Schipbreuk in een hotel

Alessandro Baricco: Oceaan van een zee (Ocean mare). Vert. Manon Smits. Uitg. De Geus, 240 blz, ƒ 39,90.

'Waar begint het einde van de zee? Of, sterker nog, wat zeggen we als we zeggen: zee? Zeggen we het immense monster dat alles kan opslokken of de golf die rondom onze voeten schuimt? Het water dat je in de kom van je handen kunt houden of de diepte die niemand te zien krijgt? Zeggen we alles in één woord of verschuilen we alles achter één woord?' Met deze vragen bespeelt Alessandro Baricco in Oceaan van een zee het kernthema van zijn boek: de zee, de onmetelijke zee, die in haar mythische ondoorgrondelijkheid de mens steeds weer opnieuw voor raadsels plaatst. Aan deze zee ligt op de grens van water en land hotel Almayer, waar de hoofdpersonen verblijven. Het zijn stuk voor stuk mensen met een tic: professor Bartleboom is een encyclopedie van de limieten aan het schrijven, de schilder Plasson gaat dagelijks naar het strand om de zee te portretteren, het meisje Elisewin probeert te genezen van de ziekte van het leven, pater Pluche praat tot welzijn van zijn omgeving regelmatig zijn mond voorbij, enzovoorts. De interactie tussen deze en andere personages is zo grillig, en tegelijkertijd ook intrigerend, dat er in kort bestek geen sluitende samenvatting van is te geven. Behalve de hotelgasten duiken er ook nog af en toe kinderen op met vreemde namen als Dira, Ditz, Dol en Door. Zij zijn een soort beschermengeltjes en behoren tot de vaste bezetting van het huis. Om de compositie nog complexer te maken heeft de auteur midden in het boek een gedetailleerd relaas opgenomen van een schipbreuk. Dit episch-dramatische intermezzo, waarin men zonder veel moeite de ramp met het (door Gericault geschilderde) Vlot van Medusa uit 1816 kan herkennen, is op ingenieuze wijze met het eigenlijke verhaal verbonden. Daarbij wordt via twee overlevenden van de ramp, de scheepsarts Savigny en de roerganger Adams, een verband gelegd met de gebeurtenissen in hotel Almayer.

Deze magisch-realistische roman is een van de fascinerendste boeken die ik de laatste jaren heb gelezen. En het verbaast mij dan ook niet dat de auteur er, na de Premio Viareggio in 1993, onlangs ook nog de Prix Médicis voor heeft gekregen. Oceaan van een zee is niet alleen stilistisch van grote klasse, maar het zit ook vol spirituele vondsten en symbolische lagen. Lezers die graag alles op een rijtje hebben, kunnen het boek beter niet ter hand nemen: het verhaal is zo mysterieus en labyrintisch dat psychoanalytici en literatuurvorsers er nog jarenlang werk aan zullen hebben om het volledig te doorgronden.

    • Frans van Dooren