Ongeval tijdens de wintersport kan zeer duur uitvallen

Minder dan een procent van de ruim 700.000 Nederlandse wintersporters diende in het afgelopen seizoen een claim in bij zijn verzekeraar wegens letsel. Skiën is veiliger dan autorijden, was zelfs de conclusie van een recent Brits onderzoek. Toch is de kans op schade - van gestolen bagage tot gebroken been - tijdens een wintersportvakantie drie keer groter dan gedurende een buitenlandse reis in de zomermaanden.

De kosten van een ongelukkige val op de hellingen van een slecht bereikbare gletsjer lopen stevig op. “Een reddingsoperatie per helicopter kost tienduizend gulden per uur”, schat marketing-directeur W. van Tiel van Europeesche, de marktleider in reisverzekeringen die sinds de overname van branchegenoot Schrenkler 'ruim een derde' van deze markt (totale omvang ongeveer 400 miljoen gulden) in handen heeft. Behalve voor een reddingsactie (een afdaling over de piste in de banaanvormige brancard kost enkele honderden guldens) betaalt de verongelukte skiër voor opname en operatie in een ziekenhuis.

De Britse reisverzekeraar Home & Overseas schat dat de kosten van medische behandeling in populaire ski-gebieden dit jaar met tien procent zullen toenemen. “In Tirol neemt het aantal inwoners in de winter toe van ruim 500.000 tot 2,5 miljoen”, signaleert een woordvoerer van ANWB-verzekeraar Unigarant. “De kosten voor verzorging in een privé-kliniek rijzen dan de pan uit.”

Dat is nog niet alles. Een gipsvlucht met de KLM van Insbruck naar Amsterdam, kost all in ongeveer vijfduizend gulden. Gipsvluchten worden georganiseerd door de grote reisverzekeraars. Als er onvoldoende lotgenoten zijn moet de ongelukkige vakantieganger met een gebroken been zes stoelen reserveren voor een gewone lijnvlucht, waarmee de totale kosten al gauw boven de tienduizend gulden uitkomen.

Voor vergoeding van kosten van repatriëring en reddingsoperaties klopt de wintersporter zonder reisverzekering tevergeefs aan bij particuliere verzekeraar of ziekenfonds. Deze kosten staan in de reisverzekering meestal gerangschikt onder de post 'onvoorzien'. “Bij veel verzekeraars kan de consument tegen premiekorting een onderdeel van de dekking schrappen”, zegt M. Burk van de Consumentenbond. “Onvoorziene kosten zijn echter het belangrijkste onderdeel van de reisverzekering, dat mag nooit worden weggelaten.”

Ook het onderdeel geneeskundige hulp is soms van belang in de reisverzekering. Ziekenfondsverzekerden krijgen medische behandeling alleen vergoed in landen waarmee Nederland daarover een verdrag heeft afgesloten. In niet-verdragslanden als Zwitserland en de Verenigde Staten (een bestemming voor minder dan én procent van de Nederlandse wintersporters, maar sterk in opkomst) kan de ziekenfondsverzekerde dus geen enkele aanspraak maken. In verdragslanden wordt bovendien niet meer vergoed dan een lokale ziekfondsverzekerde zou ontvangen.

Particulier verzekerden zijn binnen Europa meestal gedekt voor de kosten van medische hulp. Voor 'dure landen' buiten Europa is vaak een aanvullende dekking nodig, omdat de kosten voor opname in een ziekenhuis tot maximaal 200 procent van de Nederlandse tarieven vergoed worden.

Tot de meest voorkomende ski-ongevallen behoort nog steeds de beenbreuk, ofschoon het aandeel van dit klassieke skiletsel door de steeds geavanceerder veiligheidssystemen op alpine ski's de laatste jaren afneemt. Volgens artsen van alarmcentrale SOS International behoren daarnaast ski-duimen (veroorzaakt door een ongelukkige val met de skistok in de hand), verdraaide knieeën en in toenemende mate hoofdletsel tot de belangrijkste ongevallen van skiërs. SOS International, eén van de zeven grote Nederlandse alarmcentrales (hulpverlening voor onder meer De Europeesche, de Amersfoortse en Reaal) vervoert jaarlijks tussen de achthonderd en duizend Nederlanders vanaf wintersportbestemmingen voortijdig naar huis.

De prijzen waarvoor verzekeraars een aflopende reispolis (voor de duur van de vakantie) aanbieden, lopen in Nederland niet sterk uiteen. Volgens Burk van de Consumentenbond moet de vakantieganger in het algemeen rekening houden met 1,75 gulden tot 1,90 per dag. Voor de skiër (73 procent van de Nederlandse wintersporters deed in 1994 aan alpine skiën) komt daar per dag ongeveer 2 gulden bovenop. Langlaufers (16 procent van de wintersporters) moeten rekening houden met een opslag van ongeveer een gulden.

