Mitterrand schijnt te zijn geweest. 'Wat in de wereld komt zonder iets te verstoren verdient noch belangstelling, noch geduld,' luidt het, terugvertaald uit het Engels. Kijk, dat bedoel ik nu. Het is mooi, maar het is literatuur. Het is geen politiek - of zou dat althans niet moeten zijn.

    • Ileen Montijn