Slachtoffers als daders

JOHN SACK: An eye for an eye. The untold story of Jewish revenge. (Met een nieuwe inleiding van de auteur)

XVI + 252 blz., Basic Books 1995, ƒ 38,85 (pb)

(Auge um Auge. Die Geschichte von Juden die Rache für den Holocaust suchten. 392 blz., Kabel verlag 1995, ƒ 50,60)

Lola Potok was een Poolse jodin, in maart 1921 geboren in Bedzin, niet ver van de grens met Duitsland. Ze overleefde Auschwitz. Lola Potok nam wraak. Kort na de bevrijding trad ze toe tot de Poolse geheime dienst, de UB. Ze was net vierentwintig toen ze werd benoemd tot commandant van de gevangenis in Gleiwitz, de plaats waar de Tweede Wereldoorlog begon.

De gevangenis was volgestouwd met Duitsers, weinig SS'ers of andere oorlogsmisdadigers, zoals Lola en haar medebewaarders wisten, maar vooral gewone mannen, vrouwen en kinderen die het ongeluk hadden dat de Geallieerden hun deel van Duitsland aan Polen hadden toebedeeld. Ze werden mishandeld, gemarteld, vermoord. Naar schatting zijn in de honderden Poolse kampen in de jaren na de oorlog tussen de zestig- en tachtigduizend Duitsers om het leven gekomen. Een aantal kampen en gevangenissen stond onder leiding van joodse functionarissen van de UB. In An eye for an eye vertelt de Amerikaanse, joodse (een belangrijke toevoeging in dit verband, volgens de Duitse uitgever) journalist John Sack het verhaal van Lola Potok en van de andere overlevenden van de Shoah die wraak namen.

De publikatie van An eye for an eye heeft grote opschudding teweeggebracht - eerst in Amerika (waar het boek in 1993 verscheen) en later in Duitsland. De gerenommeerde Piper Verlag liet na de eerste negatieve berichten in de Duitse pers alle 6.000 gedrukte exemplaren van Auge um Auge vernietigen. Met typeringen als 'anti-semitische rauwkost' en 'pornografie van de wraak' werden Sack en zijn boek in de hoek gezet.

De verontwaardiging is misschien begrijpelijk, maar ze is niet terecht. An eye for an eye verhaalt een uitzonderlijke geschiedenis. Joden, dat wil zeggen: sommige joden gingen zich na afloop van de oorlog te buiten aan wreedheden jegens Duitsers. De joden waren hier de daders, de Duitsers slachtoffers. Een dergelijke rolverdeling verdraagt zich niet met de gebruikelijke interpretatie van het recente verleden van de Europese joden. Die staat in het teken van onderdrukking en vervolging, van onschuld en lijden. En ze past helemaal niet in onze voorstelling van de Shoah. Voorzover joden wraak hebben genomen op Duitsers, hebben ze dit gedaan door te overleven en de joodse staat Israel te stichten. Sack is door critici verweten slordig met de feiten om te springen. Dit lijkt niet het geval te zijn. De informatie die hij geeft over het relatief grote aantal joden in de geheime dienst in communistisch Polen (70 à 75 procent van alle UB-officieren in Silezië zou van joodse origine zijn) correspondeert met de summiere gegevens die daarover bekend zijn. Hetzelfde geldt voor de omvang van de terreur (1.255 kampen en gevangenissen) en voor de hoeveelheid Duitse slachtoffers.

Wel kan bezwaar worden gemaakt tegen onzorgvuldige formuleringen zoals 'bijna alle joden', de 'meeste joden' en vergelijkbare algemeenheden die Sack hanteert, en tegen zijn neiging om afwijkende schattingen en interpretaties die hij optekent uit de mond van zijn gesprekspartners zonder commentaar weer te geven. Bovendien is hij niet geheel afkerig van speculatie. Sack beweert bijvoorbeeld dat de benoeming van joden op hoge posten in de Oosteuropese veiligheidsdiensten een bewuste politiek van Stalin was. Joden zouden vanwege hun geïsoleerde maatschappelijke positie afhankelijker en daarmee betrouwbaarder zijn dan niet-joden. Het is een bekende, niet geheel onwaarschijnlijke, maar onbewezen these.

