Rijk steunt mestverwerkende industrie met 33 mln

DEN HAAG/TILBURG, 13 JAN. Minister Van Aartsen van landbouw, natuurbeheer en visserij geeft ruim 33 miljoen subsidie aan bedrijven die zich bezighouden met de verwerking van mest. Het gaat om projecten die in de ogen van de adviescommissie mestverwerking onder voorzitterschap van oud-directeur-generaal J. van Zutphen van landbouw financieel en technologisch “betrouwbaar” zijn en die zonder verliezen kunnen worden geëxploiteerd. Een aantal van de bedrijven zal de mest verwerken tot korrels.

De beslissing van de minister lijkt haaks te staan op de problemen die de eerste grootschalige mestverwerkingsfabriek Promest in Helmond kreeg bij de verwerking tot korrels en die in augustus vorig jaar leidde tot faillissement en sluiting. Een woordvoerder van de Noordbrabantse christelijke boerenbond (NCB), die met geld in Promest zat, zegt echter dat het bij Promest, anders dan bij de bedrijven die nu subsidie krijgen, om grootschalige verwerking ging waarvan de kosten te hoog bleken. Het grootste probleem was dat de boeren niet bereid waren de afzet aan Promest te garanderen zolang ze tegen een aanmerkelijk lagere prijs hun mestoverschot elders kwijt konden. Verplichte leverantie stuitte op verzet van 'Brussel'. “De mislukking met Promest”, aldus de woordvoerder, “betekende niet dat met andere soortgelijke projecten zou worden gestopt.” Promest investeerde 100 miljoen gulden, waarvan 35 procent kwam van de overheid.

Uit het persbericht van landbouw blijkt dat de 33 miljoen subsidie slechts een fractie zijn van de het geld dat werd aangevraagd. De subsidies worden gegeven op grond van de bijdrageregeling proefprojecten mestverwerking. Deze regeling die dateert van 1988 en die sinds 1992 ook geldt voor grootschalige projecten, liep tot 1 januari vorig jaar. Vlak voor de sluitingsdatum werden nog bijdragen aangevraagd voor in totaal ruim 500 miljoen gulden, waarvan nu maar voor 33 miljoen is gehonoreerd. Het gaat om 35 procent van de totale investeringen. “Het voor dit doel beschikbare budget is daarmee uitgeput”, aldus landbouw.

Onder de bedrijven zitten er maar twee in het Brabantse Uden die op enigszins grootschalige wijze mest gaan verwerken. Maar in capaciteit komen ze bij lange na niet aan die van Promest. Die kon op het moment van sluiting 600.000 ton varkensdrijfmest verwerken. De bedoeling was de capaciteit uit te breiden tot 1 miljoen ton. Volgens de NCB-woordvoerder was de afzet van de korrels geen probleem. “Daarvoor was genoeg vraag in Zuid-Amerika, Frankrijk en Spanje. Het probleem was de garantie van een permanente aanvoer van de mest.” Bij Promest moesten de boeren 40 gulden per ton betalen, terwijl ze voor 20 tot 25 gulden hun mest kwijt konden bij boeren in de mesttekortgebieden.

    • Max Paumen