Van Vlaanderen doorstaat krachtproef

EGMOND AAN ZEE, 15 JAN. Nog nooit was het mulle zand in Egmond aan Zee zó zwaar voor de zeseneenhalfduizend lopers die gisteren deelnamen aan de halve marathon. En uitgerekend daar maakte Bert van Vlaanderen na een half jaar blessureleed zijn rentree. Wetende dat hij zijn 'bijna' hernia niet mocht forceren.

De 31-jarige atleet uit Tienhoven herinnerde zich na afloop vooral de weersomstandigheden van de internationale wedstrijd. “Het is altijd wel wat in Egmond. Storm, regen of wind”. Daarvan was gisteren met een gemoedelijk zonnetje geen sprake. Maar de zonnestralen maakten het er allesbehalve makkelijker op. “In al die keren dat ik in Egmond gestart ben, is het strand nog nooit zo zwaar geweest”, wist Van Vlaanderen die gisteren minder moeite had met de afstand van 21,1 kilometer dan met het vele water en de mulle zand.

In de Nijmeegse Zeven Heuvelenloop van twee jaar geleden ontdekte Van Vlaanderen de eerste symptomen van zijn blessure, Nader onderzoek wees uit dat een beknelde zenuw in de rug hem parten speelde. Het scheelde weinig of de diagnose zou hernia hebben geluid. “Ik had in Nijmegen last van een slaapvoet en tijdens de voorbereidingen op de marathon van Rotterdam had ik minder controle over mijn rechterbeen”. Aanvankelijk dacht de marathonloper dat de kwalen met wat rust wel zouden verdwijnen. In augustus van het afgelopen jaar kreeg hij echter te horen dat hij drie maanden lang moest stoppen. Hij miste het wereldkampioenschap in Zweden waar hij twee jaar te voren in Stuttgart nog als de nummer drie finishte.

Ondanks de frustraties legde Van Vlaanderen zich neer bij het onvermijdelijke. “Als ik door had gelopen, was ik blijven sukkelen. Ik nam dus het zekere voor het onzekere en dacht: 'Dan ben ik nog op tijd klaar voor Rotterdam en Atlanta'.” Na drie maanden rust en dagelijkse behandelingen in het ziekenhuis, trok Van Vlaanderen in november de hardloopschoenen weer aan. “Mijn trainer zei: 'Tien minuten'. Ik dacht dat het wel een makkie zou zijn, maar dat viel zó tegen. Alles deed zeer, mijn buikspieren, mijn liezen, alles”. Na twee weken afzien, ging de conditie-opbouw relatief snel. “Dan merk je toch dat je een bepaalde basis, een achtergrond hebt”, verklaarde Van Vlaanderen.

Dat bleek ook gisteren tijdens de halve marathon. Zonder enig wedstrijdritme liep Van Vlaanderen een groot deel op kop in de groep met trainingsmaat Aart Stigter. “Aart en ik trainen een à twee keer in de week samen. Ik had verwacht dat ik hem niet bij kon houden want Aart gaat hard. Maar met het hoge aanvangstempo kon ik redelijk makkelijk mee en op het laatste strandgedeelte wisselden we samen de kop af. Het ging perfect.” Van Vlaanderen kwam twee seconden later dan Stigter binnen in 1.05,46 uur, goed voor een dertiende plaats.

Na afloop was hij dik tevreden. Niet zozeer met zijn klassering, maar wel met zijn eindtijd omdat hij daarmee onder zijn streven van één uur en zes minuten bleef. Zijn fysieke gesteldheid bezorgde hem de meeste vreugde. Zijn rug had de zware proef zonder pijn doorstaan. Als dat zo doorgaat, zo verwacht Van Vlaanderen na een druk wedstrijdprogramma weer de oude te zijn op de marathon in Rotterdam. In april moet het daar gaan gebeuren. Als de bond hem voordraagt voor de Olympische Spelen, hoeft hij geen limiet te lopen en probeert hij zijn persoonlijke record scherper te stellen. Moet hij echter onder de limiet van 2.12 blijven, dan loopt Van Vlaanderen op 'safe'. “Want die limiet is geen probleem”, meende hij na de finish in Egmond. “Ik ga echter geen risico's nemen door op een recordpoging stuk te lopen en dan nog niet eens naar de Spelen te gaan”.

Atlanta was gisteren na afloop hét onderwerp van gesprek. De beste Nederlander, Luc Krotwaar, ging zelfs tegen de goede raad van zijn manager en trainer in. Zijn belangrijkste doel is kwalificatie, ook al weet Krotwaar dat een goede klassering in Atlanta onwaarschijnlijk is. Als hij die wedstrijd 'meeloopt' doet hij toch ervaring op, is de mening van de nummer vijf van Egmond. De favoriet van gisteren, Vincent Rousseau, zal niet in Atlanta deelnemen. De Belg heeft veel moeite met hitte en ziet deze zomer van olympische deelname af. Bij zijn debuut op het Egmondse strand verdwenen zijn krachtige stappen te diep in het zand. “Als we op straat waren gebleven, had ik de wedstrijd kunnen beslissen”, dacht Rousseau.

Verrassende winnaar werd Elija Lagat. De Keniaan loopt pas twee jaar. “Ik was te zwaar en besloot te gaan lopen om wat gewicht te verliezen. Toen bleek dat ik talent had”. Lagat hoopt zich in Rotterdam te kwalificeren voor de olympische marathon. Landgenote en winnares Tegla Loroupe mikt op de tien kilometer in Atlanta. “Too hot”, gaf ook zij als argument.

    • Ellen Tax