Schaamteloze orgie

In het Brusselse Jubelpark bevindt zich een mysterieus paviljoen dat al 96 jaar gesloten is voor het publiek. Dit door Victor Horta ontworpen 'Paviljoen der menselijke Driften' was in haar historie slechts één dag open. Dat was op 1 oktober 1899 - de dag van de opening. Diezelfde avond werd het gebouw alweer gesloten. Het reusachtige beeldhouwwerk van de Belgische beeldhouwer Jef Lambeaux dat zich in het paviljoen bevindt, werd vanwege zijn 'vulgaire' karakter niet geschikt geacht voor de bevolking. Drie dagen na de sluiting werd besloten om het gebouw definitief te sluiten. Het zou daarna nooit meer open gaan.

Die maatregel van de overheid was niet zo verwonderlijk. Op Lambeaux' reusachtige reliëf van 6 bij 10 meter stond namelijk een 'schaamteloze' orgie van seks en geweld afgebeeld die niets aan de verbeelding overliet. Een dergelijke weergave van dood, oorlog en verkrachting vonden de bestuurders van de Belgische hoofdstad veel te ver gaan. Het op deze infame wijze weergeven van borsten, billen en ledematen werd door velen te vooruitstrevend gevonden.

Oorspronkelijk had de Belgische overheid Lambeaux opdracht gegeven om een opvoedkundig object voor de burgers van Brussel te creëren. Een pornografisch beeldhouwwerk was niet de bedoeling geweest. De beeldhouwer was duidelijk iets te vrijzinning met zijn opdracht omgesprongen.

Hoewel Jef Lambeaux tegenwoordig niet meer zo'n grote bekendheid geniet, was hij rond 1900 een zeer vermaarde beeldhouwer. Vooral zijn voorstellingen van naakte figuren waren beroemd. Op dat gebied was hij een van de besten in Europa. Zijn bijdrage aan de ontwikkeling van de Belgische beeldhouwkunst was aanzienlijk. Lambeaux - die leefde van 1852 tot 1908 - ontwikkelde in de jaren '80 van de vorige eeuw een stijl die gezien kan worden als een vroege vorm van Art Nouveau. Op die manier zorgde hij er indirect voor dat België aan het eind van de 19de eeuw op het gebied van architectuur en decoratieve kunst een toonaangevend land werd.

Één van Lambeaux' meest bekende werken is de Brabofontein op de Grote Marktvan Antwerpen. Ook in dat werk zitten de voor Lambeaux zo karakteristieke verstrengelde naakten verwerkt die voor die tijd nogal vooruitstrevend en brutaal waren. De vloeiende vorm van de zeemonsters en zeemeerminnen, die krioelen aan de voet van Brabo (de legendarische stichter van de stad Antwerpen), was zeer nieuw voor die tijd. Pas een decennium later zou die stijl frequent gebruikt worden in de beeldhouwkunst.

Lambeaux' meest tot de verbeelding sprekende werk blijft echter het Paviljoen der Menselijke Driften. Waarom dit paviljoen nog steeds niet toegankelijk is, blijft onduidelijk. Mogelijk heeft het iets te maken met de moskee die er vlak naast ligt. Het is zeer wel mogelijk dat de gemeente Brussel geen problemen wil met de moslims die er hun godsdienst komen belijden. Het openstellen van dit 'infame' paviljoen zou immers voor opschudding kunnen zorgen.

De reden die het Brusselse Koninklijk Museum voor Kunst en Geschiedenis opgeeft voor de sluiting, is wat prozaïscher. Daar krijgt men te horen dat het paviljoen een apart, vrijstaand, deel van het museum is en daarom niet toegankelijk is voor het publiek. Dit natuurlijk om te voorkomen dat het werk beschadigd zou worden door vandalen.

Feit blijft dat het kunstwerk al 96 jaar niet meer toegankelijk is voor het grote publiek. Alleen kleine groepen kunnen op speciaal verzoek het beruchte werk te zien krijgen. Op die manier blijft de aantrekkingskracht van het beeldhouwwerk bestaan en wordt de mythe in stand gehouden.

Met zijn Paviljoen der Menselijke Driften heeft Lambeaux precies voor elkaar gekregen wat zijn beroemde landgenoot René Magritte essentieel vond voor kunst. Magritte vond namelijk dat kunst het mysterie terug moest brengen in het leven. Kunstenaars moesten volgens hem niets verklaren, maar slechts laten zien wat het leven werkelijk is: een bizar en onverklaarbaar mysterie. Lambeaux' werk voldoet in alle opzichten aan dat criterium.

Het Paviljoen der Menselijke Driften is na bijna honderd jaar nog steeds omgeven door een sensuele, mysterieuze waas. In een tijd waarin bijna alle taboes doorbroken zijn, mag dat als een uitzonderlijke prestatie gezien worden.

Als kunst inderdaad mysterieus moet zijn zoals Magritte beweerde, dan moet Lambeaux een groot kunstenaar zijn geweest.