Weesp wenst geen jeans in synagoge

WEESP, 4 JAN. De argeloze wandelaar loopt de Weesper synagoge gemakkelijk voorbij. Binnen herinnert alleen een permanente tentoonstelling op de vrouwengalerij aan de geschiedenis van de joodse gemeente in Weesp. De begane grond is een kale ruimte, sinds het arbeidsbureau er twee jaar geleden uit vertrok. De gemeente, die de synagoge in 1985 aankocht, heeft met man en macht geprobeerd een nieuwe geschikte huurder voor het pand te vinden. Tevergeefs. Uiteindelijk werd een koper gevonden die in de synagoge een winkel met spijkerbroeken wil beginnen. Het voorlopig koopcontract is inmiddels getekend. De gemeenteraad beslist op 18 januari over de verkoop.

“De synagoge moet behouden blijven, hij mag niet worden verkocht”, zegt de gereformeerde predikant uit Weesp, ds. D. Pruiksma. Acht collega's - onder wie drie priesters - en vier rabbijnen zeggen hem dat na. Zij vinden dat het gebouw deel uitmaakt van het culturele erfgoed van de stad en dat dientengevolge een passender bestemming moet worden gevonden dan nu dreigt. En als de gemeente dat niet lukt, doen wij het, zeggen zij.

Eind deze week heeft Pruiksma ruim 250 brieven verstuurd naar alle bedrijven op het industrieterrein van Weesp. “We vragen de bedrijven om een vaste bijdrage. Daarna willen we de middenstand benaderen en de plaatselijke bevolking. We hebben niet de pretentie om de synagoge voor de eeuwigheid te bewaren, maar toch zeker tot de eeuwwisseling”, zegt Pruiksma. Zijn comité hoopt de komende vier jaar dertigduizend gulden per jaar bijeen te krijgen. Wanneer de gemeente daar jaarlijks vijftienduizend gulden op toelegt, kan aan de huurprijs (55.000 gulden per jaar) worden voldaan.

Dr. W.E. Renkema, wethouder financiën, vindt het persoonlijk heel wat waard wanneer de synagoge in gemeenschapsbezit blijft. “Als het Pruiksma lukt het geld bij elkaar te krijgen, kan er over gepraat worden. Onze pogingen zijn gestrand.”

De synagoge aan de Nieuwstraat dateert van 1840. Het aantal joden in Weesp en omgeving bedroeg in 1911 75. Veel van hen dreven een manufacturenzaak. Er woonden ook 'spekjoden' in het stadje, niet-religieuze joden. De verbondenheid met het koningshuis was in Weesp, net als elders binnen joodse gemeenten, groot. Op 6 januari 1937 werd in de synagoge een dank- en bidstond gehouden ter gelegenheid van het voorgenomen huwelijk van prinses Juliana en prins Bernhard. Ruim drie jaar later sloeg de Duitse bezetter toe. Van de 68 joden die Weesp nog in 1941 telde, keerden slechts negen na de Tweede Wereldoorlog in het plaatsje terug. Drie van hen drie verhuisden al snel naar een andere plaats. Toen al was het voortbestaan van de synagoge in gevaar. Als voorwaarde gold immers dat “er minstens tien mannelijke joden van boven de dertien jaar” in de gemeente moesten wonen.

De Permanente Commissie tot de Algemene Zaken van het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap (NIK) gaf in 1949 toestemming de synagoge te verkopen. 'Garage Knol' stond jarenlang op de voorgevel. Vervolgens werd het arbeidsbureau er gehuisvest. Nu is het wachten op een nieuwe bestemming.

“Natuurlijk kiezen wij voor een culturele bestemming. Maar veel te kiezen hebben wij niet”, zegt NIK-secretaris drs. J. Sanders. In Weesp herinneren alleen nog de synagoge en een gevelsteen aan de eertijdse aanwezigheid van de joodse gemeente. Oudere inwoners van Weesp kennen de namen nog van hun joodse stadsgenoten. In zijn boek over de geschiedenis van de joodse gemeenschap in Weesp voorspelt D. van Zomeren dat “in een niet zo verre toekomst ook die herinneringen er niet meer zullen zijn”.

    • Anneke Visser