Japanse minister van financiën wacht zwaar weer

TOKIO, 12 JAN. De sociaal-democraat Wataru Kubo kan als nieuwe minister van financiën de chaos opruimen die dateert uit de periode dat de liberaal-democratische coalitiepartner (LDP) het bewind voerde. Hij kan zich tevens voorbereiden op een storm van kritiek van de oppositie die juist hoofdzakelijk uit voormalige leden van diezelfde LDP bestaat. Dit is de ironie van de verrassendste benoeming in de nieuwe Japanse regering gisteren.

Hervorming van het ministerie van financiën is een van de beleidspunten van deze regering, maar op zijn eerste persconferentie vandaag kon premier Ryutaro Hashimoto nog geen concrete plannen noemen. Wel karaktiseerde hij zijn kabinet als het kabinet van “hervorming en creatie”. Hashimoto's eerste prioriteit is economisch herstel op basis van deze hervormingen.

Het ministerschap van financiën is de afgelopen week als een zwarte piet rondgespeeld. Verschillende LDP-zwaargewichten bedankten voor de eer om het ministerie te leiden, dat momenteel onder zware druk staat. Bij monde van secretaris-generaal Kubo zelf stond de SDP er in de onderhandelingen op om ten minste één van de zes zwaarste ministersposten binnen te halen die lidmaatschap van de veiligheidsraad van het land met zich mee brengt. De nieuwe premier Ryutaro Hashimoto bleek duidelijk de betere onderhandelaar en financiën werd voor Kubo een kwestie van slikken of stikken. Kubo heeft geen ministeriële ervaring, maar was ooit minister van financiën in het schaduwkabinet van de destijds oppositionele SDP.

Kubo kan er zeker van zijn dat hij onder zwaar vuur komt van de oppositie op de eerste zitting van het parlement op 22 januari voor het plan van de regering om overheidsgeld te gebruiken voor de sanering van zeven hypotheekbanken. Tot het gebruik van overheidsgeld is vorige maand besloten onder zware druk van juist weer de LDP, zodat de agrarische coöperaties ontzien kunnen worden. Deze coöperaties hebben veel geld uitstaan bij de hypotheekbanken, maar kunnen geen grote verliezen verdragen. De LDP kon dit niet ongeacht laten passeren, omdat het platteland een belangrijke stemmenleverancier voor deze partij is.

Ook in het ontstaan van de chaos bij de hypotheekbanken speelde de LDP, in de persoon van juist de nieuwe premier Hashimoto, een cruciale rol. Onder ministerschap van Hashimoto bepaalde het ministerie van financiën in 1990 dat gewone banken hun leningen aan onroerend goed ontwikkelaars moesten beperken. De hypotheekbanken vielen hierbuiten en doken in het gat. Korte tijd later kwam aan de speculatieve hausse in onroerend goed, een van de aspecten van de 'luchtbeleconomie' echter een eind en zaten ze met gigantische hoeveelheden niet meer te innen leningen. Ze konden slechts als vissen op het droge op hun einde wachten.

Hashimoto noemde vandaag de oplossing van het probleem van deze banken een eerste vereiste. Maar het is Kubo, die toen in de oppositie zat, die nu de woede van de oppositiepartij Shinshinto over het saneringsplan over zich heen moet laten komen. En de leiders van die partij waren tot 1993 juist zelf lid van de regerende LDP.

Voor hervorming van het ministerie van financiën ligt tot dusver alleen concreet een plan van de kleinste coalitiepartner Sakigake op tafel. Sakigake is de partij van voormalig minister van financiën Masayoshi Takemura. Takemura ontsloeg twee weken geleden zijn topambtenaar wegens de schandalen waarin het ministerie verzeild was geraakt. Destijds zei Takemura dat hij voorlopig niet op zou stappen omdat hij een taak - de sanering van de hypotheekbanken - had uit te voeren. Maar hij heeft deze week geen enkele moeite gedaan om zijn post vast te houden.

Takemura stelde afgelopen dinsdag dat het ministerie “structureel hervormd” moet worden. Het probleem van het ministerie is de “paternalistische wijze waarop het banken behandelt”, aldus Takemura. Zo worden presidenten van financiële instellingen bijvoorbeeld op de eerste werkdag van het nieuwe jaar voor een beleefdheidsbezoek op het ministerie verwacht. Maar de echte controle op deze instellingen bleek het afgelopen jaar met het schandaal rond de Daiwa Bank dramatisch tekort te schieten. Een krant stelde destijds in een redactioneel commentaar dat de basishouding van controlerende instanties in Japan vertrouwen is, terwijl in de Verenigde Staten wantrouwen het uitgangspunt is bij controles.

Het plan van Sakigake roept op tot een splitsing van de activiteiten van het ministerie. Het toezicht op diverse financiële instellingen zou in een nieuwe instantie moeten worden overgebracht die grote onderzoeksbevoegdheden krijgt. Het ministerie zou zich dan toeleggen op het toezicht op de elf grote, landelijke commerciële banken en daarnaast op het begrotingswerk. Ook de oppositiepartij Shinshinto heeft een vergelijkbaar hervormingsplan opgesteld, waarvoor Takemura zijn “waardering” uitsprak.

Tegenstand tegen hervorming lijkt dus vooral uit de hoek van het ministerie zelf te zullen komen. De eens zo gerespecteerde ambtenaren van het meest prestigieuze ministerie zullen hun macht niet zonder slag of stoot overgeven.

Op andere ministeries lijkt de ingeslagen weg van deregulering door te gaan. De nieuwe minister van handel en industrie, Shunpei Tsukuhara van de LDP, zei gisteren eenvoudig: “Ik zal de weg van mijn voorganger volgen.” Zijn voorganger is de huidige premier Hashimoto. Het ministerie van handel en industrie is voortrekker bij de deregulering van Japan. Deze week maakte het ministerie een plan bekend voor veranderingen in het onderwijs zodat Japan meer originele denkers zal voortbrengen. Het 'Jonge Einstein en Edison Project'.

Ook het nieuwe hoofd van het Economisch Planbureau - een functie met de rang van minister en één van de zes posten in het kabinet die de eerder genoemde veiligheidsraad vormen - is voor verdere hervormingen. Hashimoto heeft met Shusei Tanaka (Sakigake) gekozen voor een politicus die erom bekend staat de invloed van de bureaucratie te willen beperken. Tanaka zei gisteren erop toe te zullen zien dat het in november gepubliceerde vijf-jaren plan van het bureau wordt uitgevoerd. Het plan stelt deregulering als voorwaarde voor herstel van de economische groei.

    • Hans van der Lugt