De grens geslecht tussen spel en parodie

Voorstelling: Back in town, door Het Groot Niet Te Vermijden (Anton van der Burgh, Peter Tinke, Jochem Kroon, Bert van Bommel en Louis Kockelmann). Regie: Rien Kroon. Gezien: 3/1 in de Kleine Komedie, Amsterdam. Aldaar t/m 13/1. Tournee t/m 15/6. Inl. 015-159415.

Achter de woorden Het Groot Niet Te Vermijden volgde tot dusver de ironisch bedoelde aanduiding Dans- en Show-orkest. Het ging - en gaat - immers om vijf muzikanten die gespecialiseerd zijn in een muzikaal soort variété-theater met clowneske trekken en parodistisch raffinement. Gewapend met een veelzijdig instrumentarium en talloze vocale variaties werd - en wordt - een veelvoud aan stijlen te berde gebracht, waarbij de krakkemikkigste muzieksoorten vaak een bron van uitbundig vermaak vormen.

Ook nu de naam is ingekort, put Het Groot Niet Te Vermijden uit repertoire van alle windstreken. Uitgedost in Sovjet-legerjassen wordt een Russische ballade aangeheven, de doedelzak begeleidt een Schotse worstelwedstrijd, de sfeer van een wee zondagochtendkoffieconcert wordt kracht bijgezet door een kwartet blokfluiten en quasi-middeleeuws gezang, een slap hammondorgeltje versterkt een foxtrot-orkestje voor bruiloften & partijen en even later klinken de laffe klanken op van een cocktailbar-combootje. En in elk van die genres excelleert dit vijfkoppige ensemble alsof het nooit iets anders heeft gespeeld.

Daarbij wordt volop gebruik gemaakt van de blikvangerstalenten van de droogkomische trompettist-ceremoniemeester Bert van Bommel, die ook optreedt als shanty-zanger en saloon crooner, en van saxofonist-charmezanger Louis Kockelmann, die zich tevens inleeft in het ijdele vertoon van een moderne goochelaar en met grote precisie het nasale belcanto van een half-invalide country-ster imiteert.

Maar meer dan vorige keren lijkt Het Groot Niet Te Vermijden er nu op uit te zijn de scheidslijn tussen parodie en puur spel te doen vervagen. Back in town biedt, meer dan voorheen, ruimte voor de eigen muzikantenvoldoening in nummers die niet om te lachen zijn. Zo is het hoogtepunt van de voorstelling, een imposant oosters trommelnummer, allang geen persiflage meer: hier wordt muziek gemaakt door vijf mannen die weliswaar met succes de lachwekkende kanten van hun vak uitbuiten, maar het daarbij niet langer willen laten.

    • Henk van Gelder