Vrijlating, maar ook aanhouding moslims

SARAJEVO, 5 JAN. De Bosnische Serviërs hebben gisteren de laatste dertien van de zestien moslims die ze de afgelopen weken in een Servische wijk van Sarajevo oppakten, vrijgelaten. Volgens de regering in Sarajevo hebben de Serviërs echter gisteren opnieuw drie mensen aangehouden.

De dertien moslims, onder wie twee kinderen, werden gisteren overgedragen aan Franse militairen van de internationale vredesmacht IFOR. Ze zeiden goed te zijn behandeld. De drie eerder gisteren vrijgelaten moslims waren tijdens hun gevangenschap mishandeld en beroofd van de meeste van hun bezittingen die ze bij zich hadden toen ze werden aangehouden.

Volgens de Bosnische Serviërs hebben de zestien moslims zich schuldig gemaakt aan “illegale activiteiten” en zouden ze een proces moeten krijgen. De vrijlatingen zijn het resultaat van zware druk van IFOR en de internationale gemeenschap. De Europese Unie dreigde gisteren een deel van een hulppakket voor de Bosnische Serviërs achter te houden als de gevangen moslims niet zouden worden vrijgelaten.

De regering in Sarajevo meldde gisteren dat de Serviërs in de wijk Ilidza opnieuw drie burgers uit Sarajevo hebben opgepakt, een moslim, een Bosnische Serviër en een Bosnische Kroaat.

De VN-hulporganisatie UNHCR heeft tijdelijk de hulpverlening aan Centraal-Bosnië gestaakt als gevolg van een conflict met de Bosnisch-Kroatische autoriteiten, die een 'belasting' van vijftig kuna (tien dollar) per vrachtwagen eisten. De UNHCR weigerde dat omdat de hulporganisatie nergens ter wereld belasting hoeft te betalen op hulpgoederen. Bovendien heeft de UNHCR op grond van internationale regels en het Bosnische vredesakkoord volledige bewegingsvrijheid en mogen konvooien niet worden aangehouden.

Volgens de 'minister' van landbouw van de 'Republiek Herceg-Bosna' - de eenzijdig opgerichte territoriale entiteit van de Kroaten in Bosnië - ging het niet om een belasting, maar om een vergoeding voor de inspectie van de vrachtwagens door de douane van Herceg-Bosna. Als de UNHCR bezwaar maakt tegen de betaling van die vergoeding, kan ze schriftelijk verzoeken daarvan vrijgesteld te worden, aldus de 'minister'.

Dat weigerde de UNHCR echter, met het argument dat de eenzijdig uitgeroepen 'Republiek Herceg-Bosna' niet bestaat (en overigens op grond van het Bosnische vredesakkoord had moeten worden opgeheven) en dat derhalve ook de douane van die 'republiek' niet bestaat. De ruzie werd bijgelegd toen de Bosnische Kroaten lieten weten dat de UNHCR niets hoeft te betalen. (Reuter, AP, AFP)