In Gaza spreekt men niet meer over vrede

GAZA, 13 JAN. Muurschriften van Ezzadin Al-Kassem, de gewapende arm van de fundamentalistische organisatie Hamas, in Gaza zweren in groene en zwarte letters wraak voor de aan Israel toegeschreven moord op bommenmaker Yehiya Ayyash.

Een handgranaat en het gemaskerd gezicht van een strijder prijken levensgroot naast de tekst 'Lach niet Peres, de Hamas-strijders komen eraan'. Slagzinnen in een moskee in het centrum van Gaza zijn niet minder fel. Onder de kop 'Ingenieur Ayyash en de wraakoperaties” worden de bomaanslagen in chronologische orde omschreven die Yehiya Ayyash precies veertig dagen na de moord door de kolonist dr Baruch Goldstein op 29 biddende Palestijnen in een moskee in Hebron op zijn naam schreef. “De wraak zal erg hard aankomen”, staat er.

“De moord op ingenieur Yehiya Ayyash heeft het vredesgevoel uit de Palestijnse verkiezingscampagne in Gaza gestoten”, zegt Fayed Abu Shammalla. Het is deze Palestijnse journalist, die vijfmaal per dag bidt, opgevallen dat “vrijwel geen kandidaat voor de Palestijnse Nationale Raad sedert Israel de bommenmaker uit de weg ruimde nog over vrede met Israel spreekt”. Nu de verkiezingscampagne op volle toeren draait en over de straten in Gaza een zee van kleurige verkiezingsspandoeken in de straffe wind wappert wacht men met ingehouden adem op de wraak voor de moord op deze held.

Mahmud A'Zahar, de belangrijkste woordvoerder van Hamas in Gaza, en Imad Abdel Hamid El-Faluji, die om te kunnen deelnemen aan de Palestijnse verkiezingen Hamas de rug toekeerde en zich als een onafhankelijke islamitische kandidaat in de verkiezingsstrijd wierp, zijn er zeker van dat die wraak niet kan uitblijven. “Misschien nog voor de verkiezingen op 20 januari”, zegt Faluji. Een 30-jarige tegelzetter, die zitten te zonnen op een bankje in het nieuw aangelegde park bij het monument voor de gevallen Palestijnse soldaat, zegt zonder enige aarzeling voor Yasser Arafat en de kandidaat van diens beweging Al-Fatah voor de Palestijnse Nationale Raad te zullen stemmen. Maar ook hij wacht ongeduldig op wraak, en ook hij was één van de misschien wel 200.000 Palestijnen die meeliepen in de stoet die de kist van 'de ingenieur' naar de begraafplaats volgde. “Wraak is nodig”, zegt hij. “Daarna pas kunnen we verder over de vrede praten.”

De dood van Yehiya Ayyash heeft een golf van emotionele sympathie voor de Hamas opgewekt, die als de beweging had deelgenomen aan de eerste Palestijnse verkiezingen, in politieke winst had kunnen worden omgezet. “Hamas had de volkswoede voor haar politieke doeleinden kunnen aanwenden”, beaamt de 32-jarige Imad Abdel Hamid el-Faluji. In 1982 stond hij aan het hoofd van de administratieve raad van Hamas, vier jaar bracht hij als intifadah-activist in Israelische gevangenissen door en tijdens zijn studie in de Sovjet-Unie ging hij daar ook enige tijd achter slot en grendel wegens het opzetten van een netwerk van de Moslimbroederschap “in het hele land”.

Omdat hij het niet eens is met het besluit van de leiding van Hamas geen kandidaten voor de Palestijnse Nationale Raad in de verkiezingsstrijd te werpen, heeft hij zich als een onafhankelijke islamitische kandidaat aangediend. “Wat”, zegt Mahmud A'Zahar, de Hamas-woordvoerder verontwaardigd. “Faluji is een kandidaat van Al-Fatah. Hij heeft niets meer met Hamas te maken. Hij is uit onze beweging getreden. Hij is net zo onafhankelijk als de vier islamitische lijsten die verkapte Al-Fatah lijsten zijn.”

