Containerbedrijf ECT verliest klanten

ROTTERDAM, 12 JAN. De Amerikaanse containerrederij Sea Land en de Deense rederij Maersk hebben in hun samenwerkingsverband ECT (European Combined Terminal) gevraagd een offerte te maken voor de aanleg van een zogeheten dedicated terminal op de Maasvlakte voor de overslag van minimaal één miljoen containers per jaar.

Hoewel ECT-bestuursvoorzitter Wouter den Dulk tijdens de presentatie van de voorlopige jaarcijfers van ECT over 1995 (44 miljoen gulden netto winst) geen mededelingen wilde doen over de miljardeninvestering die de twee containergiganten ECT op de ultramoderne Delta Container Divisie op de Maasvlakte opdringen, gaat Sea Land er van uit dat de deal gewoon doorgaat.

Beide rederijen zijn al vaste klant op de Maasvlakte - Sea Land contractueel zelfs tot 2013 - maar verlangen in hun drang om de grootste containercombinatie ter wereld te worden meer van ECT. Aangezien de zogeheten Global Alliance van Nedlloyd, OOCL, Mitsui OSK en APL (dat lang gedreigd heeft een wekelijkse derde afvaart naar het Verre Oosten vanuit Antwerpen te doen), alsmede de zogeheten Grand Alliance van Hapag-Lloyd, NYK en Neptune Orient Line eveneens de Maasvlakte als speerpunt van hun Europese activiteiten hebben gekozen, dreigt een mega- en high-tech containerbedrijf op de Maasvlakte te ontstaan dat zelfs wereldwijd zijn gelijke nauwelijks kent.

Den Dulk mopperde gisteren dat al deze volgens hem voorbarige publiciteit de onderhandelingen niet ten goede komt. Maar zijn klanten denken daar anders over. Zij vinden de prijzen die ECT op de Maasvlakte hanteert redelijk “aan de hoge kant”, maar moeten tevens erkennen dat de “faciliteiten op de Maasvlakte fantastisch zijn.”

Bovendien is sinds kort bij ECT de klant weer koning. Dat heeft alles te maken met de door het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam verordonneerde herstructurering van het Waal-, Eemhavengebied, waar ECT zijn zogeheten Home Container Divisie heeft. Een deel van de HCD-divisie van ECT is inmiddels overgeheveld van de Waalhaven naar de Delta Container Divisie aan de Maasvlakte, vlak bij zee, waar schepen kunnen worden gelost van 6000 TEU (een standaardmaat om containers te meten), die met hun diepgang van 14 meter niet over de Benelux-tunnel kunnen varen en derhalve niet de Eemhaven kunnen bereiken.

Den Dulk erkent dat de gedeeltelijke overheveling van de activiteiten van ECT van de Eemhaven naar de Maasvlakte tot een “zekere onderbezettting in de Eemhaven” heeft geleid. Het heeft bovendien geleid tot het weglopen van klanten bij het grote ECT, dat ruim twee derde van de in totaal drie miljoen containers die in Rotterdam jaarlijks worden overgeslagen voor haar rekening neemt.

Een aantal kleinere concurrenten van ECT geven de klant echter een meer persoonlijke benadering in de Eemhaven, waar vooral bedrijven als Uniport en Hanno voorbeeldig samenwerken. Zij hebben voor een deel én de kranen én de klanten van ECT overgenomen. ECT is daardoor vorig jaar de overslag van 125.000 containers misgelopen. “Het gemeentelijk havenbedrijf heeft met zijn revitalisering van de Waal- en Eemhaven eindelijk gezorgd voor concurrentie”, zegt een manager van Sea Land. “Dat is een zegen. Want zelfs op de Maasvlakte worden wij daardoor als klant een stuk persoonlijker en beter behandeld dan in het verleden. En dan druk ik me nog eufemistisch uit.”

Vorig najaar verloor ECT de rederijen 'K'-Line en Yangming als klant. Geest en Bell-Lines gaan samenwerken. Bell heeft een eigen terminal en Geest, nu nog klant bij ECT, gaat gebruik maken van de Geest-terminal. “Wij kunnen niet iedereen bedienen op de Delta Terminal op de Maasvlakte”, zegt Den Dulk. “Dan gaan die rederijen liever naar een concurrent waar ze de grootste worden en denken een betere persoonlijke service te krijgen.”

Dat ECT deze ontwikkeling echter met lede ogen aanziet blijkt uit het feit dat de eerste koppen bij het bedrijf al zijn gerold. Mr. Jan van Delft, directeur van de Home Container Divisie van ECT, heeft inmiddels zijn ontslag aangekondigd. Officieel omdat hij het niet eens zou zijn met het te voeren beleid. Maar anderen beweren dat Van Delft het veld moet ruimen omdat ECT de concurrentieslag in de Eemhaven met zijn kleinere concurrenten dreigt te verliezen.

Dat is een zorgelijke ontwikkeling voor Den Dulk. Enerzijds werken de grote containerrederijen steeds nauwer samen op de Maasvlakte, maar dit geeft nog geen enkele garantie op een groter marktaandeel voor ECT zo lang een aantal kleinere aanbieders een uitstekende service verleent in de Eemhaven. Bovendien staan de tarieven in de zeescheepvaart onder druk en zijn de reders alleen daardoor al niet bereid te hoge prijzen te betalen aan de overslagbedrijven.

Niettemin werkt ECT, waarin Pakhoed, Internatio-Müller en Nedlloyd de drie grootaandeelhouders zijn (NS heeft 8 procent), hard aan de uitbreiding van de Delta Container Terminal op de Maasvlakte. TGA (Global Alliance), waar Nedlloyd deel van uitmaakt, heeft een paar maanden geleden een contract van zes jaar getekend, voor een vaste terminal. Niettemin staat ECT met de bouw van Delta 2000-8 (2000 is het jaar waarin het project moet worden opgeleverd, de 8 staat voor het aantal te bouwen nieuwe terminals) voor een enorme investering. Van de benodigde 2,2 miljard moet ECT 1,5 miljard zelf financieren. Vorig jaar sloot het bedrijf een overeenkomst met een consortium van Nederlandse banken en het Duitse elektronicaconcern Siemens, hetgeen ECT een kredietfaciliteit van 700 miljoen opleverde.

    • Marc Serné