Stijl

Een andere bedenking die tegen An eye for an eye is ingebracht, betreft de stijl waarin het is geschreven. Sack pretendeert een nonfiction novel te hebben geschreven, een soort docudrama. De personen in An eye for an eye zijn echt. De gebeurtenissen hebben werkelijk plaatsgehad. Het boek staat echter vol dialogen en monologen, zelfs onuitgesproken gedachten. Sack beweert dat vrijwel geen der citaten is 'geconstrueerd'. Ze zouden weergeven wat zijn gesprekspartners zich herinnerden, of, in enkele gevallen, zo voegt hij hieraan toe, wat ze gezegd of gedacht moeten hebben. Een 'notenapparaat' van vijftig bladzijden neemt de twijfel over Sacks aanpak echter niet weg. Het onderwerp dat in An eye for an Eye wordt behandeld, is dermate nieuw, gevoelig en controversieel, dat het zich eigenlijk niet leent voor de vrije, nogal sensationele stijl waarin het is geschreven. Wat minder reporter en wat meer historicus, en Sack had zichzelf veel kritiek kunnen besparen.

Er is een opmerkelijk en naar ik aanneem geen toevallig verschil tussen de ondertitels van de Duitse en de Amerikaanse uitgave van Sacks boek, respectievelijk de geschiedenis van 'joden die wraak zochten' en het verhaal van 'joodse wraak'. Het onderscheid is essentieel. Er is immers nooit sprake geweest van 'joodse wraak' op Duitsers, hoogstens van individuele joden die wraak namen. Sack is heftig aangevallen omdat hij ten onrechte joden en communisme, en joden en moord met elkaar in verband zou hebben gebracht. Het zou in feite gaan om 'enkele' joden, menen zijn critici, of eigenlijk om enkele 'lieden van joodse origine', om 'communisten met een joodse achtergrond', die in generlei opzicht met het joodse volk kunnen worden geïdentificeerd.

Dit is geen sterk argument. Als de vijf à zes miljoen slachtoffers van de Shoah zonder enige reserve als 'joden' worden beschouwd, waarom dan niet de handvol overlevenden die wraak namen? Vanzelfsprekend waren er onder de joodse communisten in Polen, en elders, velen die de band met hun joodse verleden en tradities hadden doorgesneden. Ze beschouwden zichzelf eerst en vooral, zoniet uitsluitend, als communisten, niet als joden. Maar in het geval van Lola Potok en de haren lag dit wellicht toch anders. Zij waren weggevoerd als joden en ze namen wraak als joden. Zij werden niet geïnspireerd door een of andere fraaie politieke ideologie of utopie, maar door emoties, door een voorstelbare en onbedwingbare wraakzucht. In de Poolse kampen en gevangenissen zuchtten de Duitsers onder de collectieve schuld aan de genocide op de Europese joden.

En ten slotte heeft An eye for an eye het moeten ontgelden omdat het de wandaden die een handvol (of iets meer) joodse officieren in dienst van de Poolse veiligheidsdienst heeft begaan een eigen plaats in de geschiedenis geeft, een plaats naast de Shoah. Hoewel Sack de Shoah en de wraakoefening van een aantal Poolse joden niet op één lijn stelt, vergelijkt hij beide misdaden voortdurend. Ook in dit geval lijkt het echter meer een kwestie van stijl dan van kwade bedoelingen. Sacks wijze van formuleren is nogal ongelukkig. Heeft Lola Potok werkelijk de 'Holocaust op haar kop gezet' zoals Sack beweert? Is er, naast de volkenmoord op de joden sprake geweest van een 'tweede wreedheid'? Kan de UB worden getypeerd als de 'Nemesis van de SS'?

Verlossing

“Ik hoop dat An eye for an eye iets meer is dan het verhaal van de joodse wraak”, concludeert Sack, “dat het uiteindelijk het verhaal is van de joodse verlossing”. In ieder geval lijkt dit te gelden voor Lola Potok. Na enkele maanden in Gleiwitz kreeg ze last van haar geweten. De wandaden die tegen de Duitsers werden begaan, riepen steeds meer associaties op met haar ervaringen in het kamp. “De Duitsers huilden zoals de joden in Auschwitz”, schrijft Sack. Potok beval de gevangenen humaner te behandelen, maar dit bracht haar in conflict met haar superieuren in Katowice. In september 1945 besloot ze Polen te ontvluchten. Ze kwam uiteindelijk in de Verenigde Staten terecht, waar Sack haar in 1984 voor het eerst ontmoette.

Op de keper beschoud is de commotie die An eye for an eye heeft losgemaakt nogal overdreven. Oproepen tot wraak van joodse zijde zijn zo oud als de bekendheid met de Shoah. Het verlangen naar wraak was echter niet alleen een voorstelbare maar in essentie ook een onrealistische emotie. In praktische noch in morele zin konden de Duitsers met gelijke munt worden terugbetaald. Zelfs niet door Lola Potok en haar handlangers.

    • A.W.M. Gerrits