Langste man hoopt op nóg een krankzinnig jaar

HAARLEM, 3 JAN. Basketballers zijn doorgaans geen kleine jongens. Toch wisten zelfs de deelnemers aan de veertiende Haarlemse Basketball Week nauwelijks wat ze zagen toen Rob Zwaan vorige week een paar wedstrijdjes in het Extran Sportcenter kwam bijwonen. Vergeleken bij hem waren de veelal duur betaalde profs uit het buitenland met een gemiddelde lengte van circa twee meter niet meer dan dreumesen.

Volgens het Guinness Book of Records is de 2.23 meter lange Zwaan de langste Nederlander. Door die lengte heeft de 27-jarige Noordhollander “een fantastisch maar krankzinnig 1995” achter de rug. Afgelopen voorjaar vloog hij eerst naar Californië voor een proeftrainingen bij het NBA-team van de Golden State Warriors, niet veel later zat hij in het vliegtuig naar Japan voor een oefensessie bij een topploeg uit Tokio. Kan hij dan zo goed basketballen? “Ben je gek. Toen ik het vliegtuig naar San Francisco instapte, had ik zelfs nog nooit een wedstrijd gespeeld”, klinkt het lachend.

Het fantastische maar kranzinnige 1995 begon voor Zwaan bij een concert op zomaar een avond in De Melkweg in Amsterdam. Zoals altijd viel hij op. Niets bijzonders, daar was hij wel aan gewend. Opeens was daar echter een Amerikaan, Jeff Weller, die wilde weten of hij basketbalde. Zwaans ontkenning deerde hem niet: “Maakt niet uit met jouw lengte. Als je wat gaat oefenen, zorg ik dat je in Amerika aan de bak kunt.” Is Weller een basketbalscout die in Nederland op zoek was naar talenten? “Welnee, hij is de manager van verschillende rockbands”, zegt Zwaan.

Hoe Weller het precies voor elkaar heeft gekregen, begrijpt hij nog steeds niet, maar niet veel later ontving Zwaan van de manager een vliegticket naar San Francisco. Hij mocht Don Nelson, de coach van de Warriors, laten zien wat hij waard was als basketballer.

“Voor ik naar Amerika ging heb ik me nog wel aangemeld bij een club in Nederland”, zegt Zwaan, die voor de grote bezuinigingsoperaties werkzaam was Fokker. “Om toch een beetje een idee van het spel te krijgen, want ik had het niet alleen nog nooit gespeeld, ik had me er ook nog nooit voor geïnteresseerd. Weller stuurde me daags voor vertrek ook nog een fax met wat namen van bekende basketballers in de NBA. Zodat ik een beetje kon meepraten met iedereen en niet als een volslagen leek over zou komen.”

Zwaan ontmoette Nelson en de spelersgroep van de Warriors vlak voor een NBA-wedstrijd. “Iedereen was zeer vriendelijk. Na afloop van het duel moest ik in in die enorme arena waar ze hun thuiswedstrijden spelen zelf een partijtje spelen. Met en tegen verschillende oud-spelers. Nelson zat langs de lijn. Hij was onder de indruk van mijn motoriek. 'Heel goed voor iemand van jouw lengte', zei hij. Maar ja, hij zag natuurlijk ook meteen dat ik geen basketballer was. Dat ik nog te veel moest leren. Kortom, hij kon me niet gebruiken.”

Zwaan was “absoluut niet teleurgesteld”. Hij had Weller, die gedurende drie weken zijn gastheer was in Californië, al zo vaak gezegd dat het “gewoon” niets kon worden. Maar de Amerikaan bleef geloven in een basketbaltoekomst voor de blonde reus. Als het niet in de Verenigde Staten kon, dan maar in Japan. Hij benaderde alle topteams in het Aziatische land. Eén club reageerde: Zwaan en zijn 'agent' mochten in juni langskomen voor een try-out. De club betaalde de business-class tickets en de verblijfskosten gedurende het midweek-arrangement, zoals Zwaan zijn vijfdaagse trip naar Tokio graag noemt.

De coach van het team zag het volgens Zwaan, die in de Japanse hoofdstad door zijn lengte een paar keer voor verkeersopstoppingen zorgde, helemaal in hem zitten. “De oefensessies gingen goed. Bij het vertrek was ik daarom redelijk optimistisch. Ik zou spoedig van ze horen. Maar uiteindelijk bleek dat de geldschieter van de club zijn veto over me had uitgesproken. Hij durfde het niet aan en wilde op safe spelen door een ervaren Amerikaan aan te trekken.”

Dat was “toch wel een beetje een teleurstelling, want even leek het er redelijk goed uit te zien”. Lang zat Zwaan echter niet bij de pakken neer. Op aanraden van Warriors-coach Nelson meldde hij zich dit seizoen aan bij Bleu Stars, een rayonclub die wordt getraind door Dejan Vidicki, een kennis van Nelson. Sindsdien heeft Zwaan volgens eigen zeggen behoorlijk wat progressie geboekt. “Vooral de rebounds gaan steeds beter.”

Zit het er alsnog in, een carrière bij een internationale of 'desnoods' een nationale topclub? Hij haalt lachend zijn schouders op. Met zijn 27 jaar en een basketbalverleden van nog geen twaalf maanden rekent Zwaan nergens op. Maar de grijns op zijn gezicht spreekt voor zich: hij heeft geen bezwaar tegen nóg een krankzinnig jaar.

    • Paul de Lange