OM ziet van vervolging RaRa-verdachten af

AMSTERDAM, 15 JAN. Justitie in Den Haag ziet af van de vervolging van twee Amsterdamse journalisten, die in verband werden gebracht met de radicale actiegroep RaRa en met de bomaanslagen op verschillende ministeries en instellingen, die deze actiegroep had opgeëist.

Dat hebben de beide journalisten, H. Krikke en J. Müter, vanochtend bekendgemaakt. Zij hebben op 21 december vorig jaar een fax gekregen van het Haagse arrondissementsparket dat “van verdere vervolging in de onderhavige zaak wordt afgezien wegens gebrek aan voldoende en overtuigend bewijs”. “Dat hoort ook bij het vak”, zei de Haagse persofficier van justitie N. Zandbergen vanmiddag in een reactie.

Advocaat mr. M. Wijngaarden zal namens de journalisten en de stichting Opstand waaraan zij zijn verbonden, schadeclaims indienen die oplopen tot een bedrag van een half miljoen gulden. De journalisten hebben vorig jaar zes dagen in hechtenis gezeten. Bovendien zijn zij opdrachtgevers kwijtgeraakt, die niet meer met hen wilden samenwerken.

RaRa ('revolutionaire anti-rassistische axie') wordt onder meer verantwoordelijk gehouden voor de bomaanslagen op het woonhuis van de toenmalige staatssecretaris Kosto van justitie, op het gebouw van Binnenlandse Zaken in november 1991 en op het ministerie van sociale zaken in 1993.

Het gerechtelijk laboratorium in Rijswijk heeft de schrijfmachines die bij Opstand in beslag waren genomen, onderzocht om ze te vergelijken met de machines waarop verklaringen van RaRa waren geschreven. In juli vorig jaar bleek dat een van de schrijfmachines een schrift heeft waarvan de 'algemene machinekenmerken' overeenkomen met dat in de RaRa-pamfletten.

Bovendien kwam het laboratorium op basis van vergelijkend tekstonderzoek in november tot de conclusie dat “niet kan worden uitgesloten, dat sommige betwiste teksten door een van de verdachten, of door beide verdachten tezamen zijn geschreven”. “Dat is toch onvoldoende om een veroordeling op te schrijven”, aldus persofficier N. Zandbergen vanmiddag. Krikke en Müter hebben hun betrokkenheid altijd ontkend.