Zoetwrang leven

Dirk Bogarde: Cleared for Take-Off. Uitg. Viking, 233 blz. ƒ 50,40

'Ik begin te vergeten,' schrijft Dirk Bogarde ter introductie van het zesde deel van zijn autobiografie en dat vindt hij een goede reden om 'deze egotrip te besluiten'. Als titel voor zijn laatste blik in zijn verleden koos hij Cleared for Take-Off. Het beschrijft hoe hij na zijn jeugdjaren opsteeg voor de tocht waarop zijn leven hem meenam. Als je de zoetwrange toon aanhoudt die al zijn literaire werk kenmerkt, zou je ook kunnen vermoeden dat Bogarde met die titel permissie verovert om verder niets meer van zich te laten horen, om nu ongestoord op te mogen stappen. Het is te hopen dat Bogarde zijn titel heeft bedoeld in vliegenierstermen: om, vrij van zijn verleden, nu al zijn tijd te besteden aan het schrijven van nog veel romans. Want wat schrijft hij toch mooi, van woord tot woord, van alinea tot alinea, van de eerste zin van dit boek ('Brussel werd door Chris en mij bevrijd op een maandag') tot en met de laatste, die de allerlaatste zin is van zijn autobiografisch project en de enige juiste: 'So that was all right'.

Net zo min als in de vijf andere delen beperkt Bogarde zich in het zesde deel van zijn autobiografie tot een bepaalde periode van zijn leven. Opnieuw valt dit boek los van de andere te lezen, want het vertelt, bij flarden en met weer andere accenten, een heel leven. Van kleuter tot bejaarde man maken we hem mee, niet chronologisch maar, zoals altijd in deze boeken, behendig kriskras door de tijd. We krijgen zicht op weer andere, weer even wetenswaardige als poëtische als waanzinnige details uit zijn kinderjaren en uit zijn carrière als troetelkind van de Britse cinema. Hij vertelt opnieuw maar weer anders over zijn over zijn gelukzalige retraite in een bouwvallig huis in de Franse Provençe, over zijn tweede leven, als auteur. Over oud worden en jong geweest zijn gaat het weer, over feest en vriendschap. Meer dan eerder gaat hij in op de blinde standvastigheid waarmee hij dieper gevoel steeds wegduwde, bang om zich te binden, bang om zichzelf te verliezen. Dat hij een aangrijpende roman schreef over dit onderwerp, Jericho, laat hij achterwege.

In Cleared for Take-Off legt Bogarde een accent op het begin van zijn volwassen leven. Hij beschrijft hoe hij, officier in het Britse leger, in de Tweede Wereldoorlog rondhing als jongen, vol branie en behoefte aan kameraadschap. Maar al op pagina 21 wordt hij, net 24 jaar oud, de op het schichtige af afstandelijke man die hij is gebleven. In een geconfisqueerde grijze Opel gaat hij met zijn maat, 'zonder echte reden', een tochtje maken over het Duitse platteland in de buurt van de plaats waar ze gelegerd zijn. Ze willen onderweg picknicken, maar omdat de weg zo goed is aangegeven, rijden ze door. Naar een plaats waar ze vaag van gehoord hebben maar die ze zich, hoe ze het ook hadden geprobeerd, niet konden voorstellen. Naar Bergen-Belsen. 'Waar ons voor altijd onze jongenslach verging.'