Psychiater ziet destructieve oerkracht achter kinderdoding

Woensdagnacht doodde de 42-jarige Arie S. uit Krimpen aan den IJssel zijn drie zoontjes. Vervolgens probeerde hij de hand aan zichzelf te slaan. Psychiater A.P. de Boer vermoedt achter dit drama een proces van onverwerkte rouw.

ROTTERDAM, 13 JAN. “Ik verwacht niet dat hij kan vertellen wat er zich in zijn hoofd afspeelde. Waarschijnlijk zal hij in de rechtszaal zwijgen en leggen de deskundigen uit hoe het zover is gekomen. De psychiaters begrijpen het ook beter dan hijzelf. Ze zijn als het koor in een Griekse tragedie.”

Mr.dr. A.P. de Boer, die dertien jaar werkte voor het Pieter Baan Centrum en in 1990 promoveerde op 'partnerdoding' - en daarmee een nieuw woord aan de Nederlandse taal toevoegde - heeft zich voorgenomen niet op de concrete zaak in te gaan. Om dat vervolgens toch te doen.

Woensdagnacht doodde de 42-jarige Arie S. in Krimpen aan den IJssel zijn drie zoontjes van 5, 8 en 9 jaar. Daarna trachtte hij vergeefs de hand aan zichzelf te slaan. De Boer weet van de achtergronden niet meer dan de doorsnee krantelezer. Vier jaar geleden overleed de moeder van de jongens na een kort ziekbed. Het gezinsleven leek zich te herstellen toen de man een nieuwe vriendin vond. In de nacht dat zijn vriendin, een verpleegkundige, moest werken, stak hij zijn zonen in hun eigen slaapkamers dood. Niemand in de hechte Molukse gemeenschap van Krimpen aan den IJssel heeft het drama zien aankomen of ook maar vermoedens gehad.

In zijn onderzoek heeft De Boer 124 gevallen van partnerdoding tussen 1950 en 1980 bestudeerd. In tien gevallen werden daarbij ook kinderen het slachtoffer. De klassieke Griekse tragedies, met hun vader-, moeder-, zuster- en kindermoorden, liggen bij dit soort gevallen nooit ver weg. De Boer heeft Euripides' Medea klaarliggen en leest een monoloog van Medea voor, vlak voor ze haar kinderen ombrengt om wraak te nemen op haar ontrouwe man Jason.

“Dat noemen de mensen een kalme nacht, dit reusachtige gewemel van geruisloze paringen en moorden. Maar ik voel, ik hoor jullie allemaal vanavond voor de eerste keer, onder het water en in het gras, in de bomen, onder de grond ... Beesten van de nacht, wurgsters, zusters! ... Met jullie stoot ik die duistere kreet uit. Ik aanvaard zoals jullie, zonder het duistere bevel nog te willen begrijpen. Ik vertrap met mijn voet, ik doof het kleine licht.”

De Boer: “Medea valt ten prooi aan een soort destructieve oerkracht. Ze zegt achteraf: 'vraag niet waarom', en verdwijnt, zoals de meeste daders zelfmoord plegen. Kinderdoding is in de natuur niet ongewoon. Als er gevaar dreigt eten konijnen, honden, leeuwen en ook mensapen hun jongen op.”

“Mensen kunnen in een pathologische toestand terecht komen, waarin ze denken dat alles reddeloos verloren is en dat het voor de kinderen beter is de natuur een handje te helpen.” De vraag is achteraf altijd waarom niemand het zag aankomen. De Boer: “De vraag is of er een voorstadium is, zoals er voor zelfmoord een pre-suïcidaal syndroom kan worden vastgesteld.”

Pag.3: Soms wordt de dader een 'orakel'

Achter het Krimpense drama vermoedt De Boer een proces van verstoorde rouw. “Daar zou de Stichting Ideeële Reclame aandacht aan moeten besteden. We erkennen een zwangerschapssyndroom, maar aan rouwsyndromen wordt nauwelijks aandacht geschonken. Er bestaat wel kraamzorg, maar geen rouwzorg.”

De (mannelijke) daders van partnerdoding die De Boer bestudeerde, zijn in de regel weinig zelfstandige mensen. “Ze leunen op anderen, ontlenen hun identiteit en levensdoel heel nauw aan de partner. Hun kinderen ervaren ze niet als individu, maar als verlangstuk van de moeder. Als die wegvalt, gaan ze wankelen. Eigenlijk zijn ze het oudste kind in de rij, zijn ze vaak jaloers op de andere kinderen. Na de dood van de moeder hebben die kinderen op hun beurt vaak het gevoel van: 'wij blijven achter met de ouder waar we het minst mee hebben'. Onderhuids nemen ze hem misschien zelfs de dood van de moeder kwalijk. Hij is niet goed geweest voor mama, hij heeft haar laten doodgaan.”

Volgens de Boer is een rouwproces 'voldragen' als er bezinning is, als er over gepraat wordt. “Treurarbeid, heet dat in Duitsland.” De omgeving mag zich zorgen maken als er de weduwnaar 'staarderig', stil of melancholiek is en niet in staat te huilen. “Dit soort daden komt meestal voort uit een melancholiek gekleurd ziektebeeld, uit depressies met wanen en een gestoorde waarneming. Zijn er geen signalen van rouw, dan is dat op zichzelf een signaal. De partners die het hardst staan te gillen bij de begrafenis, zijn het snelste weer aan een nieuwe partner toe.”

De Boer heeft onlangs een weduwe van 75 jaar gesproken, die net haar man had verloren. “Ze vertelde me: 'soms hoor ik ritselen in de bomen, dan is hij er. Ik zie hem gewoon staan.' In een rouwproces lijden naar mijn idee veel meer mensen aan dit soort hallucinaties, of zien ze partners in hun dromen verschijnen. Daar zullen de meesten dan hun mond over houden tegenover de buitenwereld uit angst dat het verkeerd begrepen wordt. Maar bij een geringe geestelijke weerstand kan de fantasie het overnemen.”

Het kan voorkomen dat de achterblijver te snel “over het graf heenspringt”, zich geforceerd hecht aan een nieuwe partner en zich angstig gedraagt als die even weg is. Bij een drankprobleem, het kort en klein slaan van huisraad of angstwekkende, agressieve dromen wordt het voor de omgeving hoog tijd om in te grijpen. De Boer: “Een ijzersterke indicatie is ook het gedrag tegenover huisdieren. Worden die verwaarloosd, mishandeld of zelfs gedood, dan moeten alle alarmbellen gaan rinkelen. Huisdieren zijn wat dat betreft bijna als de parkieten die mijnwerkers vroeger mee naar beneden namen om te waarschuwen tegen giftige gassen.”

De Boer is ervan overtuigd dat er eigenlijk geen rechter aan te pas zal hoeven komen om de man te straffen. “Bij dit soort daden is er een innerlijke rechter die straft. Of de dader wordt een 'orakel', blijft in een psychose hangen en slaat wartaal uit. Of wil alleen nog maar dood, zoals die Amerikaanse vrouw die haar man en kinderen doodde en nu zelf geëxecuteerd wil worden. Of legt zichzelf het zwijgen op. Hij slaat dood, de innerlijke dialoog verstomt. Vroeger konden dat soort mensen het klooster in, zich uit de wereld terugtrekken. Dat was nog niet zo'n gekke oplossing.”

    • Coen van Zwol