Soms kan de politie beter niks beloven

Is u wel eens naar uw plaatsbewijs gevraagd in de Amsterdamse tram? Bent u 's avonds al eens aangehouden omdat u zonder licht fietste? Schrikt u van een stadswacht als u oversteekt terwijl het voetgangerslicht rood is?

Nee toch?

En de overheid kondigt elke dag weer nieuwe maatregelen aan tegen normvervaging en waardenverschuiving. Twee maanden geleden zette de politie een offensief in tegen het maatschappelijk kwaad van fietsen zonder licht. De woordvoerder van de politie kan geen aantal noemen, maar er zouden sindsdien toch duizenden, tienduizenden fietsers op heterdaad moeten zijn betrapt en aangehouden. Kent u iemand die is bekeurd?

In de Amsterdamse trams hebben in 1994 bijna 18 miljoen mensen zwart gereden. Dat wil zeggen dat het vervoerbedrijf dat jaar zo'n 25 keer alle inwoners van de stad gratis heeft vervoerd. Kent u iemand die is betrapt?

De veiligheid in de stad is in steeds mindere mate afhankelijk van de daden van het gezag en steeds meer van de bereidheid van bewoners het gezag te geloven of ten minste te vrezen. Die bereidheid was in de jaren '60 rigoureus afgenomen. Geen autoriteit die nog met een strak gezicht straf durfde uit te delen bij kleine dagelijkse overtredingen in het verkeer of op straat.

Maar de tijden zijn weer aan het terugveranderen. Straf is weer ferm en ferm is weer goed geworden. We moeten er alleen nog even aan wennen. De mooiste voorbeelden van hoe diep de regels waren weggezakt, zijn nog altijd de enorme borden die de politie af en toe bij de ingang van de stad neerzet. 'Rood licht betekent stoppen', zegt het ene bord en 'U mag niet harder dan 50 kilometer', het andere. Waren dat niet ooit verkeersregels?

Er zou geen vuiltje aan de lucht hoeven te zijn: de overheid wil niets liever meer dan streng zijn, de burgers eisen een strenge overheid. Helaas, streng zijn is te duur geworden. De Amsterdamse hoofdcommissaris herhaalt zichzelf in elke nieuwjaarsrede: er moeten meer politiemensen komen, meer cellen, maar het rijk wil niet betalen.

Nordholt is verstandig. Hij begrijpt ook wel dat effectieve controle beter is dan voortdurend dreigen met straf. De ouderwets-moederlijke dreiging 'ik hoor, zie en ruik alles' maakt weinig indruk op jongetjes die net een auto hebben gejat of een sigarenhandel hebben beroofd. Toch is dat wel het niveau van de meeste recente ordemaatregelen, ook die van de politie.

Psychologische oorlogsvoering is het belangrijkste wapen geworden. Denkt de politie werkelijk dat de bewoners van Amsterdam opgelucht ademhalen nu ze overal posters ophangt met de tekst 'Het is veilig'? Omdat er straatrovers worden opgepakt en veroordeeld? Dezelfde politie klaagt toch dat “400 jaar celstraf is opgespaard” omdat er geen plaats is in de gevangenissen en dat die dus gewoon op straat lopen.

Het is eerder contraproduktief, want het wekt de indruk dat de overheid de problemen liever wegmoffelt dan er iets aan doet. Hoeveel speciale 'aandachtspunten' zijn de laatste jaren niet gepasseerd? Graffiti, coffeeshops, fietswrakken, frauderende ambtenaren, parkeeroverlast, autodiefstal, fietslampen, tippelhoeren, zwartrijden, winkeldiefstal, - voor alles is wel een werkconferentie georganiseerd of een projectteam opgezet. Sommige problemen zijn er aanzienlijk door verminderd - maar alleen als de handhaving strikt is, zoals bij parkeerbeheer.

De andere aankondigingen van 'strenge aanpak' hebben slechts het politiewerk doen opzwellen als een ballon en de bureaus van het Openbaar Ministerie overbeladen. Voor de ambtelijke diensten is het steeds frustrerender om regels te moeten handhaven die zich aan werkelijke controle onttrekken.

Soms kun je beter even niks beloven.