Een weerzinwekkende en weloverwogen documentaire over incest; Dader heeft heimwee naar iets wat niet is

Daders. Regie: Hans Otten. In: Amsterdam, Alfa; Utrecht, 't Hoogt; Groningen, Liga 68; Nijmegen, Cinemariënburg.

May Each Day In Your Life Be A Good Day is de melodie, waarop ballroomdansers zich met een gepantserde glimlach over het televisiescherm bewegen. Op de voorgrond van het huiskamertafereel staan gezellige gele kopjes op tafel. Alleen al de onbevolkte Hollandse interieurs die cameraman Deen van der Zaken op film vastlegde, zouden van Daders een fascinerend document gemaakt hebben. Maar er is bij deze associatief gemonteerde beelden ook tekst, van drie mannen met licht vervormde stemmen die de hele film niet herkenbaar in beeld komen, hooguit even van achteren bij de visitatie in de gevangenis.

“Je hebt heimwee naar iets wat er niet is”, beschrijft een van hen zijn gemoedstoestand, vlak voordat hij toch weer besloot 'naar boven te gaan'. En dan later, na het klaar komen, het afvegen met een slip van zijn overhemd, het douchen en het weer naar beneden terugkeren, steevast op de knieën te bidden: “God, waarom doe ik dit steeds opnieuw?”.

De verhalen van mannen die langdurig en stelselmatig een dochter of stiefdochter seksueel misbruikten zijn weerzinwekkend: in de weloverwogenheid van de opzet, de drogredenen die moeten aantonen dat de kinderen het eigenlijk wel prettig vonden en in de valsheid van sommige ostentatieve spijtbetuigingen.

Kijken en luisteren naar Daders, een documentaire van een klein uur, is geen prettige bezigheid. De film, die vorige maand in première ging tijdens het International Documentary Filmfestival Amsterdam, biedt, met uitzondering van een kalme samenvatting van de feiten door een rechtbankpresident, alleen het standpunt van de daders, niet dat van slachtoffers, deskundigen of moeders. Het resultaat is beklemmend en verwarrend. Ik kan me goed voorstellen dat iemand geen zin heeft om zo'n kille horrorfilm te zien. Regisseur-producent Hans Otten wilde het toch zo, omdat hij gefascineerd was door wat Bresson 'het mechanisme van het kwaad' zou noemen. Ik vind Daders een huiveringwekkend goede documentaire, niet alleen als documentatie van de relatief onbelichte zijde van een verschijnsel waar volgens sommige recente onderzoeken 16% van de Nederlandse meisjes op de een of andere manier mee te maken zou hebben (gehad). De montage - van de regisseur samen met Puck Goossen - slaagt erin om de juiste associaties op te roepen, waardoor je zicht krijgt op de binnenwereld van mensen met net iets te strak opgemaakte bedden en te opgeruimde woonkamers. Een auto die over een stil landweggetje rijdt illustreert perfect het verhaal over 'een stukje zelfbevrediging' bij het zwembad. Een tikkende klok, een open haard, een regenlandschap bezien vanuit de boevenwagen, een spoorwegovergang, ze maken de film tot iets anders dan een geïllustreerde radiodocumentaire. Het best werkt deze wisselwerking tussen los van elkaar verzamelde beelden en geluiden in de kermisscènes. Die luidruchtige dwang tot genieten, de schelle kleuren en de ideologie van 'winnen-winnen-winnen' passen precies bij de illusies van een man die achteraf uitroept: “Wat deed ik nu eigenlijk fout? Ik deed niemand pijn, en ik kies ook altijd meisjes uit die er eigenlijk een beetje om vragen, die bij voorbeeld leermoeilijkheden hebben en een beetje aanhankelijk zijn”. Op dat moment laat Otten een close-up zien van een grote, in feestjurk gestoken meisjespop, een hoofdprijs van de schiettent.

    • Hans Beerekamp