Herenglossy

Dat “nette herenglossies in dit land nauwelijks een markt (hebben)”, zoals Jort Kelder in NRC Handelsblad van 28 december schrijft, moge op zichzelf misschien waar zijn, maar het bewijs dat hij daarvoor aanvoert - “zoals het recente faillissement van de Nederlandse uitgave van Esquire nog eens aantoonde” - is ontoereikend.

Een jaar geleden ben ik gedurende twee maanden interim-hoofdredacteur van Esquire geweest en op grond van die ervaring kan ik u melden dat aan dat faillissement heel wat méér oorzaken ten grondslag hebben gelegen dan de zwakke markt voor dit soort bladen. Esquire is voor een zeer belangrijk deel ten gronde gericht door het zakelijke en (voor zover je daar in dit verband van kunt spreken) journalistieke wanbeleid van de directeur-eigenaar, die na mijn vertrek in februari óók hoofdredacteur werd. Overigens is niet Esquire failliet verklaard, maar de uitgeverij waarin de titel was ondergebracht. Het blad dat een breed spoor van onbetaalde rekeningen door de Nederlandse journalistiek heeft getrokken, verschijnt binnenkort gewoon bij een andere uitgever. En met dezelfde hoofdredacteur. Zo gaan die dingen.