Opening van zaken

DE GESCHIEDENIS VAN Desert Storm moet opnieuw worden geschreven. De vraag waarom die operatie werd stopgezet nog voor Saddam Hussein het veld had geruimd, wordt doorgaans beantwoord met een verwijzing naar de betekenis van het regionale machtsevenwicht. Als Saddam was omgekomen of afgezet, zo luidt de redenering, zou Irak uiteen zijn gevallen en had de weg opengelegen voor een Iraanse hegemonie in het gehele gebied van de Golf. Naar nu blijkt zijn hiermee de leider van de operatie, de toenmalige Amerikaanse president George Bush, overwegingen toegeschreven die hij in feite niet heeft gehad.

In een interview (met David Frost, vandaag voor PBS) heeft Bush verklaard erop te hebben gerekend dat na de Iraakse nederlaag in Koeweit er als vanzelf een einde zou komen aan het moorddadige regime in Bagdad. Als Saddam zichzelf zou hebben overgegeven en zijn positie zou hebben opgegeven, zou dat, volgens Bush, “de zuiverste afloop zijn geweest, want dan zouden we - zou iedereen met Irak een nieuw begin hebben kunnen maken”.

Voor de duizenden shi'ieten en Koerden die na de stopzetting van Desert Storm door Saddams elitetroepen zijn omgebracht, komt de reflectie van Bush te laat. Speciaal de Koerden waren in de mening komen te verkeren dat zij straffeloos tegen Bagdad konden opstaan. Maar het aanblijven van Saddam en het ongemoeid laten van diens tankleger door de geallieerden trokken een streep door de Koerdische rekening. De shi'ieten, aangemoedigd door de Amerikaanse opmars in hun gebied, kwamen eveneens in opstand, maar ook die werd bloedig neergeslagen. ALS BUSH GEEN strategische redenen heeft gehad om de operatie voortijdig stop te zetten, moet worden geconcludeerd dat hij en zijn generaals een tactische blunder hebben begaan. De weg naar Bagdad lag open, de Iraakse strijdkrachten waren gedecimeerd of nagenoeg omsingeld. De totale ondergang van Saddam en zijn leger zou hoogstens nog een kwestie van een etmaal zijn geweest. Niet alleen heeft het Amerikaanse verzuim door te tasten vele onschuldige levens geëist, de wereld zit in Bagdad nog steeds opgescheept met een regime dat, ondanks de vernietiging onder internationale controle van zijn massa-vernietigingswapens, steeds weer onbetrouwbaar en onhandelbaar is gebleken.

Het is moedig van Bush dat hij de geschiedschrijving zijn kennis en inzicht niet onthoudt, maar dat maakt zijn bekentenis niet minder een smet op wat in wezen een bewonderenswaardige onderneming was. In ieder geval vormt zij een leerzame aanwijzing voor het internationale verkeer met agressors en massamoordenaars.