Student studeert vier dagen per week

NIJMEGEN, 11 JAN. Nijmeegse ouderejaarsstudenten studeren gemiddeld ruim vier dagen per week (32,6 uur). Zij doen dat 38,3 weken per jaar, waardoor ze in totaal 1.270 uur per jaar aan hun studie besteden.

Dit blijkt uit een onderzoek van het Nijmeegs Instituut voor Toegepaste Sociale Wetenschappen (ITS). Voor het onderzoek zijn vorig jaar 1.204 ouderejaarsstudenten van de Nijmeegse universiteit schriftelijk ondervraagd.

De studenten werken iets harder dan in 1994, toen uit eenzelfde onderzoek bleek dat ze 1.193 uur per jaar studeerden, met gemiddeld 31,4 uur per week. De stijging is volgens onderzoeker E. Smeets van ITS te klein om er conclusies aan te verbinden. In 1993 antwoordden studenten in een eerder onderzoek van ITS dat ze 31,8 uur per week studeerden.

Bovendien is door het onderzoek niet duidelijk of studenten werkelijk meer studeren, omdat ze zelf een schatting moeten maken van de tijd die de studie hun kost, aldus Smeets. Er kan een verschil zijn tussen het aantal uren dat ze in werkelijkheid studeren en het aantal uren dat ze hebben opgegeven, denkt hij. “Misschien ronden studenten de uren die ze aan hun studie besteden nog meer naar boven af dan in voorgaande jaren, doordat dit jaar in de media veel aandacht is besteed aan de werkdruk van studenten.”

Het is volgens Smeets ook mogelijk dat studenten in 1995 harder zijn gaan werken door de tempobeurs. Vorig studiejaar moesten studenten een kwart van hun tentamens halen. Anders werd hun studiebeurs met terugwerkende kracht omgezet in een lening. Dit studiejaar is die norm verhoogd naar de helft van de studiestof. De ondervraagde studenten studeerden ruim vierhonderd uur minder dan de 1.680 uur die het ministerie van onderwijs als norm heeft gesteld.

Niet alle studenten werken even hard, blijkt uit het Nijmeegs onderzoek. Studenten natuurwetenschappen studeren het meest, gemiddeld 1.766 uur per jaar. Van hen besteedt 35 procent meer dan tweeduizend uur per jaar aan studie. Medische studenten studeren iets minder hard, ongeveer 1.550 uur per jaar. Studenten rechten, letteren, sociale wetenschappen en theologie besteden aanzienlijk minder uren aan hun studie: gemiddeld iets minder dan 1.200 uur per jaar. Meer dan dertig procent van deze studenten besteedt minder dan duizend uur aan de studie.

Deze verschillen worden volgens Smeets veroorzaakt doordat de studieprogramma's van natuurwetenschappen en medicijnen zwaarder zijn dan die van andere studies. Daarnaast speelt het aantal college-uren een rol. Bètastudenten moeten meer uren in de collegebanken doorbrengen dan andere studenten: gemiddeld 29,8 uur per week. Studenten letteren en sociale wetenschappen hebben per week ongeveer twaalf uur college.

Waarschijnlijk hebben veel studenten wel een 'werkweek' van veertig uur of meer, doordat ze een bijbaantje hebben. De lagere studiebeurs wordt door veel studenten gecompenseerd door inkomsten uit een bijbaantje. Studenten die op kamers wonen, verdienen gemiddeld 117 gulden per maand. In 1992 was dat nog 97 gulden. Ook de ouderlijke bijdrage is gestegen: van gemidddeld 217 gulden in 1992 tot 275 gulden in 1995. Tegenover deze stijgingen staan hogere uitgaven. Studenten betaalden vorig jaar gemiddeld 365,90 gulden huur per maand. Dat was in 1992 328 gulden. Door de stijgende huren waren de studenten 35 procent van hun inkomen aan huur kwijt. Dat percentage was in 1994 33 procent, in 1992 30 procent.