'Varkensboer niet binden aan fosfaat-maximum'

UTRECHT, 4 JAN. Varkenshouders behoeven in de toekomst niet te worden gebonden aan een maximale hoeveelheid fosfaat die op hun bedrijf via mest vrijkomt. Invoering van een mineralenboekhouding met heffingen zal de verlaging van de uitstoot van schadelijke stoffen vanzelf stimuleren. Terugdringing van het fosforgehalte in voer is een van de middelen om het mestprobleem te verkleinen.

Dat stellen het Centrum voor Landbouw en Milieu en het Proefstation voor de varkenshouderij in een vandaag gepresenteerd rapport dat werd opgesteld voor de federatie van land- en tuinbouworganisaties LTO Nederland, waarin de mogelijkheden zijn verkend voor een herstructurering van de varkenshouderij. Het rapport is aangeboden aan secretaris-generaal mr. T.H.J. Joustra van het ministerie van landbouw, natuurbeheer en visserij.

Het rapport somt mogelijkheden op die kunnen worden bekeken in de discussies over de toekomst van de varkenshouderij in Nederland. In die discussies spelen de mestmaatregelen waarover de ministers Van Aartsen (LNV) en De Boer (VROM) en de Tweede Kamer het eind vorig jaar eens zijn geworden een belangrijke rol. De varkenshouders vrezen de dupe te worden van die maatregelen, zoals de invoering van een mineralenboekhouding voor intensieve boerenbedrijven, en heffingen.

De onderzoekers doen in het rapport voornamelijk globale aanbevelingen voor de toekomst van de varkenshouderij, een sector die zwaar onder druk staat. Ze menen dat vooral de aard van het voer - nu vooral snijmaïs - aardig wat mogelijkheden biedt om de fosfaatuitscheiding te verlagen. Fosfaat is een van de mineralen in mest die belastend zijn voor het milieu. Verlaging van het fosforgehalte in voer kan de komende jaren leiden tot een vermindering van fosfaatuitscheiding door vleesvarkens met 29 procent ten opzichte van 1992.

Verder wordt in het rapport gepleit voor ontwikkeling van levensvatbare varkensbedrijven. Modernisering in de varkenshouderij kan tot de eeuwwisseling leiden tot 7 procent minder fosfaatuitscheiding en 16 procent minder ammoniakuitstoot ten opzichte van 1992, zo stellen de onderzoekers.

Zij pleiten verder voor 'uittreedpremies' voor varkenshouders die ermee stoppen. Het saneringsfonds van 475 miljoen gulden dat Van Aartsen wil instellen moet vooraf niet te strikt worden toebedeeld aan bedrijfsontwikkeling, uittreedpremies of het opkopen van mestproduktierechten. Er moet flexibel kunnen worden ingespeeld op toekomstige ontwikkelingen, aldus een van de aanbevelingen in het rapport.