Snowboarders (7 procent) en skiërs die zich off piste begeven, doen er volgens manager ledenfaciliteit E. Pals van de Nederlandse Ski Vereniging verstandig aan te controleren of deze activiteiten in de polisvoorwaarden niet zijn uitgesloten. “Dat is belangrijker dan een vergelijking van prijzen”, meent hij. Off piste (negen van de tien ski-ongevallen hebben buiten de piste plaats), monoskiën en snowboarden worden bij de meeste, maar niet bij alle verzekeraars standaard in de polis meegenomen.

Pals benadrukt voorts dat dekking van de meer extreme vormen van skiën zoals heli-skiën en toertochten bij de meeste maatschappijen onverzekeraarbaar zijn. Skiërs die zich zonder begeleiding wagen op een afgesloten piste met de aanduiding 'lawinegevaar' hoeven volgens Pals vrijwel nooit op een vergoeding van eventuele schade te rekenen.

“Gezien het relatief hoge risico van een wintersportvakantie is het niet verwonderlijk dat het percentage onverzekerde vakantiegangers in de winter met 13 procent relatief laag ligt , zegt A. Schalekamp van onderzoeksbureau Nipo. In de zomer gaat 21 procent van de vakantiegangers zonder verzekering op weg.

In tegenstelling tot sommige verzekeraars in Angelsaksische landen hanteren Nederlandse verzekeraars voor 65-plussers die actief op wintersport willen geen strengere voorwaarden of hogere tarieven. Alleen de uitkering bij blijvende invaliditeit of ongeval (tussen de 60 en 175 duizend gulden) is voor mensen ouder dan 65 of 70 jaar aanzienlijk lager.

De vakantieganger die naast de winter- ook op zomervakantie gaat kan met een doorlopende reisverzekering soms een aanzienlijk voordeel behalen. Volgens gegevens van Continu Vakantie Onderzoek had 26 procent van de wintersporters in 1994 een doorlopende reisverzekering, dit percentage neemt sinds enkele jaren toe.

De goedkoopste doorlopende reisverzekering is in april vorig jaar door de Postbank op de markt gebracht: De Blue Travel Polis, waarvan er intussen honderdduizend zijn verkocht, biedt een reisverzekering voor het hele jaar tegen een bodemtarief van 45 gulden. Money View Nederland tekent daarbij aan dat de Travel Polis een relatief hoog eigen risico heeft van 200 gulden. Bovendien moet de vakantieganger de werelddekking (voor een vakantie buiten Europa) of wintersportdekking afzonderlijk voor een periode van 21 of 45 dagen meeverzekeren.

De concurrentie levert ongezouten kritiek op het laaggeprijsde produkt van de Postbank, die met een marktaandeel van 9 procent op de reismarkt nog niet tot de grootsten behoort, maar in opkomst is. “Een mager kaal verzekeringsachtig produkt”, oordeelt Van Tiel van de Europeesche. “Voor 45 gulden biedt de Postbank een minimale dekking”, zegt product manager M. Snaas van reisspecialist Elvia die in 1994 voor 76 miljoen gulden aan premie heeft omgezet. Behalve voor ziekte, ongeval en onvoorziene kosten kan in de reisverzekering een dekking voor diefstal of beschadiging van bagage worden opgenomen. De consumentenbond waarschuwt dat verzekeraars meestal slechts een percentage van de aanschafprijs vergoeden. “De nieuwwaarde wordt alleen vergoed als goederen minder dan een jaar oud zijn”, zegt Burk. Volgens Pals van de Nederlandse Ski Vereniging hanteren de meeste verzekeraars voor ski's een afschrijvingstermijn van vier tot vijf jaar.

Diverse verzekeraars wijzen op de voorzichtigheidsclausule die in de bagageverzekering is opgenomen. “Verzekerde moet als een goed huisvader zorg dragen voor zijn bagage”, zegt directeur A. Vos van Interpolis dat 22 procent van de reismarkt in handen heeft. Dit betekent bijvoorbeeld dat waardevolle eigendommen tussen 22.00 uur en 7.00 uur niet in de kofferbak van de auto mogen achterblijven. Volgens Pals van de NSV hoeft de wintersporter die ski's tijdens de lunch onbewaakt in een ski-rek voor het terras plaatst niet te vrezen. “Dat wordt natuurlijk anders als de ski's tot 's avonds laat buiten naast de kroeg blijven staan”, voegt hij eraan toe.

Bagageverzekering is traditioneel het meest fraudegevoelige onderdeel van de reisverzekering, maar volgens de meeste verzekeraars is de fraude in het wintersportsegment relatief beperkt. Volgens Vos heeft de Oostenrijkse politie met grenscontroles vakantiegangers die met valse aangiftes geld probeerden te incasseren de moed ontnomen. “De Oostenrijkse politie kon regelmatig vakantiegangers aanhouden die het land uit reden met ski's op de imperiaal die als gestolen waren opgegeven.”

Dit ontmoedigingsbeleid van de politie in Oostenrijk (bestemming voor 54 procent van de Nederlandse wintersporters) heeft het lage fraude-percentage nog verder gereduceerd. “In elk geval wordt er in de winter minder gefraudeerd dan in de zomer”, signaleert een verzekeraar. “Wintersporters zijn toch een ander slag mensen.”

    • Michiel van Nieuwstadt