Rotterdam wordt Rommelpot

Bij de vorming van een Stadsprovincie in samenhang met een beperkte opdeling zal Rotterdam 'van de kaart' verdwijnen. Een merkwaardig en nogal wrang vooruitzicht vindt Hans Simons. Hij noemt twee alternatieven.

Op 24 en 25 januari vindt in de Tweede Kamer het debat over de Stadsprovincie Rotterdam plaats. De voorberichten stemmen mij waar het de uitkomst betreft niet hoopvol. Er dreigt namelijk ofwel een (bestuurlijke) impasse, of er wordt een keuze gemaakt waar niemand gelukkig mee is. En dat zal zeker een negatieve uitwerking hebben op het ontwikkelingsproces van de bestuurlijke vernieuwing in bredere zin, net zo goed als dit in Rotterdam en regio tot een 'rommelpot' zal leiden.

Er zijn een paar argumenten te noemen waarom het voorstel, dat neerkomt op de vorming van een Stadsprovincie in samenhang met een beperkte opdeling van Rotterdam, een slecht voorstel is.

Het is een model waar - zij het op verschillende gronden - noch in de regiogemeenten noch in de gemeente Rotterdam sympathie voor bestaat. Opdeling van Rotterdam is vorig jaar bij referendum nadrukkelijk afgewezen. Het kan dan niet zo zijn dat de eerste keer dat zo'n instrument serieus in de Nederlandse politiek is gebruikt, er wordt afgeweken van de uitkomst. Het nu aan de Tweede Kamer voorgestelde model zal bovendien nergens navolging krijgen, zeker niet in Amsterdam en Den Haag. Het is een merkwaardig en nogal wrang vooruitzicht dat van de grote steden alléén Rotterdam 'van de kaart' verdwijnt. Of dan de positie met betrekking tot de grootstedelijke problematiek voldoende gelijkwaardig blijft, is ten minste onzeker. Ook zijn eindeloze competentiegeschillen tussen stad en regio te voorzien: het voorstel is immers 'vlees noch vis'. Overeenkomstig zal het model maatschappelijk noch politiek naar behoren gaan functioneren. Bovendien geeft juist dit voorstel aanleiding tot grote zorg over de financiële en organisatorische consequenties.

De aanleiding tot het denken over een mogelijke Stadsprovincie worden door bovenstaande overwegingen overigens niet weggenomen. Immers, juist de maatschappelijke en economische ontwikkelingen vragen om een bestuurlijk systeem dat in staat is de meerwaarde van gemeentelijke samenwerking als het ware af te dwingen. Het gaat er dus om dat er een regionale (dus boven-gemeentelijke) taakuitoefening mogelijk is op de terreinen zoals aangegeven in de Kaderwet Bestuur in Verandering, alsmede die op het terrein van verkeer, milieu, politie, brandweer, hulpverlening, haven, en dergelijke. De bedoeling is dat er, in het belang van het uiteindelijk te bereiken doel, regionaal knopen kunnen worden doorgehakt in situaties waarin tegenstrijdige belangen - bijvoorbeeld tussen twee of meer gemeenten - bestaan.

Mijn conclusie is dat zo'n taakuitoefening in een Stadsprovincie (met een bovengemeentelijk takenpakket en dus zonder de grootstedelijke taken) met een ongedeeld Rotterdam in beginsel mogelijk is. Een conclusie die door het overgrote deel van de Rotterdamse gemeenteraad wordt gedeeld.

Maar met de aanvaarding van een als zodanig geamendeerd wetsontwerp zijn mijn zorgen niet geheel verdwenen. Waarom niet? Omdat in geval van zo'n amendement (waarbij dus sprake is van een ongedeeld Rotterdam) binnen de regio-gemeenten de animo voor de Stadsprovincie tot nul zal zijn gedaald; ook mijn ervaringen in het Dagelijks Bestuur van de Stadsregio wijzen daar op. Bovendien verdient het geen aanbeveling binnen een klein land als Nederland, op een zo belangrijk punt als bestuurlijke vernieuwing, voor nabijgelegen steden tot een verschillende receptuur te komen. Daarnaast wijst de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) erop dat de drie bestaande bestuurslagen in beginsel een stabiel organisatiekader bieden waarbinnen het bestuur kan worden uitgeoefend en veranderingen in de maatschappelijke omgeving adequaat kunnen worden tegemoetgetreden. Daarbij acht de WRR niet zozeer een nieuw kader noodzakelijk (en realistisch), maar een duidelijker markering van de bestuurslagen. Onderdeel van zo'n markering is het bieden van ruimte aan de provincie om waar nodig in te grijpen in het onderling verkeer tussen gemeenten. Ten slotte: lang niet iedereen was ervan overtuigd dat er in het model van de opdeel-variant ook een goedkoper bestuur zou ontstaan. Maar gelet op de nu bekende gegevens moeten de diverse schattingen rond efficiency-winst als optimistisch gekenschetst worden. Reorganisatie, op welke schaal ook, kòst voorlopig immers geld!

Er is dus het alternatief van de structuurwijziging. Een Stadsprovincie met regionale taken en een ongedeelde Rotterdamse stad met alle lokale en grootstedelijke taken. Naar mijn oordeel kan zo'n model functioneren, maar is het niet van risico's ontbloot.

Samengevat: het onvoldoende draagvlak in de regio; de geïsoleerde positie ten opzichte van de ontwikkelingen in beide andere grote steden; het risico dat de moeizame implementatie die gaat volgen, de bereidheid tot verandering elders negatief zal beïnvloeden. Er is ook het alternatief van een meer op inhoud en proces (en minder op structuurverandering) gerichte benadering. Ingrediënten hierbij zijn: verdere uitbouw van de Kaderwet - de VINEX aanpak binnen dat verband is immers geslaagd; het waar nodig benutten van de provinciale mogelijkheden om eventuele meningsverschillen op te lossen; de uitbouw van het 'Grote Steden Beleid', opdat ook een vuist in de richting van de direct rond de grote stad gelegen gemeenten wordt gemaakt en een verdere ontwikkeling van nieuwe vormen van participatie binnen de grote steden. Na verloop van enkele jaren kan dan worden bekeken of een structurele aanpassing alsnog echt nodig is.

Dit alles betekend dat er sprake is van een interessante afweging voor Kamer en kabinet. Niet iets om somber over te doen. Er zijn immers twee zinvolle, acceptabele alternatieven beschikbaar. Het oordeel van de Rotterdamse gemeenteraad is dat het eerste alternatief de voorkeur verdient: nú een Stadsprovincie maken met een ongedeeld Rotterdam. Maar ook met het tweede alternatief - zo voeg ik daar op persoonlijke titel aan toe - is niks mis! Een alternatief dat in ieder geval sterk te prefereren is indien de neiging bestaat de keus voor een ongedeeld Rotterdam niet te maken. Zo bezien is er dus een 'luxe-probleem'. Door de inhoud centraal te stellen is er de keuze uit twee interessante alternatieven.

    • Sociale Zaken van de Gemeente Rotterdam
    • Hans Simons