CDA moet realistisch oppositie voeren; Deetman: dualisme bij paars neemt af

DEN HAAG, 4 JAN. Tweede-Kamervoorzitter W. Deetman roept zijn eigen partij, het CDA, op realistisch oppositie te voeren. Volgens Deetman moet de oppositie in de Kamer behalve “vitaal zijn” ook “met beide benen op de grond staan”. Verder is volgens Deetman het - aanvankelijk veel geprezen - dualisme tussen Kamer en regering fors afgenomen. Deetman zei dit vanmorgen tijdens een ontmoeting met de parlementaire pers in Den Haag.

Een jaar geleden was Deetman, sprekend over het dualisme, er juist waarderend over dat in de eerste maanden van het paarse kabinet het zogeheten Torentjesoverleg, waarin de regering vóór Kamerdebatten overleg voert met regeringsfracties, was afgenomen. Vanochtend stelde hij vast dat “het leven sterker is dan de leer, alle ideeën over politieke vernieuwing ten spijt”.

Met zijn uitlating over oppositie voeren reageerde Deetman vanochtend op eerdere uitlatingen van premier Kok. De premier kritiseerde eind vorig jaar indirect het ontbreken van een actieve oppositie. Volgens Deetman, die zelf lid is van de CDA-fractie in de Tweede Kamer, is het “heel slim” van Kok om tegen de oppositie te zeggen: 'U heeft geen oppositie gevoerd'. De Tweede-Kamervoorzitter wees er echter op dat iedere oppositiepartij - zodra deze regeringsverantwoordelijkheid draagt - herinnerd wordt aan de uitspraken die in de periode van oppositie zijn gedaan.

De uitlatingen van Deetman komen op een moment dat in zijn eigen partij discussie wordt gevoerd over de wijze van oppositie voeren. In het weekeinde kritiseerde vice-voorzitter Lodders uitspraken van vice-fractievoorzitter De Hoop Scheffer, die zei dat het CDA “met de scherpe floret en desnoods met de moker” oppositie moet bedrijven. Net als Lodders onderstreept Deetman nu dat het CDA vanuit een gouvernementele opstelling oppositie moet voeren.

GroenLinks stelde vorig jaar van alle partijen in de Tweede Kamer de meeste vragen aan het kabinet. De Kamerleden Rabbae, Vos en Sipkes namen dertien van de in totaal 84 mondelinge vragen voor hun rekening. Individueel scoorde Kamerlid Janmaat (CD) met zes vragen het hoogst. Bij de schriftelijke vragen blijft GroenLinks de andere partijen ook ver voor. Sipkes en Vos voeren de top vijf aan van de meest frequente vragenstellers. In die kopgroep komt geen enkel lid van de grootste oppositiepartij, het CDA, voor.

Een kleine 50.000 mensen volgden vorig jaar een plenair debat vanaf de publieke tribune. Dat is bijna een verdubbeling ten opzichte van 1994 toen ruim 25.000 mensen een bezoek aan de vergaderzaal van de Kamer brachten. Het aantal mensen dat de debatten en de vragenuurtjes voor de televisie volgde steeg ook aanzienlijk.

Het hoogst scoorde het debat op 2 maart over de omstreden aanleg van de A73 in Limburg met ruim 200.000 kijkers. Het debat met minister Sorgdrager (justitie) over de gouden handdruk die zij verleende aan de Amsterdamse procureur-generaal Van Randwijck werd door 190.000 televisiekijkers gevolgd. De live-uitzendingen van de verhoren door de parlementaire enquêtecommissie over de opsporingsmethoden van de politie hadden een gemiddelde van 65.000 kijkers. De uitzendingen kregen een gemiddelde waardering van 7.1. De laatste dag dat Sorgdrager door de commissie-Van Traa werd verhoord had met 180.000 het hoogste aantal kijkers.