AEX zaait verdeeldheid boven 500-grens

AMSTERDAM, 4 JAN. Ruim drie procent koerswinst heeft het Damrak er in de eerste twee dagen van 1996 al opzitten. Vanmorgen brak de AEX-aandelenindex voor de tweede achtereenvolgende dag door de grens van 500 punten. Daarmee nemen Nederlandse aandelen een flink voorschot op de ramingen die bij banken en effectenhuizen circuleren voor de koersniveau's op de effectenbeurs voor eind 1996. Maar, zo luidt de eensluidende conclusie op de financiële markten: er zit meer in het vat. Dat 'meer' verschilt overigens sterk, en ook over de weging van verschillende sectoren zijn de analisten niet eensluidend. Afhankelijk van de prognoses over de kapitaalmarktrente, de economische groei, de bedrijfswinsten en de dollarkoers, variëren de schattingen van 510 punten tot 550 punten voor de AEX aan het einde van dit jaar.

Een voortzetting van de huidige vertraging van de economische groei in Nederland resulteert in lagere bedrijfswinsten, maar ook een laag renteniveau, waarbij financiële waarden als banken en verzekeraars vaak de voorkeur hebben. Een opleving van de economische groei kan daarentegen juist de 'cyclische' conjunctuurgevoelige sectoren als de chemie en basisindustrie een tweede jeugd geven op de effectenbeurs, maar heeft het risico van een hogere rente.

Barclays de Zoete Wedd (BZW) gaat uit van een CBS-all share index van 360 punten eind 1996, tegen een slot van 321,5 eind vorig jaar. Voor de AEX-index komt dat neer op een stijging naar rond 550 punten. BZW gaat daarbij uit van een lage groei-lage inflatiescenario voor de Nederlandse economie, waarin de bedrijfswinsten met 10,8 procent groeien en de rente stabiel blijft. Kern van BZW's optimisme is een iets hogere waardering voor aandelen tegenover de obligatiemarkt. Favorieten zijn de mediasector, waarin vooral VNU, de financiële waarden en individuele aandelen als KPN en Nutricia. Koninklijke Olie en Unilever staan juist op de verkooplijst. “Die zijn in het vierde kwartaal op Wall Street al ver genoeg opgetild”, zegt F. van Schaik van BZW. In het feit dat Amerikaanse beleggers op de eigen beurs al in buitenlandse aandelen zijn gestapt, ziet hij als een mogelijk voorteken voor grotere Amerikaanse belangstelling voor Europa. En dat kan de koersen verder helpen. Risico's van de prognose zijn een onverwacht snelle economische groei in Europa in 1996, met een mogelijke schrikreactie op de obligatiemarkt die de aandelenkoersen onder druk zet. Als de lage economische groei in Europa omslaat in een recessie, gaat dat ten koste van de bedrijfswinsten, en dus ook van de koersen.

Ook Paribas Capital Markets is positief voor de Nederlandse markt, en voorziet een AEX-index van 540 aan het eind van 1996, die wordt gedragen door een stijging van de bedrijfswinsten met 13 procent in het lopende jaar. Omdat Paribas ook optimistisch is over rente-ontwikkeling en de kracht van de dollar, kan de stijging nog hoger uitvallen. De Britse investment-tak van de bank beveelt aan om bij beleggingen meer nadruk te leggen op electronica, chemie, en diensten en juist minder op de bouwsector, papier en kantoorprodukten, transport en de overige industrie. De Amerikaanse investeringsbank J.P. Morgan die in Europees perspectief een overweging van Nederland aanbeveelt, hanteert een doelstelling van 530 punten voor de AEX aan het einde van het jaar en 560 punten half 1997.

Iris, het onderzoeksinstituut van Rabo en Robeco zit met zijn prognoses in het midden. “Het afgelopen jaar is het jaar geweest van de financiële waarden, dit wordt het jaar van de cyclische fondsen, zegt analist M. van der Giessen. Iris verwacht dat de Amerikaanse economie na een zwak eerste kwartaal dit jaar weer aantrekt, gevolgd door de Europese landen. Met name cyclische, conjunctuurgevoelige, ondernemingen kunnen daarmee een voorschot nemen op de tweede conjunctuurpiek die daar in Europa uit resulteert. De AEX-prognose voor eind 1996 stelt Iris op 535 punten.

Veel minder positief zijn de huizen van de grootbanken, ABN Amro Hoare Govett en ING Barings. ABN Amro Hoare Govett raamt een AEX-index tegen het jaareinde van 515 procent, bij een winstgroei voor het bedrijfsleven van 13 procent. De bank meldt een voorkeur voor energie, media en diensten en is terughoudend over de bouw, basisindustrie en duurzame consumptiegoederen.

ING Barings komt zelfs niet verder dan 510 punten aan het einde van het jaar bij een groei van de bedrijfswinsten van 7 tot 8 procent (uitgezonderd Shell). De bank gaat uit van een vertraging van de economische groei in Europa in het eerste halfjaar, bij een blijvend lage inflatie, en een langduriger economische groeivertraging in de Verenigde Staten tot 1 procent in 1997. Dat levert een beeld op van een voorlopig lage rente op de kapitaalmarkt en de geldmarkt. “De lange (kapitaalmarkt-) rente kan naar 5,5 procent in Duitsland en Nederland, en kan zich de rest van het jaar rond dat niveau bewegen,” zegt Ph. Menco van ING Barings. Hij voorziet nog een bescheiden monetaire versoepeling in zowel de VS als Europa, waarbij een lagere 'korte' geldmarktrente de kapitaalmarktrente mee omlaag trekt. Dat is in eerste instantie goed voor de prijzen van aandelen, omdat de lage rente als alternatief voor beleggers minder aantrekkelijk wordt. Menco ziet de rente op dit moment als een van de voornaamste factoren voor de ontwikkeling van de aandelenkoersen. Een stijgende AEX-index van 540 punten in het eerste halfjaar is daarom goed denkbaar, zij het dat de koersen in de rest van het jaar terugzakken tot een AEX-niveau van rond de 510 punten.

ING Barings hanteert vooralsnog voor Nederland een voorkeur voor uitgevers, duurzame consumptiegoederen, bouw en KPN en heeft reserves over de sectoren kapitaalgoederen en transport. De bank beraadt zich dezer weken overigens op zijn sectorvoorkeur.

    • Maarten Schinkel