Faluji brandt van verlangen om in het eerste Palestijnse parlement te komen om de corruptie in het Palestijnse Gezag te aan de kaak te kunnen stellen, om het Palestijnse Gezag te zuiveren van collaborateurs met Israel. 'Eerlijkheid en strijd tegen slecht gedrag (van het Gezag)', is het derde punt van zijn verkiezingsprogramma. Hoewel Hamas-leider Mahmud A'Zahar van hem afstand neemt denkt hij dat Hamas tevreden moet zijn als hij in de Palestijnse Raad komt. “Uit mijn mond zal de islamitische stem klinken”, zegt hij.

Uit de enorme opkomst - “de grootste demonstratie uit de Palestijnse geschiedenis” - bij de begrafenis van Yehiya Ayyash maakt hij op dat Hamas misschien wel veertig procent van de stemmen had kunnen krijgen. Faluji suggereert dat het 'geheime leiderschap' van Hamas heeft besloten niet aan de verkiezingen deel te nemen “om Yasser Arafat in zijn sop te laten gaar koken”. De Hamas-leiding veronderstelt volgens dit scenario dat Arafat de komende jaren zal vastlopen op zijn verkiezingsbelofte dat er “een Palestijnse staat met Jeruzalem als hoofdstad komt”. Omdat ook de vooruitzichten op verbetering van de economische situatie in Gaza heel somber zijn, zal de zwaar teleurgestelde Palestijnse bevolking volgens deze gedachtengang als een rijpe vrucht in de schoot van Hamas vallen. “Hamas speculeert op het falen van Arafat”, zegt Faluji.

Mahmud A'Zahar daarentegen voert een reeks juridische redenen aan om het afwijzende standpunt van Hamas ten aanzien van de verkiezingen duidelijk te maken. Volgens hem vinden deze verkiezingen hun basis in de 'onrechtmatige' overeenkomst van Oslo die Arafat met Israel heeft gesloten. Erkenning van Israel is, legt hij uit, volledig in strijd met de islamitische opvatting dat heel Palestina een islamitisch erfgoed is dat “zonder enige twijfel weer in de schoot van de islam zal terugkomen. Toch aanvaarden we de overeenkomst van Oslo met Israel als een feit: onze suiker komt ervandaan. We aanvaarden ook de Palestijnse autoriteit als een feit. Maar tussen aanvaarding en erkenning ligt een zee van verschil.”

“Om pragmatische reden, voor het welzijn van ons volk zullen we wel meedoen aan de over honderd dagen te houden gemeenteraadsverkiezingen. Maar deelneming van Hamas aan de verkiezingen voor de Palestijnse Nationale Raad zou aan het akkoord van Oslo legitimiteit hebben gegeven die we niet kunnen en willen geven”, legt hij uit. Hamas heeft niet opgeroepen tot een boycot van de verkiezingen - “dat moet een ieder voor zich zelf uitmaken” - maar heeft geen kandidaten voor de Palestijnse Raad gesteld.

Mahmud A'Zahar ontkent dat tijdens de slopende onderhandelingen tussen Hamas en het Palestijnse Gezag in Kairo ooit sprake is geweest van deelneming aan de verkiezingen. Nog feller ontkent hij dat Hamas zich ooit tegenover Arafat heeft verplicht de “militaire acties tegen Israel” te staken ten tijde van de overdracht van de Palestijnse steden op de Westelijke Jordaanoever aan de Palestijnen.

Hamas trok wegens diepgaande meningsverschillen met het Palestijnse Gezag over de voorwaarden van deelneming aan de verkiezingen op het laatste moment drie vooraanstaande leiders als 'onafhankelijke' kandidaten uit de verkiezingsstrijd terug. Daardoor verzekerde het Arafat voor het presidentschap en Al-Fatah in de Palestijnse Nationale Raad van een flinke verkiezingszege. Om toch zijn kracht en macht te bewijzen organiseert Hamas in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever reeksen indrukwekkende massa-demonstraties in naam van martelaar Yehiya Ayyash, die een mythologische held is geworden van de Palestijnse revolutie.