Guus Janssen klinkt opwindend bij De Volharding

Concert: De Volharding en het Podiumtrio o.l.v. Jurjen Hempel. Werken van Janssen en Termos. Gehoord 13/1 Concertgebouw Amsterdam. Herhalingen 17/1 De Oosterpoort Groningen; 18/1 De Doelen Rotterdam; 21/1 Kloveniersdoelen Middelburg; 25/1 Schouwburg Deventer.

John Cage zag weinig in jazz: er wordt zelden in geïmproviseerd, meestal speelt men steeds weer dezelfde stereotype- en ingestudeerde riedels. Bovendien haatte Cage het regelmatige metrum: “The clock is okay ticking away second by second, dat is nuttig als je een trein wilt halen, maar ik geloof niet dat het halen van een trein een van de meest interessante aspecten van mijn leven is.” Al in de zestiger jaren concludeerde Michael Zwerin in een gesprek met Cage dat jazz, rock and roll, folk en klassieke avant-garde elkaar naderden; het idee dat deze fusie typisch van deze tijd zou zijn is dus een fabel.

Het thema gecomponeerde- versus geïmproviseerde muziek werd in het weekeinde aan de orde gesteld door De Volharding en het Podiumtrio.

Persoonlijk was ik nogal teleurgesteld in het resultaat. Althans: de combinatie van beide groepen leverde weinig op, slechts enkele leden van De Volharding voelden zich uitgedaagd door het Podiumtrio; maar misschien waren mijn verwachtingen te hooggespannen. De gecomponeerde muziek won het in ieder geval veruit van de te cliché-matige geïmproviseerde. Bijna zou je Cage gelijk willen geven.

Met name Toestand van Guus Janssen, geschreven voor De Volharding, klonk opwindend, qua concept enigszins te vergelijken met het Belgische kinderprogramma 'Tik Tak', waarin stukjes van een foto worden getoond, alvorens uiteindelijk het hele plaatje zichtbaar wordt. Vooral het flitsende slot van Toestand (wanneer de aap uit de mouw komt) is enerverend en werkt bevrijdend in bijkans hallucinerende zin.

Regelrecht ontleend aan een Belgische televisieserie voor de jeugd, 'Kapitein Zeppos' geheten, maar ditmaal uit de zestiger jaren, is Janssens muziek voor Verstelwerk.

Al die puzzelstukjes - want daar komt het bij Janssen toch steeds weer op neer - eisen een uiterste aan waakzaamheid, als een balanceren op hoge steigers. Eén moment van onachtzaamheid kan in deze onttakelde muziek fataal werken.

Gelukkig kon De Volharding helemaal voluit gaan in Paul Termos' Linea Recta, dat onder de dwingende leiding van Jurjen Hempel stond als een huis. Niets onafs ditmaal, maar monumentaal als een groot balletwerk van Strawinsky, zij het daarmee vergeleken toch wel enigszins onttakeld, al was het maar vanwege de meer éénkleurige bezetting. Ook Termos' muziek draagt een tegendraads karakter en past dus op één programma met Janssen, maar bij Termos staat het musiceren centraal en bij Janssen het concept, dat pas tegen het eind de musici enig soelaas biedt.

    • Ernst Vermeulen