Een rondje EU met fl.1000,-

Grafiek: De invoering van de 'euro' zal een enorme efficiëntieverbetering van het Europese betalingsverkeer opleveren.

Denk eens in: een reislustige Nederlander begint in Nederland met een bedrag van 1.000 gulden een rondreis langs alle EU-lidstaten. Alvorens te vertrekken naar een volgende EU-lidstaat wisselt hij telkens zijn geld in de geldeenheid van het land van bestemming om. Zo wisselt de reiziger bijvoorbeeld 1.000 gulden in 386 Britse ponden om. Als de reiziger deze rondreis afsluit, keert hij uiteindelijk met slechts 554,39 gulden in Nederland terug. Met andere woorden: een wisselkoersverlies van 445,61 gulden. Ofwel gemiddeld ruim 4,1 procent van het totale bedrag bij iedere wisseltransactie.

Daarenboven is de reiziger voor iedere wisseltransactie in een EU-lidstaat gemiddeld ongeveer 1,50 gulden aan provisiekosten kwijt (niet in de grafiek).

De invoering van de euro vergt een investering van op zijn minst 16 miljard tot 21 miljard gulden. Dit blijkt uit een onderzoek dat de federatie van Europese banken onder 110 commerciële banken binnen de EU heeft gehouden. De federatie gaat ervan uit dat zestig procent van deze kosten zal samenhangen met de fysieke invoering van de munt, zoals het ombouwen van geldautmaten, het veranderen van bankpassen en het innemen van 'oud' geld. De overige veertig procent betreft onder andere het wegvallen van inkomsten uit geldwisseltransacties.

    • Diederik van Erven Dorens